
Bosch
BetterFood app
Ontdek je nieuwe apparaat met
duizenden flexibele recepten!
●
Vegan, low-carb of glutenvrij? Je kunt alle
recepten aanpassen aan je voorkeuren.
●
Ontdek recepten voor de ingrediënten die
je al in huis hebt.
●
Gezond koken gemakkelijk gemaakt –
dankzij het Nutri-Check
gezondheidskompas.
●
Vind in de recepten de optimale
instellingen voor je gekoppelde apparaten.
Deze app is uitsluitend in bepaalde Europese landen en talen
beschikbaar.
Gratis
downloaden
Inductiekookplaat
PIX...HC..
[nl] Gebruikershandleiding

nl Inhoudsopgave
U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de
QR-code op de titelpagina.
InhoudsopgaveInhoudsopgave
1 Veiligheid ................................................................. 2
2 Materiële schade voorkomen ................................. 4
3 Milieubescherming en besparing .......................... 5
4 Geschikt kookgerei ................................................. 5
5 Uw apparaat leren kennen ...................................... 6
6 Voor het eerste gebruik .......................................... 7
7 Software-update ...................................................... 8
8 De Bediening in essentie ........................................ 8
9 Favorietenknop ....................................................... 9
10 FlexInduction ......................................................... 9
11 Tijdfuncties .......................................................... 10
12 PowerBoost ......................................................... 11
13 PanBoost .............................................................. 11
14 Warmhoudfunctie ................................................ 11
15 Instellingen overnemen ...................................... 12
16 PerfectFry Sensor ............................................... 12
17 Kinderslot ............................................................ 13
18 Pauze ................................................................... 13
19 Individuele veiligheidsuitschakeling ................ 13
20 Basisinstellingen ................................................ 13
21 Kookgerei-test .................................................... 15
22 HomeConnect ................................................... 15
23 Afzuigregeling van het kookveld ...................... 17
24 Reiniging en onderhoud .................................... 18
25 Storingen verhelpen ........................................... 19
26 Afvoeren .............................................................. 20
27 Servicedienst ...................................................... 20
28 Informatie over vrije software en opensource-
software ............................................................... 21
29 Conformiteitsverklaring ..................................... 21
30 Testgerechten ..................................................... 22
Veiligheid 1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in
acht.
1.1 Definitie van de signaalwoorden
Hier vindt u de betekenis van de in deze hand-
leiding gebruikte signaalwoorden.
WAARSCHUWING
Neem deze aanwijzingen in acht om mogelijk
ernstig of dodelijk letsel te vermijden.
LET OP
Neem deze aanwijzingen in acht om schade
aan het apparaat of andere materiële schade
te vermijden.
Opmerking: Dit wijst u op belangrijke informa-
tie.
1.2 Algemene aanwijzingen
¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door.
¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-
raatpas en de productinformatie voor later
gebruik of voor volgende eigenaren.
¡ Sluit het apparaat in geval van transport-
schade niet aan.
1.3 Bestemming van het apparaat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door
geschoold personeel worden aangesloten. Bij
schade door een verkeerde aansluiting kunt u
geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een
deskundige montage volgens de montage-
handleiding. De installateur is verantwoordelijk
voor een goede werking op de plaats van op-
stelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
¡ om voedsel en dranken te bereiden.
¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-
cessen ononderbroken in het oog.
¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten
ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-
veau.
2

Veiligheid nl
Gebruik het apparaat niet:
¡ met een externe timer of een separate af-
standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-
val dat de werking middels de door
EN50615 genoemde apparaten wordt uitge-
schakeld.
Als u een actief, geïmplanteerd medisch appa-
raat (zoals een pacemaker of defibrillator)
draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoet aan
de Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990
alsmede EN 45502-2-1 en EN 45502-2-2, en
conform VDE-AR-E 2750-10 is geselecteerd,
geïmplanteerd en geprogrammeerd. Als aan
deze voorwaarden wordt voldaan en er boven-
dien non-ferro pannen met non-ferro handgre-
pen worden gebruikt, kan deze inductiekook-
plaat zonder bezwaar worden gebruikt, mits dit
natuurlijk op de juiste wijze gebeurt.
1.4 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinde-
ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,
sensorische of geestelijke beperkingen of met
gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-
der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het
veilige gebruik van het apparaat en de daaruit
resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet
worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze
15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8
jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel
kunnen komen.
1.5 Veilig gebruik
WAARSCHUWING‒Brandgevaar!
Zonder toezicht koken op kookplaten met vet
of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-
ken.
Verlies hete oliën en vetten daarom nooit uit
het oog.
Nooit proberen om een vuur met water te
blussen, maar het apparaat uitschakelen en
dan de vlammen bijv. met een deksel of een
blusdeken afdekken.
Het kookvlak wordt erg heet.
Nooit brandbare voorwerpen op het kook-
vlak of in de directe omgeving leggen.
Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren.
Het apparaat wordt heet.
Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen
bewaren in laden direct onder de kookplaat.
Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-
gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door over-
verhitting, in brand vliegen of ontploffende ma-
terialen.
Dek de kookplaat niet af.
Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofd-
schakelaar uitschakelen.
Niet wachten tot de kookplaat automatisch
uitschakelt omdat er zich geen potten en
pannen meer op bevinden.
Levensmiddelen kunnen vuur vatten.
Er moet toezicht worden gehouden op het
kookproces. Een korte procedure moet per-
manent worden gecontroleerd.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-
den!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en
zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een
eventueel aanwezig kookplaatframe.
Wees voorzichtig om het aanraken van ver-
warmingselementen te voorkomen.
Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de
buurt worden gehouden.
Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-
vallen leiden.
Nooit kookplaatbeschermroosters gebruiken.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
Het apparaat voor het schoonmaken laten
afkoelen.
Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet
op de kookplaat.
Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals
messen, vorken, lepels of deksels, op de
kookplaat.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische
schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel
mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonder-
delen worden gebruikt voor reparatie van het
apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-
aansluitkabel van dit apparaat beschadigd
raakt, moet deze worden vervangen door
een speciale netaansluitkabel of speciale ap-
paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de
fabrikant of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-
schadigd, moet het door geschoold vakper-
soneel worden vervangen.
3

nl Materiële schade voorkomen
Een beschadigd apparaat of een beschadigd
netsnoer is gevaarlijk.
Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
Is het oppervlak gescheurd, dan het appa-
raat uitschakelen om een mogelijke elektri-
sche schok te vermijden. Hiervoor het appa-
raat niet aan de hoofdschakelaar, maar via
de zekering in de meterkast uitschakelen.
Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-
paraat van het elektriciteitsnet te scheiden.
Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-
ken.
Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-
schadigd, dan direct de zekering in de me-
terkast uitschakelen.
Neem contact op met de klantenservice.
Pagina20
Binnendringend vocht kan een elektrische
schok veroorzaken.
Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-
bruiken om het apparaat te reinigen.
Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-
latie van elektrische apparaten smelten.
Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektri-
sche apparaten nooit in contact komt met
hete onderdelen van het apparaat.
Contact van metalen voorwerpen met de zich
aan de onderkant van de kookplaat bevinden-
de ventilator kan leiden tot een elektrische
schok.
Bewaar geen lange, puntige metalen voor-
werpen in de lade onder de kookplaat.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van
de pan en de kookzone, kunnen kookpannen
plotseling omhoog springen.
Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem
van de pan altijd droog zijn.
Nooit bevroren kookgerei gebruiken.
Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de
kookplaat en kookvorm barsten door overver-
hitting.
De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-
rect contact komen met de bodem van de
pan die met water is gevuld.
Gebruik alleen hittebestendige vormen.
Een apparaat met een gebarsten of gebroken
oppervlak kan tot snijwonden leiden.
Het apparaat niet gebruiken als het opper-
vlak ervan gebarsten of gebroken is.
WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over
het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en
stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-
ren houden.
Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal
spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen
of inslikken en hierdoor stikken.
Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen
houden.
Kinderen niet met kleine onderdelen laten
spelen.
Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomen
Hier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen.
Schade Oorzaak Maatregel
Vlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden.
Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegene
met hoog suikergehalte.
Onmiddellijk met een schraper voor vitrokera-
mische kookplaat verwijderen.
Vlekken, defecten of
breuken in het glas
Defect kookgerei, kookgerei met gesmolten
emaille of kookgerei met koperen- of alumini-
umbodem.
Gebruik geschikt kookgerei dat in een goede
conditie is.
Vlekken, verkleurin-
gen
Ongeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-
schikt zijn voor glaskeramiek en reinig de
kookplaat alleen wanneer deze koud is.
Defecten of breuken
in het glas
Stoten of vallend kookgerei, kookaccessoires
of andere harde of scherpe voorwerpen.
Bij het koken niet tegen het glas stoten of
voorwerpen op de kookplaat laten vallen.
Krassen, verkleurin-
gen
Ruwe pannenbodems of het verplaatsen van
de pan op de kookplaat.
Kookgerei controleren. Kookgerei bij het ver-
plaatsen optillen.
Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets
op te zetten of als werkvlak.
4

Milieubescherming en besparing nl
Schade Oorzaak Maatregel
Schade aan het appa-
raat!
Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken.
Schade aan de pan
of aan het apparaat
Koken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hete
kookzone plaatsen of verhitten.
Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone of
hete deksels van pannen op het glas.
Geen bakpapier of aluminiumfolie en geen
kunststof containers of pandeksels op de
kookplaat leggen.
Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel of
op het kader.
Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-
den.
LET OP
Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over een
ventilator.
Als er zich onder de kookplaat een lade bevindt, be-
waar daarin dan geen kleine of scherpe voorwerpen,
geen papier en geen theedoeken. Deze voorwerpen
kunnen aangezogen worden en de ventilator bescha-
digen of de koeling belemmeren.
Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-ingang
moet een minimale afstand van 2cm worden aange-
houden.
Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-
nen worden hergebruikt.
De afzonderlijke componenten op soort gescheiden
afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat
minder energie.
Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past.
Het kookgerei gecentreerd plaatsen.
Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-
eenkomt met de diameter van de kookzone.
Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendi-
ameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bo-
demdiameter.
Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedekte
kookzones verbruiken veel energie.
Pannen afsluiten met een passend deksel.
Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaat
aanzienlijk meer energie nodig.
Deksel zo min mogelijk oplichten.
Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel ener-
gie.
Glazen deksel gebruiken.
Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-
der het deksel op te lichten.
Pannen met vlakke bodem gebruiken.
Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruik
hoger.
Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-
middel.
Groot kookgerei met weinig product heeft meer ener-
gie nodig om op te warmen.
Met weinig water koken.
Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meer
energie is er nodig om op te warmen.
Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand.
Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie.
Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgerei
Een voor inductiekoken geschikt kookgerei moet een
ferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-
neet worden aangetrokken, en verder moet de bodem
even groot zijn als de kookzone. Wanneer het kookgerei
op een kookplaat niet herkend kan worden, plaats dan
het kookgerei op een kookplaat met de eerstvolgende
kleinere diameter.
4.1 Grootte en kenmerken van het kookgerei
Om het kookgerei correct te herkennen, moet u met de grootte en het materiaal van het kookgerei rekening houden.
Alle panbodems moeten volledig vlak en glad zijn.
Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei geschikt is.
"Kookgerei-test", Pagina15
5

nl Uw apparaat leren kennen
Kookgerei Materialen Eigenschappen
Aanbevolen kookge-
rei
Roestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-
dem welke de warmte goed verdeelt.
Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,
warmt snel op en waarborgt zijn herkenning.
Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerd
staal, gietijzer, of speciale pannen voor induc-
tie van edelstaal.
Dit kookgerei warmt snel op en wordt veilig
herkend.
Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetische op-
pervlak kleiner is dan de bodem van het kook-
gerei, warmt alleen het ferromagnetische op-
pervlak op. Daardoor verdeelt de warmte niet
gelijkmatig.
Kookgereibodems met aluminiumaandeel. Deze bodems van het kookgerei verkleinen
het ferromagnetische oppervlak, waardoor
minder vermogen aan het kookgerei wordt af-
gegeven. Het kan zijn dat deze pannen onvol-
doende of helemaal niet worden herkend en
daarom ook onvoldoende worden verwarmd.
Niet geschikt Kookgerei van normaal dun staal, glas, aar-
dewerk, koper of aluminium.
Opmerkingen
Gebruik tussen de kookplaat en de pan in principe
geen adapterplaten.
Verwarm geen leeg kookgerei en geen kookgerei met
dunne bodem, omdat deze zeer sterk verhit kunnen
raken.
Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Bedieningspaneel
Individuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwijken van de illustratie.
A
C
B
C
Letter Aanduiding
Hoofdschakelaar
Instelbereik
Kookzone
Opmerking: Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd
schoon en droog is.
Tip: Plaats geen kookgerei in de buurt van de displays
en knoppen. De elektronica kan oververhit raken.
Touch-velden
Wanneer de kookplaat opwarmt, lichten de symbolen
van de knoppen op die op dat moment beschikbaar
zijn.
6

Voor het eerste gebruik nl
Sensor Functie
Hoofdschakelaar
Kookzone kiezen
Instelbereik
PowerBoost
Combineren/scheiden van de kookzones
PerfectFry Sensor
Timerfuncties
Kinderslot
Pauze
Favorietenknop
Connectiviteit
Displays
Display Functie
Uitschakeltimer
PerfectFry Sensor
- Vermogensstanden
Kinderslot
Knoppen in combinatie met Home Connect
Zodra de verbinding met Home Connect is gerealiseerd,
dan zijn de volgende knoppen en displays beschikbaar:
Sensor Functie
Instellingen van een ander apparaat overne-
men
Wanneer brandt, zoek dan in de HomeConnect app
naar meer informatie.
5.2 Verdeling van de kookzones
Het aangegeven vermogen wordt gemeten met de ge-
normeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn be-
schreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootte
of materiaal van het kookgerei variëren.
B
C
A
Gebied Hoogste stand
Vermogensstand 9
PowerBoost
2200W
3700W
Vermogensstand 9
PowerBoost
3300W
3700W
Ø 14,5 cm Vermogensstand 9
PowerBoost
1600W
2200W
Ø 21cm Vermogensstand 9
PowerBoost
2500W
3700W
In de vermogensstand 9 bereikt de kookplaat het in de
tabel aangegeven vermogen, om de voorverwarmingstij-
den te verkorten, en houd dit gedurende een zekere tijd
aan, zolang er geen andere kookzone aan dezelfde kan
in bedrijf is.
5.3 Kookzone
Controleer voordat u met het koken begint of het for-
maat van de pan bij de kookzone past waarmee u
kookt:
Gebied Type kookzone
/ Kookzone met enkele kring
Flex-Zone
"FlexInduction", Pagina9
5.4 Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-
indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt, mag u
de kookzone niet aanraken.
Indicatie Betekenis
De kookzone is heet.
De kookzone is warm.
Voor het eerste gebruik6 Voor het eerste gebruik
Houd de volgende adviezen aan.
6.1 Eerste reiniging
Verpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwijde-
ren en het oppervlak met een vochtige doek afvegen.
Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelen vindt u
op de officiële website
www.bosch-home.com
.
Meer informatie over onderhoud en reiniging.
Pagina18
7

nl Software-update
6.2 Koken met inductie
Vergeleken met gangbare kookplaten brengt inductieko-
ken enkele veranderingen met zich mee en biedt het
een aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-
ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudiger
onderhoud en reiniging. Het biedt ook een betere warm-
teregeling, omdat de warmte direct in het kookgerei
wordt opgewekt.
6.3 Kookgerei
Een lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op de of-
ficiële website
www.bosch-home.com
.
Meer informatie over het passende kookgerei.
Pagina5
6.4 Home Connect instellen
Als u het apparaat voor de eerste keer inschakelt, wordt
de instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op het
display licht gedurende enkele seconden op.
Tik om het verbinden met Home Connect te starten op
en houd de aanwijzingen in hoofdstuk aan.
Om de instelling te beëindigen, de kookplaat uitschake-
len.
U kunt de instelling HomeConnect ook op een ander
tijdstip uitvoeren.
Software-update7 Software-update
Wanneer het apparaat met HomeConnect is verbonden,
dan kunnen enkele functies via een software-update be-
schikbaar zijn.
Verdere informatie over de beschikbaarheid van derge-
lijke functies vindt u op de website
www.bosch-
home.com
De Bediening in essentie8 De Bediening in essentie
8.1 Kookplaat inschakelen
Raak aan.
Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzones
en de momenteel beschikbare functies branden. In
de kookzone-indicaties brandt .
De kookplaat is gebruiksklaar.
ReStart
Wanneer u het apparaat binnen 4seconden na het
uitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat in
werking met de vorige instellingen.
8.2 De kookplaat uitschakelen
aanraken tot de indicaties doven.
Alle kookzones zijn uitgeschakeld.
Opmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 59se-
conden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaat
uit.
8.3 De vermogensstand in de kookzones
instellen
De kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot
met tussenwaarden worden weergegeven. Kies de
vermogensstand die voor het product en de geplande
bereiding het meest geschikt is.
1.
Tik op het gewenste kookzonedisplay .
en branden.
2.
Selecteer de gewenste vermogensstand in het instel-
gebied.
De vermogensstand is ingesteld.
Opmerkingen
Wanneer er geen kookgerei op de kookplaat staat, of
de pan niet geschikt is, dan knippert de gekozen ver-
mogensstand. Na een bepaalde tijd wordt de kookzo-
ne uitgeschakeld.
Als de kookplaat ingeschakeld is en u geschikt kook-
gerei op een van de flexibele kookzones plaatst, dan
wordt deze zone automatisch geselecteerd. Niet-flexi-
bele kookzones moet u handmatig selecteren.
QuickStart
Als u vóór het inschakelen van het apparaat een of
meerdere pannen op een kookzone plaatst, herkent
de kookplaat deze en kiest de kookplaat automatisch
de kookzone voor één van de pannen. Vervolgens in
de volgende 59 seconden de vermogensstand kie-
zen, anders schakelt de kookplaat zelf uit.
Kookstand wijzigen en kookzone uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
De gewenste vermogensstand kiezen of op instel-
len.
De vermogensstand van de kookzone wordt gewij-
zigd of de kookzone wordt uitgeschakeld.
8.4 Kookadviezen
De tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor
welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd (
)kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de
dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. Om voor te
verwarmen, vermogensstand 8 - 9 instellen.
Smelten
Boter, honing, gelatine 1-2 -
Verwarmen en warm houden
Gekookte worstjes
1
3-4 -
1
Zonder deksel
8

Favorietenknop nl
Ontdooien en opwarmen
Spinazie, diepvries 3-4 15-25
Stoven, sudderen
Aardappelballetjes
1
4.5-5.5 20-30
Geklopte sauzen, bijv. bearnai-
sesaus, hollandaisesaus
3-4 8-12
Koken, stomen, stoven
Rijst met dubbele hoeveelheid
water
2.5-3.5 15-30
Aardappelen in schil 4.5-5.5 25-35
Pasta
1
6-7 6-10
Soepen 3.5-4.5 15-60
Groente 2.5-3.5 10-20
Eenpansgerecht met de snel-
kookpan
4.5-5.5 -
Sudderen
Stoofvlees 4-5 60-100
Goulasch
2
3-4 50-60
Roosteren/Braden met weinig
vet
1
Schnitzel, al dan niet gepaneerd 6-7 6-10
Steak, 3 cm dik 7-8 8-12
Borst van gevogelte, 2cm dik 5-6 10-20
Hamburger (2 cm dik) 6-7 10-20
Vis en visfilet, gepaneerd 6-7 8-20
Garnalen en krab 7-8 4-10
Sauteren van verse groente en
paddestoelen
7-8 10-20
Diepvriesgerechten, bijv. roer-
bakgerechten
6-7 6-10
Omelet (na elkaar bakken) 3.5-4.5 3-10
Braden (150 tot 200g per por-
tie in 1 tot 2l olie, in porties
frituren)
1
Diepvriesproducten, bijv. frites,
kipnuggets
8-9 -
Groente, paddestoelen, gepa-
neerd, in bierdeeg of in tempura
6-7 -
Klein gebak, bijv. beignets, Berli-
ner bollen, fruit in bierdeeg
4-5 -
Favorietenknop9 Favorietenknop
Met de functie kunt u twee functies of kookinstellingen
kiezen, welke dan op snel toegankelijk zijn.
9.1 Favorietenknop functies toekennen
Vereiste: Het apparaat met Home Connect verbinden.
Meer informatie vindt u onder Home Connect
1.
Om functies toe te kennen, de Home Connect app
openen en de aanwijzingen opvolgen.
2.
Zodra u de functies heeft toegekend, kunt u deze ge-
bruiken:
Functie 1: kort drukken.
Functie 2: lang drukken.
Opmerking: Wanneer u geen functie heeft toegekend,
dan schakelt zich uit na het inschakelen van de kook-
plaat.
FlexInduction10 FlexInduction
De flexibele kookzone maakt het voor u mogelijk om
kookgerei in gelijk welke vorm of grootte naar wens te
plaatsen. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhanke-
lijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone in
gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat
door de pan wordt bedekt.
10.1 Plaatsen van het kookgerei
De flexibele kookzone kan op twee manieren worden
geconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordt
gebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmte-
verdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecen-
treerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weerge-
geven.
Als een gecombineerde kookzone
Aanbevolen voor het komen met slechts één stuk kook-
gerei.
Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de groot-
te:
Aanbevolen langwerpig kookgerei :
1
Zonder deksel
2
Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.5
9

nl Tijdfuncties
Als twee gescheiden kookzones
Aanbevolen voor het koken met twee stukken kookge-
rei.
U kunt de voorste en achterste zone gescheiden van el-
kaar gebruiken en voor elke een eigen vermogensstand
instellen.
10.2 Schakel FlexInduction in
1.
Plaats het kookgerei op de kookzone.
2.
Het apparaat herkent het kookgerei en kiest de kook-
zone.
Al naar gelang de grootte en positie van de pan wor-
den de kookzones automatische gescheiden of ver-
bonden.
Als de flexibele zone is verbonden, brandt helder-
der.
Opmerkingen
U kunt de instellingen van de kookzones handmatig
wijzigen door op te drukken.
Wanneer u het kookgerei van een actieve verbonden
kookzone verplaatst of optilt, start automatische een
zoekfunctie. Elke kookgerei, dat bij deze zoekactie
binnen de kookzone wordt gevonden, wordt ver-
warmd met de eerder gekozen kookstand.
Tijdfuncties11 Tijdfuncties
Uw kookplaat beschikt over verschillende functies voor
het instellen van de bereidingstijd:
Uitschakeltimer
Timer
Aan de knop is standaard de functie Uitschakeltimer
toegekend. U kunt de sensor echter ook aan één van
de hierboven genoemde functies toekennen.Deze instel-
lingen kunt u via de Home Connect app of onder Basis-
instellingen wijzigen
Pagina13
.
11.1 Uitschakeltimer
Maakt de programmering mogelijk van een bereidings-
tijd voor één of meerdere kookzones en hun automati-
sche uitschakeling na het verstrijken van de ingestelde
tijd.
Uitschakeltimer inschakelen
1.
Kies de kookzone en de gewenste vermogensstand.
2.
Op tippen.
en branden.
3.
Stel binnen de volgende 10 seconden in het instelge-
bied de gewenste bereidingstijd in.
U kunt de tussenwaarden tussen 1 minuut en 9 mi-
nuten in stappen van 30 seconden instellen. Kies
hiervoor de tussenliggende waarden met .
Om een tijd in seconden te kiezen, bijv. 1h 30min,
de getallenreeks 1 - 3 - 0 in het instelgebied kie-
zen. Wanneer u een tijd van meer dan 60 minuten
kiest, dan wordt de tijd automatisch in uren weer-
gegeven.
4.
Raak aan om te bevestigen.
De bereidingstijd begint af te lopen. 1 minuut voor het
verstrijken van de geselecteerde tijd klinkt een sig-
naal. U kunt de toestand van het levensmiddel contro-
leren en indien nodig de bereidingstijd verlengen.
Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de
kookzone uit en er klinkt een signaal.
Opmerkingen
Wanneer in een kookzone, waarin PerfectFry Sensor
is geactiveerd, een bereidingstijd is geprogrammeerd,
begint de geprogrammeerde bereidingstijd af te tel-
len, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt.
Druk, om de aanwijzing tussen de functietemperatuur
PerfectFry Sensor en de geprogrammeerde berei-
dingstijd te wisselen, op de gekozen temperatuur.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen
1.
Kies de kookzone en raak vervolgens het symbool
aan.
2.
Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-
tijd, of zet deze op .
11.2 Timer
Maakt de activering van een timer mogelijk. Deze func-
tie is onafhankelijk van de kookzones en andere instel-
lingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch
uit.
Timer inschakelen
Vereiste: de functie toewijzen.
1.
Druk op .
2.
Kies de gewenste tijd.
De tijd begint af te lopen.
Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knip-
peren de displays.
10

PowerBoost nl
Timer wijzigen of uitschakelen
1.
Druk op .
2.
Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-
tijd, of zet deze op .
PowerBoost12 PowerBoost
Met de Powerboost-functie verhit u grote hoeveelheden
water sneller dan met .
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor
zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-
bruik is. Anders knipperen en in het display van de
gekozen kookzone. Dan wordt automatisch ingesteld
zonder de functie te activeren.
12.1 PowerBoost inschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan
De indicatie licht op.
De functie is geactiveerd.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met
samenhangende FlexZone inschakelen.
12.2 PowerBoost uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan.
De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt te-
rug naar de vermogensstand .
De functie is uitgeschakeld.
Opmerking: Om de elektronica-elementen binnenin de
kookplaat te beschermen, schakelt deze functie onder
bepaalde omstandigheden automatisch uit.
PanBoost13 PanBoost
Met deze functie verhit u pannen sneller dan met . De
PowerBoost functie niet met braadpannen gebruiken, de
coating kan daarbij beschadigd raken.
U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop
activeren.
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor
zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-
bruik is. Anders knipperen in de indicatie van de geko-
zen kookzone en . Vervolgens wordt automatisch
ingesteld.
13.1 Gebruiksadviezen
Leg geen deksel op de pan.
Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten.
Alleen koude pannen gebruiken.
Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen
pannen met dunne bodem gebruiken.
13.2 Schakel PanBoost in
Vereiste: de functie toewijzen. .
"Favorietenknop", Pagina9
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan.
brandt.
De functie is geactiveerd.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met
samenhangende FlexZone inschakelen.
13.3 PanBoost uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Vermogensstand kiezen.
dooft
De functie is uitgeschakeld.
Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden scha-
kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.
Warmhoudfunctie14 Warmhoudfunctie
Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter te
smelten en gerechten warm te houden.
U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop
activeren.
14.1 Schakel Warmhoudfunctie in
Vereiste: de functie toewijzen. .
"Favorietenknop", Pagina9
11

nl Instellingen overnemen
1.
Kies de gewenste kookzone.
2.
Raak aan.
brandt.
De functie is ingeschakeld.
14.2 Schakel Warmhoudfunctie uit
1.
Kies de kookzone.
2.
Op instellen
dooft.
De functie is uitgeschakeld.
Instellingen overnemen15 Instellingen overnemen
Met deze kunt u in de flexibele kookzone de gepro-
grammeerde vermogensstand en bereidingstijd van een
kookzone naar een andere kookzone overdragen.
15.1 Instellingen overnemen
Vereiste: Verplaats de pan naar een kookzone die niet
ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingesteld of waar-
op eerder geen andere pan stond.
1.
Verplaats het kookgerei.
Het kookgerei wordt herkend.
Op het display van de nieuwe kookzone knipperen af-
wisselend de eerder gekozen vermogensstand en .
2.
Kies de nieuwe kookzone om de instellingen over te
nemen.
De oorspronkelijke kookzone stelt zich op in.
De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overge-
dragen.
Opmerking: Wanneer een nieuw kookgerei op een an-
dere kookzone wordt geplaatst voordat de instellingen
werden bevestigd, kan deze functie voor het nieuwe
kookgerei worden gebruikt.
PerfectFry Sensor16 PerfectFry Sensor
Met deze functie kunt u smelten, sauzen bereiden, sau-
teren, frituren of braden, waarbij de temperatuur onder
controle wordt gehouden.
In de plaats van tijdens het koken telkens weer de ver-
mogensstand aan te passen, eenmaal de gewenste
temperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische
glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei
en houden deze tijdens het volledige kookproces con-
stant.
Deze functie is beschikbaar op de kookzones die met
zijn gemarkeerd.
Functies Temperatuur
Smelten 70-80ºC
Sauzen bereiden 110 - 120ºC
Braden 140ºC
Braden 160ºC
Braden 180-200ºC
Braden 220ºC
16.1 Aanbevolen kookgerei
Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld,
dat optimale resultaten levert.
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servi-
cedienst, de vakhandel of onze onlineshop
www.bosch-
home.com
.
Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Af-
hankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de be-
reikte temperatuur echter van de gekozen temperatuur-
stand afwijken.
16.2 PerfectFry Sensor inschakelen
1.
Plaats het lege kookgerei op een kookzone.
2.
Kies de kookzone.
3.
Druk op .
, en de vooringestelde temperatuur gaan branden
op het display van de geselecteerde kookzone.
4.
De temperatuur kiezen, door met de vinger over het
instelbereik te vegen.
knippert, tot de ingestelde temperatuur is bereikt.
De gekozen temperatuur en de ontwikkeling van de in
de pannen bereikte temperatuur knipperen afwisse-
lend, tot de gekozen temperatuur is bereikt.
De op de displays weergegeven temperatuur is een
benaderingswaarde en kan afwijken van de daadwer-
kelijke temperatuur in de braadpan.
Wanneer de temperatuur is bereikt, dan klinkt een
signaal en alsmede het temperatuursymbool hou-
den op te knipperen.
5.
Het braadvet en dan het product in de braadpan
doen.
12

Kinderslot nl
Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om
te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden
wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.
16.3 Schakel PerfectFry Sensor uit
Kies de kookzone en tik op .
16.4 Adviezen voor het koken met PerfectFry
Sensor
In de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel met
adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor.
Kinderslot17 Kinderslot
De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee
voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.
17.1 Kinderslot inschakelen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Raak gedurende 4 seconden aan.
brandt 10seconden lang.
De kookplaat is geblokkeerd.
17.2 Kinderslot deactiveren
1.
Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
2.
Raak gedurende 4 seconden aan.
De blokkering is opgeheven.
17.3 Automatisch kinderslot
U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het
uitschakelen van de kookplaat activeren.
Hoe u de functie activeert en deactiveert kunt u lezen in
het hoofdstuk basisinstellingen
Pagina13
.
Pauze18 Pauze
Met de functie kunt u actieve bereidingsprocessen tot
10 minuten onderbreken en hervatten zonder de geko-
zen instellingen te wijzigen.
De functie kunt u bijvoorbeeld voor het reinigen van het
bedieningspaneel inschakelen.
18.1 Pauze-functie activeren
Druk op .
In de kookzone-indicaties brandt .
Alle actieve bereidingsprocessen worden gestopt. De
instellingen blijven bewaard.
De functie is geactiveerd.
18.2 Pauze-functie deactiveren
Raak aan.
De functie is uitgeschakeld. De bereidingsprocessen
worden voortgezet.
Opmerking: Na 10 minuten schakelt de kookzone auto-
matisch uit.
Individuele veiligheidsuitschakeling19 Individuele veiligheidsuitschakeling
Wanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en u
geen instelling wijzigt, dan activeert u de veiligheidsfunc-
tie. De kookzone geeft weer en schakelt uit.
De tijd is afhankelijk van het geselecteerde vermogens-
niveau.
Vermogensstand Tijd
1,0 - 1,5 10 uur
Vermogensstand Tijd
2,0 - 3,5 5 uur
4,0 - 5,0 4 uur
5,5 - 6,5 3 uur
7,0 - 7,5 2 uur
8,0 - 9,0 1uur
Druk op een willekeurige button.
Basisinstellingen20 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw
wensen instellen.
13

nl Basisinstellingen
20.1 Overzicht van de basisinstellingen
Indicatie Instelling Waarde
Kinderslot
"Kinderslot", Pagina13
- Handmatig.
1
- Automatisch.
- Functie uitgeschakeld.
Akoestische signalen - Het bevestigingssignaal, het foutsignaal en het signaal
voor verkeerd gebruik zijn gedeactiveerd.
- Het foutsignaal is geactiveerd.
- Het bevestigingssignaal en het signaal voor verkeerd
gebruik zijn geactiveerd.
- Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld
1
.
Geluidsvolume van de akoestische signalen - Stil.
- Gemiddeld.
1
– Luid.
op het bedieningspaneel één van de tijd-
programmeerfuncties toekennen.
"Tijdfuncties", Pagina10
- Uitschakeltimer.
1
- Timer.
Vermogensbegrenzing
Daarmee kunt u indien nodig het totale ver-
mogen van de kookplaat vanwege de specifi-
caties van uw elektrische installatie begren-
zen. Houd de bepalingen van uw lokale elek-
triciteitsbedrijf aan. De beschikbare instellin-
gen zijn afhankelijk van het maximale vermo-
gen van de kookplaat. Overige informatie
vindt u op het typeplaatje. Wanneer de func-
tie is ingeschakeld en de kookplaat de inge-
stelde vermogensgrens bereikt, dan knippert
de gewenste en toegestane vermogensstand
en kunt u geen hogere vermogensstand kie-
zen.
Het vermogen wordt met elke stap met 500 W verhoogd.
– Uitgeschakeld. Maximale vermogen van de kookplaat
1
.
- 1000 W. Laagste vermogen.
. - 1500 W.
...
- 3000 W.
. - 3500 W.
- 4000 W.
. - 4500 W.
...
- Maximale vermogen van de kookplaat.
Demonstratiemodus
Demo-modus van de kookplaat. Wanneer u
de kookplaat inschakelt, brandt enkele se-
conden lang en verwarmen de kookzones
niet.
- Uitgeschakeld.
1
- Ingeschakeld.
Kookgerei-test
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het
kookgerei testen.
"Kookgerei-test", Pagina15
- Ongeschikt.
- Niet optimaal.
- Geschikt.
- Op kookplaat gebaseerd afzuigkapregeling
De instellingen vinden plaats afhankelijk van
het model afzuigkap.
"Overzicht van de instellingen van de afzuigkapbedie-
ning", Pagina18
Terugzetten naar de fabrieksinstellingen - Individuele instellingen
1
.
- Fabrieksinstellingen.
20.2 Naar de basisinstellingen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
1.
Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
2.
Binnen de volgende 10 seconden gedurende 4 se-
conden aanraken.
Productinformatie Indicatie
Klantenserviceoverzicht
Fabricagenummer
Fabricagenummer 1
Productinformatie Indicatie
Fabricagenummer 2
De eerste vier indicaties geven productinformatie
weer. Raak aan om de afzonderlijke indicaties weer
te geven.
3.
Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan.
en lichten op als voorinstelling.
4.
Raak net zo lang herhaald aan totdat de gewenste
instelling verschijnt.
1
Fabrieksinstelling
14

Kookgerei-test nl
5.
De gewenste instelling in het instelbereik kiezen.
6.
Raak gedurende 4 seconden aan.
De instellingen worden opgeslagen.
20.3 Wijzigen van de basisinstellingen
annuleren
Raak aan.
Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-
gen.
Kookgerei-test21 Kookgerei-test
De kwaliteit van het kookgerei heeft een grote invloed
op de snelheid en het resultaat van het kookproces.
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei
testen.
Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van
de pan met de diameter van de gebruikte kookzone
overeenstemt.
De toegang vindt plaats via de basisinstellingen.
Pagina13
21.1 Kookgerei-test uitvoeren
Vereiste: De flexibele kookzone is als enige kookzone
zo ingesteld dat deze slechts één enkele stuk kookgerei
controleert.
1.
Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca.
200ml water midden op die kookzone, waarvan de
diameter het best overeenkomt met de diameter van
de bodem van het kookgerei.
2.
Roep de basisinstellingen op en kies .
3.
Het instelgebied aanraken. In de kookzones knippert
.
De functie is ingeschakeld.
Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kook-
zonedisplay.
21.2 Resultaat controleren
In de volgende tabel wordt weergegeven wat het resul-
taat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces bete-
kent.
Resultaat
Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en
wordt daarom niet opgewarmd.
Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en
het kookproces verloopt niet optimaal.
Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces
is in orde.
Opmerking: Plaats in gevallen met ongunstige resulta-
ten het kookgerei opnieuw op een kleinere kookzone,
indien aanwezig.
Raak om de functie opnieuw te activeren het instelbe-
reik aan.
HomeConnect 22 HomeConnect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw ap-
paraat met een mobiel eindapparaat om functies te kun-
nen bedienen via de HomeConnect app, basisinstellin-
gen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te
bewaken.
De HomeConnect diensten zijn niet in elk land beschik-
baar. De beschikbaarheid van de functie HomeConnect
is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Ho-
meConnect diensten in uw land. Informatie hierover
vindt u op:
www.home-connect.com
.
De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-
dingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de in-
structies in de HomeConnect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiks-
aanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nage-
leefd wanneer u het apparaat via de HomeConnect
app bedient.
"Veiligheid", Pagina2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-
meConnectapp niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-
paraat max.2W nodig.
22.1 HomeConnect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en in-
geschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een ac-
tuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-
teem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-
vangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden
zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw
thuisnetwerk.
1.
Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de HomeConnect app instal-
leren en uw apparaat verbinden.
15

nl HomeConnect
2.
De aanwijzingen van de HomeConnect app opvol-
gen.
22.2 WiFi-symbool
De WiFi-indicatie op het bedieningspaneel wijzigt afhan-
kelijk van de status en de kwaliteit van de verbinding en
de beschikbaarheid van de HomeConnect server.
Status Beschrijving
Brandt statisch met halve
helderheid.
Geen netwerkverbinding
opgeslagen.
Knippert met volledige hel-
derheid.
Netwerkverbinding wordt
tot stand gebracht.
Brandt statisch met volledi-
ge helderheid.
Netwerkverbinding opgesla-
gen en WiFi actief.
Knippert. De netwerkinstellingen wor-
den gereset.
Uitgeschakeld. Netwerk niet actief.
22.3 Wifi-thuisnetwerk toevoegen of
verwijderen
In het volgende overzicht ziet u hoe u een wifi-thuisnet-
werk kunt toevoegen of verwijderen.
Wifi-thuisnetwerkstatus Handeling
Geen wifi-thuisnetwerk op-
geslagen.
Om het wifi-thuisnetwerk
toe te voegen, kort op
drukken.
Het wifi-thuisnetwerk is op-
geslagen.
Om een ander apparaat te
koppelen, lang op druk-
ken.
Het wifi-thuisnetwerk is op-
geslagen.
Om de instellingen van het
wifi-thuisnetwerk te reset-
ten, lang op drukken. Als
knippert, dan opnieuw
lang indrukken.
22.4 Netwerkverbinding deactiveren
ingedrukt houden. Als knippert, dan opnieuw
lang indrukken.
De verbinding met het WiFi-netwerk is gedeactiveerd
en de netwerkaansluitingen zijn gescheiden.
Opmerking: Om de netwerkverbinding opnieuw te acti-
veren, zie .
"Wifi-thuisnetwerk toevoegen of verwijderen",
Pagina16
22.5 Instellingen via de HomeConnect app
wijzigen
Met de HomeConnect app kunt u de instellingen voor
de kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen.
Vereiste: De kookplaat is met het thuisnetwerk en de
HomeConnect app verbonden.
1.
De instelling in de HomeConnect app uitvoeren en
naar de kookplaat sturen.
De aanwijzingen in de HomeConnect app opvolgen.
Instellingen die u vanuit de HomeConnect app naar
de kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat bevesti-
gen.
Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat worden
doorgestuurd, begint afhankelijk van de instelling de
betreffende kookzone-indicatie te knipperen.
2.
Druk op om de instellingen te bevestigen.
3.
Om de instelling te verwerpen, op een willekeurig an-
der touchveld van de kookplaat drukken.
22.6 Bluetooth®-herkenning activeren
Deze draadloze technologie maakt een automatische
aanwezigheidsherkenning mogelijk. Wanneer u zich in
de buurt van de kookplaat bevindt, hoeft u de instellin-
gen van uw mobiele eindapparaat niet meer op de
kookplaat te bevestigen. Wanneer u instellingen naar
een kookzone stuurt, kunt u deze direct vanaf uw mo-
biele eindapparaat bevestigen.
Vereisten
De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Ho-
meConnect app verbonden.
Het Bluetooth®-systeem is verbonden met het mobie-
le apparaat.
De gebruiker bevindt zich in de buurt van de kook-
plaat.
1.
Open de HomeConnect app.
2.
Volg om de Bluetooth®-herkenning in te stellen, de
aanwijzingen in de HomeConnect app op.
Opmerking: De Bluetooth®-verbinding wordt gedeacti-
veerd als de kookplaat uitgeschakeld wordt en in de
energiespaarmodus wordt gebracht. Daarnaast kan de
Bluetooth®-verbinding via de Home Connect app wor-
den gedeactiveerd.
22.7 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van
uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhel-
pen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates als-
mede voor extra functies en diensten.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde HomeCon-
nectgebruiker bent, de app op uw mobiele eindappa-
raat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Ho-
meConnectserver hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u
hierover via de HomeConnectapp geïnformeerd en
kunt u de software-update via de app starten. Na het
succesvol downloaden kunt u de installatie via de Ho-
meConnectapp starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk
(WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie
wordt u via de HomeConnectapp geïnformeerd.
De actuele softwareversie is in de HomeConnect app
onder de apparaatinformatie van het betreffende huis-
houdapparaat te vinden.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
– In de eerste stap van de download.
– In de tweede stap de installatie op uw apparaat.
Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blij-
ven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instel-
16

Afzuigregeling van het kookveld nl
lingen in de app kunnen software-updates ook auto-
matisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de instal-
latie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het
raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
22.8 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toe-
gang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de des-
betreffende wens tot de klantenservice richt, uw appa-
raat met de HomeConnect server verbonden is en de
diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat
gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de be-
schikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land
vindt u in het gedeelte service/support van de lokale
website:
www.home-connect.com
.
22.9 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de
persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt ver-
bonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aan-
gesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën
door aan de HomeConnect server (eerste registratie):
Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande
uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de inge-
bouwde WiFicommunicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodu-
le (voor de informatietechnische beveiliging van de
verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huis-
houdapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fa-
brieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Ho-
meConnect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie
dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u
voor het eerst van de HomeConnect functionaliteiten
gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de HomeConnect functionali-
teiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met
de HomeConnect app. Informatie over gegevensbe-
scherming kan worden opgeroepen in de HomeCon-
nect app.
Afzuigregeling van het kookveld23 Afzuigregeling van het kookveld
Wanneer de kookplaat en de afzuigkap HomeConnect-
compatibel zijn, verbindt u de apparaten in de Ho-
meConnectapp. Verbind daarvoor beide apparaten
met HomeConnect en volg de aanwijzingen in de app
op.
Opmerkingen
De bediening aan de afzuigkap heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is een bediening via de afzuigre-
geling van het kookveld niet mogelijk.
U kunt de verbinding met de afzuigkap alleen via de
HomeConnectapp realiseren.
23.1 Bediening van de afzuigkap via de
kookplaat
In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u het ge-
drag van uw afzuigkap afhankelijk van het inschakelen
en uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kook-
zones instellen.
Via de bedieningselementen van de kookplaat kunt u
nog meer instellingen uitvoeren.
Opmerking: Wanneer u deze instellingen voor uw kook-
plaat niet kunt vinden, controleer dan de instellingen van
de afzuigkap in de HomeConnect app, om de verbin-
ding te configureren.
Ventilator verbinden
Om de afzuigkap vanaf de kookplaat in te stellen,
moet u eerst de afzuigkapfunctie aan de Favorieten-
knop toewijzen.
"Favorietenknop", Pagina9
Wanneer u de afzuigkapfunctie toekent kunt u kiezen
uit ventilator instellen, automatische modus of verlich-
tingmodus.
Ventilator instellen
Vereiste: De functie is aan de Favorietenknop toege-
kend.
1.
Druk op .
2.
De gewenste instelling in het instelbereik kiezen.
U kunt de volgende instellingen kiezen:
Ventilator uit
Ventilatorstand 1
Ventilatorstand 2
Ventilatorstand 3
Intensiefstand 1
Intensiefstand 2
Automatische stand
Opmerking: Beschikbaar afhankelijk van het model
afzuigkap.
De ventilator is ingeschakeld.
3.
Druk op om de ventilator uit te schakelen.
Automatische modus inschakelen
U kunt de automatische functie via het bedieningspa-
neel van de kookplaat instellen.
Vereiste: De functie is aan de Favorietenknop toege-
kend.
1.
Druk op om de automatische werking in te schake-
len.
2.
Druk op om de automatische werking uit te scha-
kelen.
Verlichting van de afzuigkap instellen
U kunt de verlichting van de afzuigkap via het bedie-
ningspaneel van de kookplaat in- en uitschakelen.
17

nl Reiniging en onderhoud
Vereiste: De functie is aan de Favorietenknop toege-
kend.
1.
Druk op om de verlichting in te schakelen.
2.
Druk op om de verlichting uit te schakelen.
23.2 Overzicht van de instellingen van de afzuigkapbediening
In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u afhankelijk van het model afzuigkap het gedrag van uw afzuigkap af-
hankelijk van het inschakelen en uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kookzones instellen. Wanneer u deze
instellingen voor uw kookplaat niet kunt vinden, controleer dan de instellingen van de afzuigkap in de HomeConnect
app, om de verbinding te configureren. Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de af-
zuigkap.
Indicatie Instelling Waarde
Instelling of en hoe de ventilator automatisch in-
schakelt.
Automatisch starten van de ventilator
– Uitgeschakeld. De afzuigkap moet zo nodig
handmatig worden ingeschakeld.
– Ingeschakeld met handmatige modus. De afzuig-
kap wordt bij inschakelen van een kookzone op een
vooraf gedefinieerde stand ingeschakeld.
1,
– Ingeschakeld met automatische modus. De
afzuigkap wordt bij inschakelen van een kookzone
ingeschakeld in de automatische modus.
2
Instelling of, en hoelang de ventilator na uitschake-
len van de kookplaat blijft draaien.
Naventilatie
– De ventilator wordt samen met de kookplaat uit-
geschakeld
– Ingeschakeld met standaard naventilatie
– Geen wijziging van de instellingen
1,
– Ingeschakeld met automatische modus
2
De verlichting wordt bij inschakelen van de kook-
plaat ingeschakeld.
Automatisch inschakelen van de verlichting
– Uitgeschakeld
1
– Ingeschakeld
De verlichting wordt bij uitschakelen van de kook-
plaat uitgeschakeld.
Automatisch uitschakelen van de verlichting
1
– Uitgeschakeld
– Ingeschakeld
Reiniging en onderhoud24 Reiniging en onderhoud
24.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitroke-
ramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de klantenservi-
ce, in de webshop of in de vakhandel.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak-
ken van het apparaat beschadigen.
Nooit ongeschikte reinigingsmiddelen gebruiken.
Geen schoonmaakmiddelen gebruiken zolang de
kookplaat nog heet is. Dat kan tot verkleuring van het
oppervlak leiden.
Ongeschikte reinigingsmiddelen
Onverdund afwasmiddel
Reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine
Schuurmiddelen
Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of
vlekverwijderaars
Krassende sponzen
Hogedrukreinigers of stoomapparaten
24.2 Kookplaat reinigen
Reinig de kookplaat na elk gebruik, zodat kookresten
niet inbranden.
Vereiste: De kookplaat moet koud zijn. Laat alleen bij
suikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfolie
de kookplaat niet afkoelen.
1.
Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vitro-
keramische kookplaat.
2.
Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voor
glaskeramiek.
Houd de reinigingsinstructies op de verpakking van
het reinigingsmiddel aan.
Tips
Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u
goede reinigingsresultaten boeken.
Wanneer u de bodem van het kookgerei schoon
houdt, dan blijft het oppervlak van de kookplaat in
een goede conditie.
1
Fabrieksinstelling
2
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
18

Storingen verhelpen nl
24.3 Profielen reinigen
Wanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de profie-
len bevinden, reinig deze dan.
Opmerking: Geen schraper gebruiken.
1.
Reinigen met zeepsop en drogen met een zachte
doek.
Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwassen.
2.
Drogen met een zachte doek.
Storingen verhelpen25 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenser-
vice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Tip: Verbind uw apparaat permanent met de Home Connect app om automatisch software-updates te verkrijgen. Zo
worden fouten verholpen, prestatieverbeteringen doorgevoerd en nieuwe functies geüpload.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina20
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden
vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant
of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
25.1 Waarschuwing
Opmerkingen
Wanneer op de displays of verschijnt, de sensor
van de betreffende kookzone ingedrukt houden en de
storingscode aflezen.
Wanneer de storingscode niet in de volgende tabel
staat, de kookplaat loskoppelen van het elektriciteits-
net, 30 seconden wachten en de kookplaat weer aan-
sluiten. Verschijnt de indicatie opnieuw, neem dan
contact op met de servicedienst en geef de exacte
storingscode op.
Wanneer een fout optreedt, dan schakelt het apparaat
niet naar de spaarstand.
Om de elektrische onderdelen van het apparaat te
beschermen tegen oververhitting of stroomstoten, kan
het vermogensniveau van de kookplaat voor korte tijd
worden teruggebracht.
25.2 Aanwijzingen op het display
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er brandt geen enkele indicatie. De stroomtoevoer is onderbroken.
Controleer met behulp van andere elektrische apparaten of er sprake is van
een stroomstoring.
Het apparaat is niet volgens het schakelschema aangesloten.
Sluit het apparaat aan volgens het schakelschema.
Storing in de elektronica
Als u de storing niet kunt verhelpen, schakel dan de technische servicedienst
in.
De indicaties knipperen. Het bedieningspaneel is vochtig of wordt afgedekt door een voorwerp.
Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp.
De kookzone wordt niet geselec-
teerd als u er kookgerei op
plaatst.
Alleen de flexibele kookzones worden automatisch geselecteerd als u geschikt
kookgerei erop plaatst.
Selecteer handmatig kookzones die geen kookgerei automatisch herkennen.
, , , , De elektronica is oververhit en heeft één of alle kookzones uitgeschakeld.
Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Vervolgens een willekeurige
toets van het bedieningspaneel aanraken.
+ vermogensstand en geluids-
signaal
Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Daardoor kan de
elektronica oververhit raken.
Verwijder het kookgerei. Kort daarna verdwijnt de foutindicatie. U kunt het ko-
ken voortzetten.
19

nl Afvoeren
Storing Oorzaak en probleemoplossing
en geluidssignaal Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Ter bescherming
van de elektronica werd de kookplaat uitgeschakeld.
Verwijder het kookgerei. Wacht enkele seconden. Raak een willekeurig bedie-
ningsvlak aan. Wanneer de foutindicatie verdwijnt, kunt u verder gaan met ko-
ken.
/ De kookzone is oververhit geraakt en werd ter bescherming van het werkblad uit-
geschakeld.
Wacht tot de elektronica voldoende is afgekoeld en schakel aansluitend de
kookzone opnieuw in.
Instellingen overnemen wordt niet geactiveerd.
Raak een willekeurige sensor aan om de storingsaanwijzing te bevestigen. Zo-
als gebruikelijk koken zonder de functie Instellingen overnemen te gebruiken.
Contact opnemen met de Service.
De kookzone was gedurende een langere tijd en zonder onderbreking in gebruik.
Individuele veiligheidsuitschakeling is ingeschakeld. Voor het instellen van de
kookzone een willekeurige toets aanraken en het display uitschakelen.
/ De bedrijfsspanning is onjuist en ligt buiten het normale bedrijfsgebied.
Neem contact op met uw elektriciteitsbedrijf.
/ De kookplaat is niet op de juiste manier aangesloten.
Haal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Sluit de kookplaat aan
volgens het schakelschema.
De demo-modus is geactiveerd.
Schakel de demomodus uit in de basisinstellingen.
HomeConnect functioneert niet
correct.
Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
Ga naar
www.home-connect.com
.
De Hood Control functioneert niet
correct.
De functies van de Hood Control schakelen niet in.
Instellingen van het WiFi-thuisnetwerk resetten en opnieuw pairen
Animatie op de displays Onder bepaalde omstandigheden kan de kookplaat onderhoudstaken uitvoeren,
zoals bijvoorbeeld een firmware-update, een optimalisering of storingzoeken.
Wacht tot het proces is afgerond en schakel pas dan de kookplaat in.
25.3 Normaal geluid van uw apparaat
Soms kan een inductieapparaat geluiden of trillingen
veroorzaken zoals zoemen, sissen, knetteren, ventilator-
geluiden of ritmische geluiden.
Afvoeren26 Afvoeren
26.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle
grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
1.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trek-
ken.
2.
Het netsnoer doorknippen.
3.
Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor
kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoerme-
thoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeen-
stemming met de Europese richtlijn
2012/19/EU betreffende afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur
(waste electrical and electronic equip-
ment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de
in de EU geldige terugneming en ver-
werking van oude apparaten.
Servicedienst27 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor
de werking in overeenstemming met de desbetreffende
Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten min-
ste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen
van het apparaat binnen de Europese Economische
Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functie-
relevante en op voorraad liggende originele reserveon-
20

Informatie over vrije software en opensourcesoftware nl
derdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt bren-
gen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice
contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het
kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de
garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-
code op het meegeleverde document over de service-
contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenser-
vice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via
de QR-code op het meegeleverde document over de
servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze
website.
De informatie conform verordening (EU) 66/2014 en
(EU) 2023/826 vindt u online op
www.bosch-home.com
op de productpagina en de servicepagina van uw appa-
raat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende docu-
menten.
27.1 Productnummer (E-Nr.),
productienummer (FD) en volgnummer (Z-
Nr.)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het
productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en
het volgnummer (Z-Nr.) nodig. Deze nummers vindt u
op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje vindt u:
op de apparaatpas.
aan de onderkant van de kookplaat.
Het productnummer (E-nr.) vindt u ook op de glaskera-
miek. De servicedienstindex (KI) en het fabricagenum-
mer (FD) kunt u bovendien in de basisinstellingen
Pagina13
laten weergeven.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon-
nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gege-
vens noteren.
Informatie over vrije software en opensourcesoftware28 Informatie over vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat softwarecomponenten die door de
houders van de intellectuele eigendom als vrije software
of opensource-software zijn gelicentieerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huis-
houdapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licen-
tie-informatie via de HomeConnect app raadplegen:
'Profiel -> Juridische informatie -> Licentie-informatie'.
1
U
kunt de licentie-informatie ook downloaden via de merk-
productwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite
naar uw apparaatmodel en de bijbehorende documenta-
tie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie
ook aanvragen via [email protected] of BSH Haus-
geräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
De betreffende broncode wordt u op verzoek ter be-
schikking gesteld.
Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossre-
[email protected] of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-
Str. 34, D-81739 München.
Onderwerp: „OSSREQUEST“
De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden
u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie
jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedu-
rende de periode waarin wij support en reserveonderde-
len voor het betreffende apparaat bieden.
Conformiteitsverklaring29 Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de funda-
mentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder
www.bosch-home.com
op de productpagina
van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5MHz): max. 100mW
5-GHz-band (5150–5350MHz + 5470–5725MHz): max. 130mW
BE BG CZ DK DE EE IE el ES
FR HR IT CY LI LV LT LU HU
MT NL AT PL PT RO SI SK FI
SE NO CH TR IS UK (NI)
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
21

nl Testgerechten
AL GA MD ME MK RS UK UA
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
Testgerechten30 Testgerechten
Deze instellingsaanbevelingen zijn bedoeld voor testin-
stituten om het testen van onze apparaten te vergemak-
kelijken. De testen worden met onze kooksets voor in-
ductiekookplaten uitgevoerd. Indien nodig kunt u deze
accessoiresets op een later tijdstip aanschaffen bij de
vakhandel, via onze technische klantenservice of in on-
ze webshop.
30.1 De couverture smelten.
Ingrediënten: 150 g pure chocolade (55% cacao).
Pot Ø 16 cm zonder deksel
– Koken: Vermogensstand 1.5
30.2 Linzenschotel opwarmen en
warmhouden
Recept volgens DIN 44550
Begintemperatuur 20°C
Opwarmen zonder omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 450 g
– Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 1.5
Pot Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 800 g
– Verwarmen: tijdsduur 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 1.5
30.3 Linzenschotel opwarmen en
warmhouden
Bijv.: linzendiameter 5-7 mm. Starttemperatuur 20°C
Na 1 min. opwarmen omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 500 g
– Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 1.5
Pan Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 1 kg
– Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 1.5
30.4 Bechamelsaus
Melktemperatuur: 7ºC
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 40 g boter,
40 g meel, 0,5 l melk met 3,5% vetgehalte en een
snufje zout
Bechamelsaus maken
1.
Boter smelten, bloem en zout erdoor roeren en het
geheel verwarmen.
Verwarm het: duur 6 min., vermogensfase 2
2.
De melk bij de roux van bloem voegen en deze onder
voortdurend roeren aan de kook brengen.
Verwarm het: duur 6 min. 30 sec., vermogensfa-
se 7
3.
Als de bechamelsaus aan de kook komt, laat deze
dan nog 2 minuten op de kookzone staan, onder
voortdurend roeren.
Kookpunt: Vermogensstand 2
30.5 Kook rijstpudding met deksel
Melktemperatuur: 7ºC
1. De melk verwarmen tot hij begint op te komen. Ver-
warmen zonder deksel. Na 10 min. opwarmen omroe-
ren.
2. Stel het aanbevolen vermogen in en voeg rijst, suiker
en zout toe aan de melk.
Bereidingstijd inclusief opwarmen, ca. 45min.
Pan Ø 16 cm Ingrediënten: 190g rijst met ronde kor-
rel, 90g suiker, 750ml melk met 3,5% vetgehalte en
1g zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.5
– Kookpunt: Vermogensstand 3
Pan Ø 20 cm Ingrediënten: 250g rijst met ronde kor-
rel, 120g suiker, 1l melk met 3,5% vetgehalte en
1,5g zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.5
– Doorkoken: vermogensstand 3, na 10 min. omroe-
ren
30.6 Kook rijstpudding zonder deksel
Melktemperatuur: 7ºC
1. Ingrediënten aan de melk toevoegen en onder voort-
durend roeren opwarmen.
2. Wanneer de melk ca. 90 ºC heeft bereikt, kiest u het
aanbevolen prestatieniveau en laat u de melk ca. 50 mi-
nuten sudderen op een lage stand.
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 190g rijst
met ronde korrel, 90g suiker, 750ml melk met 3,5%
vetgehalte en 1g zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.5
– Kookpunt: Vermogensstand 3
Pot Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 250g rijst
met ronde korrel, 120g suiker, 1l melk met 3,5%
vetgehalte en 1,5g zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.5
– Kookpunt: Vermogensstand 2.5
22

Testgerechten nl
30.7 Rijst koken
Recept volgens DIN 44550
Watertemperatuur: 20°C
Pan Ø 16 cm met deksel Ingrediënten: 125g rijst met
lange korrel, 300g water en een snufje zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 2
Pan Ø 20 cm met deksel Ingrediënten: 250 g rijst
met lange korrel, 600g water en een snufje zout
– Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 2.5
30.8 Varkenslende braden
Begintemperatuur van de lende: 7°C
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 3
varkenslendenen, totaalgewicht ca. 300g, 1cm dik,
en 15ml zonnebloemolie
– Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 7
30.9 Crêpes bereiden
Recept volgens DIN EN 60350-2
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 55
ml deeg per crêpe
– Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
– Kookpunt: Vermogensstand 7
30.10 Diepvriesfrites frituren
Pan Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 2 l zonne-
bloemolie. Voor elke bakcyclus: 200 g bevroren frie-
ten, 1 cm dik.
– Opwarmen: vermogensstand 9, tot de olie een tem-
peratuur van 180°C bereikt.
– Kookpunt: Vermogensstand 9
23

Bosch Home Connect App
Verbind uw huishoudapparaat vandaag nog en maak gebruik van
de volgende voordelen:
• Is de kookplaat uit? Controleer je kookplaat vanuit elke locatie met
de app.
• Focus je helemaal op het koken. De afzuigkap start automatisch
wanneer je begint met koken. (Compatibele afzuigkap nodig)
• Kies uit onze vele recepten. Als de braadsensor beschikbaar is, kan
je de passende instellingen naar je apparaat sturen.
Heeft u hulp nodig? Dan bent u hier
aan het juiste adres.
Voor deskundig advies over uw Bosch huishoudapparaten, hulp bij problemen of een
reparatie door Bosch-experts.
Ervaar alles over de diverse manieren waarop Bosch u ondersteuning bieden:
www.bosch-home.com/service
De contactgegevens van alle landen vindt u in het bijgevoegde service-overzicht.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY
www.bosch-home.com
A Bosch Company
*9001794702*
9001794702 (060128) REG25
nl
