Bosch PVQ89BH26E Serie 6 Inductiekookplaat met afzuiging

Product's Documents

Below are documents related to this product, you can read online or download:
User Manual Other Documents
  • Short instructions - (Dutch - Holland) Download
  • Home connect - (Dutch - Holland) Download
Specification
  • Product specification - (Dutch - Holland) Download
  • Data sheet - (Dutch - Holland) Download
Installation Instruction
  • Installation instruction - (Dutch - Holland) Download
  • Installation instruction - (Dutch - Holland) Download

User manuals

This is the main product document for model PVQ89BH26E.

The file format is pdf, 28 pages, you can download this manual here .

background
Register your
new device on
MyBosch now and
get free benefits:
bosch-home.com/
welcome
Inductiekookplaat met
geïntegreerd ventilatiesysteem
PVQ...H2...
[nl] Gebruikershandleiding
background
nl Inhoudsopgave
U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de
QR-code op de titelpagina.
InhoudsopgaveInhoudsopgave
1 Veiligheid⁠ ⁠ .................................................................⁠ ⁠2
2 Materiële schade voorkomen⁠ ⁠.................................⁠ ⁠5
3 Milieubescherming en besparing⁠ ⁠ ..........................⁠ ⁠5
4 Geschikt kookgerei⁠ ⁠ .................................................⁠ ⁠6
5 Uw apparaat leren kennen⁠ ⁠......................................⁠ ⁠6
6 Software-update⁠ ⁠ ......................................................⁠ ⁠8
7 Functies⁠ ⁠....................................................................⁠ ⁠8
8 Voor het eerste gebruik⁠ ⁠ ..........................................⁠ ⁠9
9 De Bediening in essentie⁠ ⁠........................................⁠ ⁠9
10 Kapregeling⁠ ⁠ .........................................................⁠ ⁠11
11 Favorietenknop⁠ ⁠ ...................................................⁠ ⁠11
12 CombiZone⁠ ⁠ ..........................................................⁠ ⁠11
13 Tijdfuncties⁠ ⁠ ..........................................................⁠ ⁠12
14 PowerBoost⁠ ⁠ .........................................................⁠ ⁠12
15 PanBoost⁠ ⁠..............................................................⁠ ⁠13
16 Warmhoudfunctie⁠ ⁠ ............................................... ⁠ ⁠13
17 PerfectFry Sensor⁠ ⁠............................................... ⁠ ⁠13
18 Kinderslot⁠ ⁠ ............................................................ ⁠ ⁠14
19 Pauze⁠ ⁠ ................................................................... ⁠ ⁠14
20 Individuele veiligheidsuitschakeling⁠ ⁠ ................ ⁠ ⁠15
21 Basisinstellingen⁠ ⁠ ................................................ ⁠ ⁠15
22 Kookgerei-test⁠ ⁠ .................................................... ⁠ ⁠16
23 HomeConnect ⁠ ⁠ ................................................... ⁠ ⁠17
24 Reiniging en onderhoud⁠ ⁠ .................................... ⁠ ⁠18
25 Storingen verhelpen⁠ ⁠........................................... ⁠ ⁠21
26 Afvoeren⁠ ⁠ .............................................................. ⁠ ⁠23
27 Servicedienst⁠ ⁠ ...................................................... ⁠ ⁠23
28 Informatie over vrije software en opensource-
software⁠ ⁠ ............................................................... ⁠ ⁠23
29 Conformiteitsverklaring⁠ ⁠ ..................................... ⁠ ⁠24
30 Testgerechten⁠ ⁠ ..................................................... ⁠ ⁠24
Veiligheid  1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in
acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door.
¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-
raatpas en de productinformatie voor later
gebruik of voor volgende eigenaren.
¡ Sluit het apparaat in geval van transport-
schade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door
geschoold personeel worden aangesloten. Bij
schade door een verkeerde aansluiting kunt u
geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een
deskundige montage volgens de montage-
handleiding. De installateur is verantwoordelijk
voor een goede werking op de plaats van op-
stelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
¡ om voedsel en dranken te bereiden.
¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-
cessen ononderbroken in het oog.
¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten
ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeni-
veau.
Gebruik het apparaat niet:
¡ op boten of in voertuigen.
¡ met een externe timer of een separate af-
standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-
val dat de werking middels de door
EN50615 genoemde apparaten wordt uitge-
schakeld.
¡ om gevaarlijke of explosieve stoffen en dam-
pen af te zuigen.
¡ om kleine onderdelen of vloeistoffen af te
zuigen.
Als u een actief, geïmplanteerd medisch appa-
raat (zoals een pacemaker of defibrillator)
draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoet aan
de Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van de
2
background
Veiligheid nl
Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990
alsmede EN 45502-2-1 en EN 45502-2-2, en
conform VDE-AR-E 2750-10 is geselecteerd,
geïmplanteerd en geprogrammeerd. Als aan
deze voorwaarden wordt voldaan en er boven-
dien non-ferro pannen met non-ferro handgre-
pen worden gebruikt, kan deze inductiekook-
plaat zonder bezwaar worden gebruikt, mits dit
natuurlijk op de juiste wijze gebeurt.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinde-
ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,
sensorische of geestelijke beperkingen of met
gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-
der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het
veilige gebruik van het apparaat en de daaruit
resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet
worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze
15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8
jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel
kunnen komen.
1.4 Veilig gebruik
WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen
of inslikken en hierdoor stikken.
Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen
houden.
Kinderen niet met kleine onderdelen laten
spelen.
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over
het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en
stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-
ren houden.
Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal
spelen.
WAARSCHUWING‒Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-
den tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht
in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op
gas, olie, hout of kolen worden gestookt, gei-
sers, warmwatertoestellen) betrekken de ver-
brandingslucht uit de opstellingsruimte en voe-
ren de gassen via een afvoer (bijv. schoor-
steen) af naar buiten. In combinatie met een
ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken
en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrok-
ken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat
er een onderdruk. Giftige gassen uit de
schoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-
gezogen in de woonruimte.
Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,
wanneer het apparaat in luchtafvoermodus
werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die ge-
bruik maakt van de aanwezige lucht.
U kunt het apparaat alleen dan zonder risico
gebruiken wanneer de onderdruk in de ruim-
te waarin de vuurbron zich bevindt niet gro-
ter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden
bereikt wanneer de voor de verbranding be-
nodigde lucht door niet afsluitbare openin-
gen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie
met een ventilatiekast in de muur of door an-
dere technische voorzieningen, kan worden
toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid
in de muur alleen is niet voldoende om aan
de minimale eisen te voldoen.
Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in
uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging.
Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesys-
teem van uw huis te beoordelen en kan een
voorstel doen voor passende maatregelen
op het gebied van de luchttoevoer.
Indien het apparaat alleen met recirculatie
wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mo-
gelijk.
WAARSCHUWING‒Brandgevaar!
Zonder toezicht koken op kookplaten met vet
of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-
ken.
Verlies hete oliën en vetten daarom nooit uit
het oog.
Nooit proberen om een vuur met water te
blussen, maar het apparaat uitschakelen en
dan de vlammen bijv. met een deksel of een
blusdeken afdekken.
Het kookvlak wordt erg heet.
Nooit brandbare voorwerpen op het kook-
vlak of in de directe omgeving leggen.
Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren.
Het apparaat wordt heet.
Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen
bewaren in laden direct onder de kookplaat.
3
background
nl Veiligheid
Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-
gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door over-
verhitting, in brand vliegen of ontploffende ma-
terialen.
Dek de kookplaat niet af.
Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofd-
schakelaar uitschakelen.
Niet wachten tot de kookplaat automatisch
uitschakelt omdat er zich geen potten en
pannen meer op bevinden.
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont-
branden.
Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.
De vetfilters regelmatig reinigen.
Nooit in de omgeving van het apparaat met
open vuur werken (bijv. flamberen).
Het apparaat alleen in de buurt van een
vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout
of kolen) installeren wanneer de vuurbron
een afgesloten, niet verwijderbare afscher-
ming heeft. Er mogen geen vonken weg-
springen.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-
den!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en
zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een
eventueel aanwezig kookplaatframe.
Wees voorzichtig om het aanraken van ver-
warmingselementen te voorkomen.
Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de
buurt worden gehouden.
Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-
vallen leiden.
Nooit kookplaatbeschermroosters gebruiken.
Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet
op de kookplaat.
Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals
messen, vorken, lepels of deksels, op de
kookplaat.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
Het apparaat voor het schoonmaken laten
afkoelen.
Wanneer er hete vloeistoffen in het apparaat
komen, het vetfilter of het overloopreservoir
pas verwijderen nadat het apparaat is afge-
koeld.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische
schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel
mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonder-
delen worden gebruikt voor reparatie van het
apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-
aansluitkabel van dit apparaat beschadigd
raakt, moet deze worden vervangen door
een speciale netaansluitkabel of speciale ap-
paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de
fabrikant of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-
schadigd, moet het door geschoold vakper-
soneel worden vervangen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd
netsnoer is gevaarlijk.
Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
Nooit een apparaat met gescheurd of gebro-
ken oppervlak gebruiken.
Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-
paraat van het elektriciteitsnet te scheiden.
Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-
ken.
Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-
schadigd, dan direct de zekering in de me-
terkast uitschakelen.
Neem contact op met de klantenservice.
Pagina23
Binnendringend vocht kan een elektrische
schok veroorzaken.
Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-
bruiken om het apparaat te reinigen.
Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-
latie van elektrische apparaten smelten.
Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektri-
sche apparaten nooit in contact komt met
hete onderdelen van het apparaat.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van
de pan en de kookzone, kunnen kookpannen
plotseling omhoog springen.
Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem
van de pan altijd droog zijn.
Nooit bevroren kookgerei gebruiken.
Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de
kookplaat en kookvorm barsten door overver-
hitting.
De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-
rect contact komen met de bodem van de
pan die met water is gevuld.
Gebruik alleen hittebestendige vormen.
Een apparaat met een gebarsten of gebroken
oppervlak kan tot snijwonden leiden.
Het apparaat niet gebruiken als het opper-
vlak ervan gebarsten of gebroken is.
4
background
Materiële schade voorkomen nl
Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomen
Hier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen.
Schade Oorzaak Maatregel
Vlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden.
Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegene
met hoog suikergehalte.
Onmiddellijk met een schraper voor vitrokera-
mische kookplaat verwijderen.
Vlekken, defecten of
breuken in het glas
Defect kookgerei, kookgerei met gesmolten
emaille of kookgerei met koperen- of alumini-
umbodem.
Gebruik geschikt kookgerei dat in een goede
conditie is.
Vlekken, verkleurin-
gen
Ongeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-
schikt zijn voor glaskeramiek en reinig de
kookplaat alleen wanneer deze koud is.
Defecten of breuken
in het glas
Stoten of vallend kookgerei, kookaccessoires
of andere harde of scherpe voorwerpen.
Bij het koken niet tegen het glas stoten of
voorwerpen op de kookplaat laten vallen.
Krassen, verkleurin-
gen
Ruwe pannenbodems of het verplaatsen van
de pan op de kookplaat.
Kookgerei controleren. Kookgerei bij het ver-
plaatsen optillen.
Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets
op te zetten of als werkvlak.
Schade aan het appa-
raat!
Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken.
Schade aan de pan
of aan het apparaat
Koken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hete
kookzone plaatsen of verhitten.
Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone of
hete deksels van pannen op het glas.
Geen bakpapier of aluminiumfolie en geen
kunststof containers of pandeksels op de
kookplaat leggen.
Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel of
op het kader.
Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-
den.
Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-
nen worden hergebruikt.
De afzonderlijke componenten op soort gescheiden
afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat
minder energie.
Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past.
Het kookgerei gecentreerd plaatsen.
Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-
eenkomt met de diameter van de kookzone.
Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendi-
ameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bo-
demdiameter.
Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedekte
kookzones verbruiken veel energie.
Pannen afsluiten met een passend deksel.
Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaat
aanzienlijk meer energie nodig.
Deksel zo min mogelijk oplichten.
Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel ener-
gie.
Glazen deksel gebruiken.
Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-
der het deksel op te lichten.
Pannen met vlakke bodem gebruiken.
Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruik
hoger.
Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-
middel.
Groot kookgerei met weinig product heeft meer ener-
gie nodig om op te warmen.
Met weinig water koken.
Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meer
energie is er nodig om op te warmen.
Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand. Een
passende doorkookstand gebruiken.
Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie.
Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kook-
damp aan.
Een lagere ventilatiestand betekent minder energie-
verbruik.
5
background
nl Geschikt kookgerei
Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ven-
tilatiestand.
De geuren verdelen zich minder in de ruimte.
Schakel het apparaat uit wanneer dit niet langer nodig
is.
Bij het koken voldoende ventileren.
Het apparaat werkt efficiënter en met minder bedrijfs-
geluiden.
De filter met de opgegeven intervallen reinigen of ver-
vangen.
De effectiviteit van het filter blijft behouden.
Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgerei
Een voor inductiekoken geschikt kookgerei moet een
ferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-
neet worden aangetrokken, en verder moet de bodem
even groot zijn als de kookzone. Wanneer het kookgerei
op een kookplaat niet herkend kan worden, plaats dan
het kookgerei op een kookplaat met de eerstvolgende
kleinere diameter.
4.1 Grootte en kenmerken van het kookgerei
Om het kookgerei correct te herkennen, moet u met de grootte en het materiaal van het kookgerei rekening houden.
Alle panbodems moeten volledig vlak en glad zijn.
Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei geschikt is.
"Kookgerei-test", Pagina16
Kookgerei Materialen Eigenschappen
Aanbevolen kookge-
rei
Roestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-
dem welke de warmte goed verdeelt.
Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,
warmt snel op en waarborgt zijn herkenning.
Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerd
staal, gietijzer, of speciale pannen voor induc-
tie van edelstaal.
Dit kookgerei warmt snel op en wordt veilig
herkend.
Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetische op-
pervlak kleiner is dan de bodem van het kook-
gerei, warmt alleen het ferromagnetische op-
pervlak op. Daardoor verdeelt de warmte niet
gelijkmatig.
Kookgereibodems met aluminiumaandeel. Deze bodems van het kookgerei verkleinen
het ferromagnetische oppervlak, waardoor
minder vermogen aan het kookgerei wordt af-
gegeven. Het kan zijn dat deze pannen onvol-
doende of helemaal niet worden herkend en
daarom ook onvoldoende worden verwarmd.
Niet geschikt Kookgerei van normaal dun staal, glas, aar-
dewerk, koper of aluminium.
Opmerkingen
Gebruik tussen de kookplaat en de pan in principe
geen adapterplaten.
Verwarm geen leeg kookgerei en geen kookgerei met
dunne bodem, omdat deze zeer sterk verhit kunnen
raken.
Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Uw nieuwe apparaat
Informatie over uw nieuwe apparaat
6
background
Uw apparaat leren kennen nl
2
1
3
4
5
Vetfilter
Geurfilter bij circulatiefunctie of akoestische filter
bij afvoerluchtfunctie
1
Kookplaat
Bedieningspaneel
Overloopreservoir
5.2 Speciale accessoires
Al naar gelang de inbouwvariant van het apparaat zijn er
verschillende accessoires verkrijgbaar, welke u in de
vakhandel, bij de klantenservice of via onze officiële
website kunt kopen.
Luchtafvoerset
Luchtcirculatieset
Geurfilter voor circulatiefunctie
Akoestisch filter voor luchtafvoer
5.3 Bedieningspaneel
Individuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwijken van de illustratie.
A
D
C
B
C
Letter Aanduiding
Hoofdschakelaar
Instelbereik
Kookzone
Ventilatiesensor
Opmerking: Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd
schoon en droog is.
Tip: Plaats geen kookgerei in de buurt van de displays
en knoppen. De elektronica kan oververhit raken.
Touch-velden
Wanneer de kookplaat opwarmt, lichten de symbolen
van de knoppen op die op dat moment beschikbaar
zijn.
Sensor Functie
Hoofdschakelaar
Kookzone kiezen
Instelbereik
PowerBoost
Combineren/scheiden van de kookzones
PerfectFry Sensor
Timerfuncties
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering.
7
background
nl Software-update
Sensor Functie
Kinderslot
Pauze
Favorietenknop
Connectiviteit
Displays
Display Functie
Uitschakeltimer
PerfectFry Sensor
- Vermogensstanden
Kinderslot
Knoppen in combinatie met Home Connect
Zodra de verbinding met Home Connect is gerealiseerd,
dan zijn de volgende knoppen en displays beschikbaar:
Sensor Functie
Instellingen van een ander apparaat overne-
men
Wanneer brandt, zoek dan in de HomeConnect app
naar meer informatie.
5.4 Verdeling van de kookzones
Het aangegeven vermogen wordt gemeten met de ge-
normeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn be-
schreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootte
of materiaal van het kookgerei variëren.
A A
AA
Gebied Hoogste stand
Ø 21 cm Vermogensstand 9
PowerBoost
2500W
3700W
21 x 38 cm Vermogensstand 9 3600W
In de vermogensstand 9 bereikt de kookplaat het in de
tabel aangegeven vermogen, om de voorverwarmingstij-
den te verkorten, en houd dit gedurende een zekere tijd
aan, zolang er geen andere kookzone aan dezelfde kan
in bedrijf is.
5.5 Kookzone
Controleer voordat u met het koken begint of het for-
maat van de pan bij de kookzone past waarmee u
kookt:
Gebied Type kookzone
Kookzone met enkele kring
Combi-kookzone
Pagina11
5.6 Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-
indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt, mag u
de kookzone niet aanraken.
Indicatie Betekenis
De kookzone is heet.
De kookzone is warm.
5.7 Verzadigingsindicatie
De plaat is met een verzadigingsindicatie uitgerust.
Wanneer de geurfilters zijn verzadigd, dan gaat bran-
den en moet u de filters vervangen.
"Geurfilter of akoestisch filter", Pagina20
Software-update6 Software-update
Wanneer het apparaat met HomeConnect is verbonden,
dan kunnen enkele functies via een software-update be-
schikbaar zijn.
Verdere informatie over de beschikbaarheid van derge-
lijke functies vindt u op de website
www.bosch-
home.com
Functies7 Functies
U kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodus
of in de luchtcirculatiemodus.
7.1 Gebruik met afvoerlucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd
en via een buizensysteem naar de buitenlucht afge-
voerd.
8
background
Voor het eerste gebruik nl
De lucht mag niet worden afgevoerd in
een schoorsteen die wordt gebruikt voor
afvoergassen van apparaten bestemd
voor het verbranden van gas of andere
brandstoffen (dit geldt niet voor ventilatie-
apparatuur).
Komt de afvoerlucht terecht in een
rook- of afvoergasschoorsteen die niet
in gebruik is, dan dient hiervoor toe-
stemming van een vakbekwame
schoorsteenveger te worden verkre-
gen.
Wordt de afvoerlucht door de buiten-
muur geleid, dan raden wij u aan een
telescoop-muurkast te gebruiken.
7.2 Gebruik met circulatielucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een
geurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.
Monteer een geurfilter om geurtjes te
voorkomen bij het gebruik van de circula-
tiefunctie. De verschillende manieren om
het apparaat met circulatielucht te gebrui-
ken, vindt u in onze catalogus of kunt u
navragen bij uw speciaalzaak. Het daar-
toe benodigde toebehoren is verkrijgbaar
bij de speciaalzaak, de klantenservice of
in de online-shop.
Opmerking: Bij intensief en langdurig koken wordt
vocht in de lucht van de ruimte afgegeven. Wanneer u
het apparaat in de circulatiefunctie gebruikt, dan raden
wij aan de keuken afdoende te ventileren, bijvoorbeeld
door het kortstondig openen van een raam, om de over-
tollige vochtigheid af te voeren.
Voor het eerste gebruik8 Voor het eerste gebruik
Houd de volgende adviezen aan.
8.1 Eerste reiniging
Verpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwijde-
ren en het oppervlak met een vochtige doek afvegen.
Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelen vindt u
op de officiële website
www.bosch-home.com
.
Meer informatie over onderhoud en reiniging.
Pagina18
8.2 Apparaat voorbereiden
Voor een correcte werking moet u de componenten in
deze volgorde plaatsen:
1.
De filters plaatsen.
2.
Het metalen vetfilter plaatsen.
Opmerking: Het apparaat nooit zonder metalen vetfilter
en overloopreservoir gebruiken.
8.3 Koken met inductie
Vergeleken met gangbare kookplaten brengt inductieko-
ken enkele veranderingen met zich mee en biedt het
een aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-
ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudiger
onderhoud en reiniging. Het biedt ook een betere warm-
teregeling, omdat de warmte direct in het kookgerei
wordt opgewekt.
8.4 Kookgerei
Een lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op de of-
ficiële website
www.bosch-home.com
.
Meer informatie over het passende kookgerei.
Pagina6
8.5 Functie instellen
Het apparaat wordt geleverd met vooringestelde circula-
tiefunctie.
Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten is
geïnstalleerd, moet u de instelling op deze modus
configureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofdstuk
"Basisinstellingen", Pagina15
8.6 Home Connect instellen
Als u het apparaat voor de eerste keer inschakelt, wordt
de instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op het
display licht gedurende enkele seconden op.
Tik om het verbinden met Home Connect te starten op
en houd de aanwijzingen in hoofdstuk aan.
Om de instelling te beëindigen, de kookplaat uitschake-
len.
U kunt de instelling HomeConnect ook op een ander
tijdstip uitvoeren.
De Bediening in essentie9 De Bediening in essentie
9.1 Kookplaat inschakelen
Raak aan.
Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzones
en de momenteel beschikbare functies branden. In
de kookzone-indicaties brandt .
De kookplaat is gebruiksklaar.
ReStart
Wanneer u het apparaat binnen 4seconden na het
uitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat in
werking met de vorige instellingen.
9
background
nl De Bediening in essentie
9.2 De kookplaat uitschakelen
aanraken tot de indicaties doven.
Alle kookzones zijn uitgeschakeld.
Opmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 59se-
conden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaat
uit.
9.3 De vermogensstand in de kookzones
instellen
De kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot
met tussenwaarden worden weergegeven. Er moet
een vermogensstand worden gekozen die het best voor
het product en het geplande bereidingsproces geschikt
is.
1.
Tik op het gewenste kookzonedisplay .
en branden.
2.
Selecteer de gewenste vermogensstand in het instel-
gebied.
De vermogensstand is ingesteld.
Opmerking: Wanneer er geen kookgerei op de kook-
plaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert de
gekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordt
de kookzone uitgeschakeld.
QuickStart
Als u vóór het inschakelen van het apparaat een of
meerdere pannen op een kookzone plaatst, herkent
de kookplaat deze en kiest de kookplaat automatisch
de kookzone voor één van de pannen. Vervolgens in
de volgende 59 seconden de vermogensstand kie-
zen, anders schakelt de kookplaat zelf uit.
Kookstand wijzigen en kookzone uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
De gewenste vermogensstand kiezen of op instel-
len.
De vermogensstand van de kookzone wordt gewij-
zigd of de kookzone wordt uitgeschakeld.
9.4 Kookadviezen
De tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor
welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd (
)kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de
dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. Om voor te
verwarmen, vermogensstand 8 - 9 instellen.
Smelten
Boter, honing, gelatine 1-2 -
Verwarmen en warm houden
Gekookte worstjes
1
3-4 -
Ontdooien en opwarmen
Spinazie, diepvries 3-4 15-25
Gaarstoven, zachtjes laten ko-
ken
Aardappelballetjes
1
4.-5. 20-30
Geklopte sauzen, bijv. bearnai-
sesaus, hollandaisesaus
3-4 8-12
Koken, stomen, stoven
Rijst met dubbele hoeveelheid
water
2.-3. 15-30
Aardappelen in schil 4.-5. 25-35
Pasta
1
6-7 6-10
Soepen 3.-4. 15-60
Groente 2.-3. 10-20
Eenpansgerecht met de snel-
kookpan
4.-5. -
Sudderen
Stoofvlees 4-5 60-100
Goulash
2
3-4 50-60
Sudderen / braden met weinig
vet
1
Schnitzel, al dan niet gepaneerd 6-7 6-10
Steak (3 cm dik) 7-8 8-12
Borst van gevogelte (2cm dik) 5-6 10-20
Hamburger (2 cm dik) 6-7 10-20
Vis en visfilet, gepaneerd 6-7 8-20
Garnalen en krab 7-8 4-10
Sauteren van verse groente en
paddestoelen
7-8 10-20
Diepvriesgerechten, bijv. koe-
kenpangerechten
6-7 6-10
Omelet (na elkaar bakken) 3.-4. 3-10
Frituren, 150-200g per portie
in 1-2l olie, in porties frituren
1
Diepvriesproducten, bijv. frites,
kip-nuggets
8-9 -
Groente, paddestoelen, gepa-
neerd, in bierdeeg of in tempura
6-7 -
Klein gebak, bijv. beignets, Berli-
ner bollen, fruit in bierdeeg
4-5 -
1
Zonder deksel
2
Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.5
10
background
Kapregeling nl
Kapregeling10 Kapregeling
De kookzone beschikt over een in het kookvlak geïnte-
greerd luchtafvoersysteem.
De functies voor het aansturen van het luchtafvoersys-
teem worden hierna beschreven.
U kunt de fabrieksinstellingen te allen tijde wijzigen.
"Basisinstellingen", Pagina15
Opmerking: Om de prestaties te verbeteren, laag kook-
gerei gebruiken. Bij hoog kookgerei het deksel schuin
plaatsen.
10.1 Automatische start voor de ventilatie
Wanneer u de aan de eerste kookzone een vermogens-
stand toewijst, dan begint het afvoerluchtsysteem auto-
matisch te werken. De ventilatiestand gaat branden op
de ventilatiesensor.
Na deze automatische start kunt u de ventilatiestand wij-
zigen. Ventilatiestand wijzigen of deactiveren.
Pagina11
10.2 Kapregeling
De printplaat beschikt over 9 ventilatiestanden.
Ventilatie inschakelen
1.
Druk op de ventilatiesensor.
De ventilatie schakelt met de vooringestelde vermo-
gensstand in.
2.
Selecteer de gewenste vermogensstand in het instel-
gebied.
De vermogensstand van de ventilatie brandt.
Ventilatie wijzigen of uitschakelen
1.
Druk op de ventilatiesensor.
2.
De gewenste ventilatiestand kiezen of deze op aan-
passen.
10.3 Intensief ventilatiestanden
Er zijn twee intensieve ventilatiestanden, waarbij de ven-
tilatie gedurende een korte tijd met een hoger vermogen
draait.
Intensiefstanden inschakelen
1.
Druk op de ventilatiesensor.
2.
De gewenste intensiefstand kiezen:
Intensiefstand I: indrukken. brandt.
Intensiefstand II: twee keer indrukken.
brandt.
Opmerking: Nach ca. 8minuten schakelt het apparaat
zelfstandig terug naar ventilatiestand .
Intensiefstanden wijzigen of uitschakelen
1.
Druk op de ventilatiesensor.
2.
De gewenste ventilatiestand kiezen of deze op aan-
passen.
10.4 Naventilatie voor ventilatie
De ventilatie loopt nog enkele minuten na het uitschake-
len van de kookzone met de hoofdschakelaar na.
Een vereiste daarvoor is dat de kookzone minimaal één
minuut is ingeschakeld en dat de ventilatie loopt.
De ventilatie schakelt zich na het verstrijken van de be-
treffende tijdsduur automatisch uit. Deze tijdsduur hangt
af van de functie, waarin het apparaat is geïnstalleerd.
Bij ingeschakelde ventilatie is de ventilatiestand verlicht.
U kunt de ventilatie te allen tijde uitschakelen, door op
de ventilatiesensor te drukken.
Favorietenknop11 Favorietenknop
Met de functie kunt u twee functies of kookinstellingen
kiezen, welke dan op snel toegankelijk zijn.
11.1 Favorietenknop functies toekennen
Vereiste: Het apparaat met Home Connect verbinden.
Meer informatie vindt u onder Home Connect
1.
Om functies toe te kennen, de Home Connect app
openen en de aanwijzingen opvolgen.
2.
Zodra u de functies heeft toegekend, kunt u deze ge-
bruiken:
Functie 1: kort drukken.
Functie 2: lang drukken.
Opmerking: Wanneer u geen functie heeft toegekend,
dan schakelt zich uit na het inschakelen van de kook-
plaat.
CombiZone12 CombiZone
Deze maakt de combinatie mogelijk van twee kookzo-
nes van dezelfde grootte, waarbij dezelfde vermogens-
stand wordt ingeschakeld. De functie is vooral bestemd
voor het koken met langwerpig kookgerei.
De functie maakt het koken mogelijk met een kookgerei
dat één kookzone beslaat en dat u voor meer comfort
van de ene naar de andere kookzone kunt schuiven. In
dit geval behouden de beide zones dezelfde kookstand
en dezelfde instellingen.
11
background
nl Tijdfuncties
12.1 Plaatsen van het kookgerei
Gebruik kookgerei dat passend is voor de kookzones.
12.2 Schakel CombiZone in
1.
Een van de twee kookzones kiezen en de vermogens-
stand instellen.
2.
Druk op .
De functie is geactiveerd.
12.3 Schakel CombiZone uit
Raak aan.
De functie is uitgeschakeld.
De beide kookzones functioneren weer als twee onaf-
hankelijke kookzones.
Tijdfuncties13 Tijdfuncties
Uw kookplaat beschikt over verschillende functies voor
het instellen van de bereidingstijd:
Uitschakeltimer
Timer
Aan de knop is standaard de functie Uitschakeltimer
toegekend. U kunt de sensor echter ook aan één van
de hierboven genoemde functies toekennen.Deze instel-
lingen kunt u via de Home Connect app of onder Basis-
instellingen wijzigen
Pagina15
.
13.1 Uitschakeltimer
Maakt de programmering mogelijk van een bereidings-
tijd voor één of meerdere kookzones en hun automati-
sche uitschakeling na het verstrijken van de ingestelde
tijd.
Uitschakeltimer inschakelen
1.
Kies de kookzone en de gewenste vermogensstand.
2.
Op tippen.
en branden.
3.
Stel binnen de volgende 10 seconden in het instelge-
bied de gewenste bereidingstijd in.
U kunt de tussenwaarden tussen 1 minuut en 9 mi-
nuten in stappen van 30 seconden instellen. Kies
hiervoor de tussenliggende waarden met .
Om een tijd in seconden te kiezen, bijv. 1h 30min,
de getallenreeks 1 - 3 - 0 in het instelgebied kie-
zen. Wanneer u een tijd van meer dan 60 minuten
kiest, dan wordt de tijd automatisch in uren weer-
gegeven.
4.
Raak aan om te bevestigen.
De bereidingstijd begint af te lopen. 1 minuut voor
het verstrijken van de geselecteerde tijd klinkt een
signaal. U kunt de toestand van het levensmiddel
controleren en indien nodig de bereidingstijd verlen-
gen.
Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de
kookzone uit en er klinkt een signaal.
Opmerkingen
Wanneer in een kookzone, waarin PerfectFry Sensor
is geactiveerd, een bereidingstijd is geprogrammeerd,
begint de geprogrammeerde bereidingstijd af te tel-
len, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt.
Druk, om de aanwijzing tussen de functietemperatuur
PerfectFry Sensor en de geprogrammeerde berei-
dingstijd te wisselen, op de gekozen temperatuur.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen
1.
Kies de kookzone en raak vervolgens het symbool
aan.
2.
Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-
tijd, of zet deze op .
13.2 Timer
Maakt de activering van een timer mogelijk. Deze func-
tie is onafhankelijk van de kookzones en andere instel-
lingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch
uit.
Timer inschakelen
Vereiste: de functie toewijzen.
1.
Druk op .
2.
Kies de gewenste tijd.
De tijd begint af te lopen.
Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knip-
peren de displays.
Timer wijzigen of uitschakelen
1.
Druk op .
2.
Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-
tijd, of zet deze op .
PowerBoost14 PowerBoost
Met de Powerboost-functie verhit u grote hoeveelheden
water sneller dan met .
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor
zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-
bruik is. Anders knipperen en in het display van de
12
background
PanBoost nl
gekozen kookzone. Dan wordt automatisch ingesteld
zonder de functie te activeren.
14.1 PowerBoost inschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan
De indicatie licht op.
De functie is geactiveerd.
14.2 PowerBoost uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan.
De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt te-
rug naar de vermogensstand .
De functie is uitgeschakeld.
Opmerking: Om de elektronica-elementen binnenin de
kookplaat te beschermen, schakelt deze functie onder
bepaalde omstandigheden automatisch uit.
PanBoost15 PanBoost
Met deze functie verhit u pannen sneller dan met . De
PowerBoost functie niet met braadpannen gebruiken, de
coating kan daarbij beschadigd raken.
U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop
activeren.
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor
zover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-
bruik is. Anders knipperen in de indicatie van de geko-
zen kookzone en . Vervolgens wordt automatisch
ingesteld.
15.1 Gebruiksadviezen
Leg geen deksel op de pan.
Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten.
Alleen koude pannen gebruiken.
Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen
pannen met dunne bodem gebruiken.
15.2 Schakel PanBoost in
Vereiste: de functie toewijzen. .
"Favorietenknop", Pagina11
1.
Kies de kookzone.
2.
Raak aan.
brandt.
De functie is geactiveerd.
15.3 PanBoost uitschakelen
1.
Kies de kookzone.
2.
Vermogensstand kiezen.
dooft
De functie is uitgeschakeld.
Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden scha-
kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.
Warmhoudfunctie16 Warmhoudfunctie
Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter te
smelten en gerechten warm te houden.
U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknop
activeren.
16.1 Schakel Warmhoudfunctie in
Vereiste: de functie toewijzen. .
"Favorietenknop", Pagina11
1.
Kies de gewenste kookzone.
2.
Raak aan.
brandt.
De functie is ingeschakeld.
16.2 Schakel Warmhoudfunctie uit
1.
Kies de kookzone.
2.
Op instellen
dooft.
De functie is uitgeschakeld.
PerfectFry Sensor17 PerfectFry Sensor
Met deze functie kunt u smelten, sauzen bereiden, sau-
teren, frituren of braden, waarbij de temperatuur onder
controle wordt gehouden.
In de plaats van tijdens het koken telkens weer de ver-
mogensstand aan te passen, eenmaal de gewenste
temperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische
13
background
nl Kinderslot
glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei
en houden deze tijdens het volledige kookproces con-
stant.
Deze functie is beschikbaar op de kookzones die met
zijn gemarkeerd.
Functies Temperatuur
Smelten 70-80ºC
Sauzen bereiden 110 - 120ºC
Braden 140ºC
Braden 160ºC
Braden 180-200ºC
Braden 220ºC
17.1 Aanbevolen kookgerei
Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld,
dat optimale resultaten levert.
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servi-
cedienst, de vakhandel of onze onlineshop
www.bosch-
home.com
.
Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Af-
hankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de be-
reikte temperatuur echter van de gekozen temperatuur-
stand afwijken.
17.2 PerfectFry Sensor inschakelen
1.
Plaats het lege kookgerei op een kookzone.
2.
Kies de kookzone.
3.
Druk op .
, en de vooringestelde temperatuur gaan branden
op het display van de geselecteerde kookzone.
4.
De temperatuur kiezen, door met de vinger over het
instelbereik te vegen.
knippert, tot de ingestelde temperatuur is bereikt.
De gekozen temperatuur en de ontwikkeling van de
in de pannen bereikte temperatuur knipperen afwisse-
lend, tot de gekozen temperatuur is bereikt.
De op de displays weergegeven temperatuur is een
benaderingswaarde en kan afwijken van de daadwer-
kelijke temperatuur in de braadpan.
Wanneer de temperatuur is bereikt, dan klinkt een
signaal en alsmede het temperatuursymbool hou-
den op te knipperen.
5.
Het braadvet en dan het product in de braadpan
doen.
Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om
te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden
wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.
17.3 Schakel PerfectFry Sensor uit
Kies de kookzone en tik op .
17.4 Adviezen voor het koken met PerfectFry
Sensor
In de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel met
adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor.
Kinderslot18 Kinderslot
De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee
voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.
18.1 Kinderslot inschakelen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Raak gedurende 4 seconden aan.
brandt 10seconden lang.
De kookplaat is geblokkeerd.
18.2 Kinderslot deactiveren
1.
Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
2.
Raak gedurende 4 seconden aan.
De blokkering is opgeheven.
18.3 Automatisch kinderslot
U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het
uitschakelen van de kookplaat activeren.
Hoe u de functie activeert en deactiveert kunt u lezen in
het hoofdstuk basisinstellingen
Pagina15
.
Pauze19 Pauze
Met de functie kunt u actieve bereidingsprocessen tot
10 minuten onderbreken en hervatten zonder de geko-
zen instellingen te wijzigen.
De functie kunt u bijvoorbeeld voor het reinigen van het
bedieningspaneel inschakelen.
19.1 Pauze-functie activeren
Druk op .
In de kookzone-indicaties brandt .
Alle actieve bereidingsprocessen worden gestopt. De
instellingen blijven bewaard.
De functie is geactiveerd.
19.2 Pauze-functie deactiveren
Raak aan.
De functie is uitgeschakeld. De bereidingsprocessen
worden voortgezet.
Opmerking: Na 10 minuten schakelt de kookzone auto-
matisch uit.
14
background
Individuele veiligheidsuitschakeling nl
Individuele veiligheidsuitschakeling20 Individuele veiligheidsuitschakeling
Wanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en u
geen instelling wijzigt, dan activeert u de veiligheidsfunc-
tie. De kookzone geeft weer en schakelt uit.
De tijd is afhankelijk van het geselecteerde vermogens-
niveau.
Vermogensstand Tijd
1,0 - 1,5 10 uur
Vermogensstand Tijd
2,0 - 3,5 5 uur
4,0 - 5,0 4 uur
5,5 - 6,5 3 uur
7,0 - 7,5 2 uur
8,0 - 9,0 1uur
Druk op een willekeurige button.
Basisinstellingen21 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw
wensen instellen.
21.1 Overzicht van de basisinstellingen
Indicatie Instelling Waarde
Kinderslot
"Kinderslot", Pagina14
- Handmatig.
1
- Automatisch.
- Functie uitgeschakeld.
Akoestische signalen - Het bevestigingssignaal, het foutsignaal en het signaal
voor verkeerd gebruik zijn gedeactiveerd.
- Het foutsignaal is geactiveerd.
- Het bevestigingssignaal en het signaal voor verkeerd
gebruik zijn geactiveerd.
- Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld
1
.
Geluidsvolume van de akoestische signalen - Stil.
- Gemiddeld.
1
– Luid.
op het bedieningspaneel één van de tijd-
programmeerfuncties toekennen.
"Tijdfuncties", Pagina12
- Uitschakeltimer.
1
- Timer.
Vermogensbegrenzing
Daarmee kunt u indien nodig het totale ver-
mogen van de kookplaat vanwege de specifi-
caties van uw elektrische installatie begren-
zen. Houd de bepalingen van uw lokale elek-
triciteitsbedrijf aan. De beschikbare instellin-
gen zijn afhankelijk van het maximale vermo-
gen van de kookplaat. Overige informatie
vindt u op het typeplaatje. Wanneer de func-
tie is ingeschakeld en de kookplaat de inge-
stelde vermogensgrens bereikt, dan knippert
de gewenste en toegestane vermogensstand
en kunt u geen hogere vermogensstand kie-
zen.
Het vermogen wordt met elke stap met 500 W verhoogd.
– Uitgeschakeld. Maximale vermogen van de kookplaat
1
.
- 1000 W. Laagste vermogen.
. - 1500 W.
...
- 3000 W.
. - 3500 W.
- 4000 W.
. - 4500 W.
...
- Maximale vermogen van de kookplaat.
Demonstratiemodus
Demo-modus van de kookplaat. Wanneer u
de kookplaat inschakelt, brandt enkele se-
conden lang en verwarmen de kookzones
niet.
- Uitgeschakeld.
1
- Ingeschakeld.
1
Fabrieksinstelling
15
background
nl Kookgerei-test
Indicatie Instelling Waarde
Kookgerei-test
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het
kookgerei testen.
"Kookgerei-test", Pagina16
- Ongeschikt.
- Niet optimaal.
- Geschikt.
Luchtcirculatie of luchtafvoer instellen. - Luchtcirculatie configureren.
1
- Luchtafvoer configureren.
Automatisch starten van de ventilatie instel-
len.
De ventilatie start met de vooringestelde ver-
mogensstand.
- Uitgeschakeld.
- Ingeschakeld.
1
Naventilatie voor ventilatie instellen.
Wanneer uw kookplaat werkt met afvoerlucht-
functie, dan schakelt de ventilatie gedurende
ca. 6 minuten met de vermogensstand in.
Wanneer uw kookplaat met de circulatielucht-
functie werkt, dan schakelt de ventilatie gedu-
rende ca. 30 minuten met de vermogens-
stand in.
- Uitgeschakeld.
- Ingeschakeld.
1
:
Terugzetten naar de fabrieksinstellingen - Individuele instellingen
1
.
- Fabrieksinstellingen.
21.2 Naar de basisinstellingen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
1.
Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
2.
Binnen de volgende 10 seconden gedurende 4 se-
conden aanraken.
Productinformatie Indicatie
Klantenserviceoverzicht
Fabricagenummer
Fabricagenummer 1
Fabricagenummer 2
De eerste vier indicaties geven productinformatie
weer. Raak aan om de afzonderlijke indicaties weer
te geven.
3.
Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan.
en lichten op als voorinstelling.
4.
Raak net zo lang herhaald aan totdat de gewenste
instelling verschijnt.
5.
De gewenste instelling in het instelbereik kiezen.
6.
Raak gedurende 4 seconden aan.
De instellingen worden opgeslagen.
21.3 Wijzigen van de basisinstellingen
annuleren
Raak aan.
Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-
gen.
Kookgerei-test22 Kookgerei-test
De kwaliteit van het kookgerei heeft een grote invloed
op de snelheid en het resultaat van het kookproces.
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei
testen.
Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van
de pan met de diameter van de gebruikte kookzone
overeenstemt.
De toegang vindt plaats via de basisinstellingen.
Pagina15
22.1 Kookgerei-test uitvoeren
1.
Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca.
200ml water midden op die kookzone, waarvan de
diameter het best overeenkomt met de diameter van
de bodem van het kookgerei.
2.
Roep de basisinstellingen op en kies .
3.
Het instelgebied aanraken. In de kookzones knippert
.
De functie is ingeschakeld.
Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kook-
zonedisplay.
22.2 Resultaat controleren
In de volgende tabel wordt weergegeven wat het resul-
taat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces bete-
kent.
Resultaat
Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en
wordt daarom niet opgewarmd.
Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en
het kookproces verloopt niet optimaal.
1
Fabrieksinstelling
16
background
HomeConnect nl
Resultaat
Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces
is in orde.
Raak om de functie opnieuw te activeren het instelbe-
reik aan.
HomeConnect 23 HomeConnect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw ap-
paraat met een mobiel eindapparaat om functies te kun-
nen bedienen via de HomeConnect app, basisinstellin-
gen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te
bewaken.
De HomeConnect diensten zijn niet in elk land beschik-
baar. De beschikbaarheid van de functie HomeConnect
is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Ho-
meConnect diensten in uw land. Informatie hierover
vindt u op:
www.home-connect.com
.
De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-
dingsproces. Volg de aanwijzingen in de HomeConnect
app om de instellingen aan te brengen.
Tip: Neem ook de aanwijzingen in deHomeCon-
nectapp in acht.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiks-
aanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nage-
leefd wanneer u het apparaat via de HomeConnect
app bedient.
"Veiligheid", Pagina2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-
meConnectapp niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-
paraat max.2W nodig.
23.1 HomeConnect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en in-
geschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een ac-
tuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-
teem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-
vangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden
zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw
thuisnetwerk.
1.
Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de HomeConnect app instal-
leren en uw apparaat verbinden.
2.
De aanwijzingen van de HomeConnect app opvol-
gen.
23.2 WiFi-symbool
De WiFi-indicatie op het bedieningspaneel wijzigt afhan-
kelijk van de status en de kwaliteit van de verbinding en
de beschikbaarheid van de HomeConnect server.
Status Beschrijving
Brandt statisch met halve
helderheid.
Geen netwerkverbinding
opgeslagen.
Knippert met volledige hel-
derheid.
Netwerkverbinding wordt
tot stand gebracht.
Brandt statisch met volledi-
ge helderheid.
Netwerkverbinding opgesla-
gen en WiFi actief.
Knippert. De netwerkinstellingen wor-
den gereset.
Uitgeschakeld. Netwerk niet actief.
23.3 Wifi-thuisnetwerk toevoegen of
verwijderen
In het volgende overzicht ziet u hoe u een wifi-thuisnet-
werk kunt toevoegen of verwijderen.
Wifi-thuisnetwerkstatus Handeling
Geen wifi-thuisnetwerk op-
geslagen.
Om het wifi-thuisnetwerk
toe te voegen, kort op
drukken.
Het wifi-thuisnetwerk is op-
geslagen.
Om een ander apparaat te
koppelen, lang op druk-
ken.
Het wifi-thuisnetwerk is op-
geslagen.
Om de instellingen van het
wifi-thuisnetwerk te reset-
ten, lang op drukken. Als
knippert, dan opnieuw
lang indrukken.
23.4 Netwerkverbinding deactiveren
ingedrukt houden. Als knippert, dan opnieuw
lang indrukken.
De verbinding met het WiFi-netwerk is gedeactiveerd
en de netwerkaansluitingen zijn gescheiden.
Opmerking: Om de netwerkverbinding opnieuw te acti-
veren, zie .
"Wifi-thuisnetwerk toevoegen of verwijderen",
Pagina17
23.5 Instellingen via de HomeConnect app
wijzigen
Met de HomeConnect app kunt u de instellingen voor
de kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen.
Vereiste: De kookplaat is met het thuisnetwerk en de
HomeConnect app verbonden.
17
background
nl Reiniging en onderhoud
1.
De instelling in de HomeConnect app uitvoeren en
naar de kookplaat sturen.
De aanwijzingen in de HomeConnect app opvolgen.
Instellingen die u vanuit de HomeConnect app naar
de kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat bevesti-
gen.
Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat worden
doorgestuurd, begint afhankelijk van de instelling de
betreffende kookzone-indicatie te knipperen.
2.
Druk op om de instellingen te bevestigen.
3.
Om de instelling te verwerpen, op een willekeurig an-
der touchveld van de kookplaat drukken.
23.6 Bluetooth®-herkenning activeren
Deze draadloze technologie maakt een automatische
aanwezigheidsherkenning mogelijk. Wanneer u zich in
de buurt van de kookplaat bevindt, hoeft u de instellin-
gen van uw mobiele eindapparaat niet meer op de
kookplaat te bevestigen. Wanneer u instellingen naar
een kookzone stuurt, kunt u deze direct vanaf uw mo-
biele eindapparaat bevestigen.
Vereisten
De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Ho-
meConnect app verbonden.
Het Bluetooth®-systeem is verbonden met het mobie-
le apparaat.
De gebruiker bevindt zich in de buurt van de kook-
plaat.
1.
Open de HomeConnect app.
2.
Volg om de Bluetooth®-herkenning in te stellen, de
aanwijzingen in de HomeConnect app op.
Opmerking: De Bluetooth®-verbinding wordt gedeacti-
veerd als de kookplaat uitgeschakeld wordt en in de
energiespaarmodus wordt gebracht. Daarnaast kan de
Bluetooth®-verbinding via de Home Connect app wor-
den gedeactiveerd.
23.7 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van
uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhel-
pen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates als-
mede voor extra functies en diensten.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde HomeCon-
nectgebruiker bent, de app op uw mobiele eindappa-
raat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Ho-
meConnectserver hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u
hierover via de HomeConnectapp geïnformeerd en
kunt u de software-update via de app starten. Na het
succesvol downloaden kunt u de installatie via de Ho-
meConnectapp starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk
(WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie
wordt u via de HomeConnectapp geïnformeerd.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
In de eerste stap van de download.
In de tweede stap de installatie op uw apparaat.
Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blij-
ven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instel-
lingen in de app kunnen software-updates ook auto-
matisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de instal-
latie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het
raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
23.8 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toe-
gang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de des-
betreffende wens tot de klantenservice richt, uw appa-
raat met de HomeConnect server verbonden is en de
diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat
gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de be-
schikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land
vindt u in het gedeelte service/support van de lokale
website:
www.home-connect.com
.
23.9 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de
persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt ver-
bonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aan-
gesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën
door aan de HomeConnect server (eerste registratie):
Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande
uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de inge-
bouwde WiFicommunicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodu-
le (voor de informatietechnische beveiliging van de
verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huis-
houdapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fa-
brieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Ho-
meConnect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie
dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u
voor het eerst van de HomeConnect functionaliteiten
gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de HomeConnect functionali-
teiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met
de HomeConnect app. Informatie over gegevensbe-
scherming kan worden opgeroepen in de HomeCon-
nect app.
Reiniging en onderhoud24 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er
voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
18
background
Reiniging en onderhoud nl
24.1 Kookplaatoppervlak
Beschadigingen van het oppervlak vermijden
Reinig voordat u het apparaat voor de eerste keer ge-
bruikt het oppervlak met een zachte doek en een in de
handel verkrijgbaar reinigingsmiddel voor glaskeramiek.
Gebruik de kookplaat niet als werkblad of plateau om
iets neer te zetten.
Vermijd direct contact van levensmiddelen met de
kookplaat, omdat dit tot permanente verkleuringen
van het oppervlak kan leiden.
Levensmiddelresten, suiker, plastic, aluminiumfolie en
gemorste levensmiddelen onmiddellijk met een schra-
per voor vitrokeramische kookplaten verwijderen.
Grove verontreinigingen, zout en suiker op het kook-
vlak direct verwijderen.
Geen kookgerei met ruwe bodem gebruiken.
Kookgerei bij het verplaatsen optillen.
Gebruik geen schraper die zich in een slechte toe-
stand bevindt.
24.2 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitroke-
ramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de klantenservi-
ce, in de webshop of in de vakhandel.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak-
ken van het apparaat beschadigen.
Nooit ongeschikte reinigingsmiddelen gebruiken.
Geen schoonmaakmiddelen gebruiken zolang de
kookplaat nog heet is. Dat kan tot verkleuring van het
oppervlak leiden.
Ongeschikte reinigingsmiddelen
Onverdund afwasmiddel
Reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine
Schuurmiddelen
Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of
vlekverwijderaars
Krassende sponzen
Hogedrukreinigers of stoomapparaten
Basisproducten zoals ontvettingsproducten
24.3 Kookplaat reinigen
Om te vermijden dat er kookresten inbranden, de kook-
plaat na elk gebruik reinigen.
Vereiste: De kookplaat moet koud zijn. Laat alleen bij
suikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfolie
de kookplaat niet afkoelen.
1.
Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vitro-
keramische kookplaat.
2.
Besproei het gehele oppervlak met zeepwater of
gangbaar afwasmiddel. Gebruik speciale reinigings-
middelen voor de glaskeramische kookplaat uitslui-
tend bij hardnekkige verontreinigingen.
Breng het reinigingsmiddel gelijkmatig en zacht
aan.
Houd de reinigingsinstructies op de verpakking van
het reinigingsmiddel aan.
Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u
goede reinigingsresultaten boeken.
3.
Met een vochtige doek afnemen en met een schoon-
maakdoekje afdrogen.
Tip: Wanneer u de bodem van het kookgerei schoon
houdt, dan blijft het oppervlak van de kookplaat in een
goede conditie.
24.4 Profielen reinigen
Wanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de profie-
len bevinden, reinig deze dan.
Opmerking: Geen schraper gebruiken.
1.
Reinigen met zeepsop en drogen met een zachte
doek.
Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwassen.
2.
Drogen met een zachte doek.
24.5 Vetfilter
Het vetfilter filtert het vet uit de kookdamp. Het filter be-
staat uit een houder en twee uitneembare vetfilters. De
reinigingsfrequentie hangt af van de hoeveelheid en
aard van de bij het bereiden gebruikte vet. Om een opti-
male werking te waarborgen, het vetfilter bij zichtbare af-
zettingen of minimaal eenmaal per maand reinigen.
WAARSCHUWING‒Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.
De vetfilters regelmatig reinigen.
Nooit in de omgeving van het apparaat met open
vuur werken (bijv. flamberen).
LET OP
Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende
kookplaat beschadigen.
Met een hand onder de vetfilter grijpen.
1.
Verwijder het vetfilter.
Onder in het reservoir kan zich vet ophopen. Het
vetfilter niet kantelen, om lekkend vet te vermijden.
2.
De onderdelen van het vetfilter demonteren.
19
background
nl Reiniging en onderhoud
3.
Het vetfilter in de vaatwasser of handmatig reinigen.
"Reinig het vetfilter met de hand", Pagina20
"Vetfilter in de vaatwasmachine reinigen",
Pagina20
4.
Indien nodig de geurfilters of de akoestische filters
verwijderen en het apparaat van binnen reinigen.
5.
Mochten er voorwerpen in het apparaat zijn beland,
dan deze verwijderen en ervoor zorgen dat de toe-
voer naar het overloopreservoir niet geblokkeerd is.
6.
Maak het inwendige van het apparaat met zeepsop
en een vaatdoek schoon.
7.
Plaats na het reinigen het gedroogde vetfilter.
Reinig het vetfilter met de hand
1.
De onderdelen van het vetfilter demonteren.
2.
Het vetfilter in een warm zeepsop weken.
Het vetfilter met een borstel reinigen. Gebruik geen
agressieve, zuur- of looghoudende reinigingsmid-
delen.
Bij hardnekkig vuil een speciaal vetoplosmiddel ge-
bruiken. U kunt de vetoplosser via de klantenservi-
ce, in de webshop of in een speciaalzaak kopen.
3.
Het vetfilter goed uitspoelen.
4.
Laat het vetfilter afdruppelen.
5.
De onderdelen van het vetfilter inbouwen.
6.
Na het drogen het vetfilter in het apparaat plaatsen.
Vetfilter in de vaatwasmachine reinigen
1.
Verwijder het vetfilter.
2.
De onderdelen van het vetfilter demonteren.
3.
De onderdelen van het vetfilter losjes in de vaatwas-
ser plaatsen en niet vastklemmen.
Reinig sterk verontreinigde vetfilters niet samen met
serviesgoed. Gebruik geen agressieve, zuur- of loog-
houdende reinigingsmiddelen.
4.
De vaatwasmachine starten. Kies bij de temperatuur-
instelling maximaal 70°C.
5.
Laat het vetfilter afdruppelen.
6.
Na het drogen het vetfilter in het apparaat plaatsen.
24.6 Geurfilter of akoestisch filter
De geurfilters of akoestische filters zijn verkrijgbaar in
de speciaalzaak, bij de klantenservice of in de webshop.
Opmerkingen
Geurfilters vervangen, wanneer de waarschuwing op
het apparaat wordt weergegeven.
"Verzadigingsindicatie resetten", Pagina21
Vervang de akoestische filters als ze verontreinigd
zijn.
Vereiste: Gebruik uitsluitend originele filters om een op-
timale werking te garanderen.
1.
Verwijder het vetfilter.
2.
De 4 geurfilters of het akoestische filter eruit halen en
correct afvoeren.
3.
De twee nieuwe geurfilters of akoestische filters links
en rechts in het apparaat plaatsen en naar voren
schuiven.
4.
De andere geurfilters of akoestische filters links en
rechts in het apparaat plaatsen.
5.
Het vetfilter in het apparaat plaatsen.
20
background
Storingen verhelpen nl
Verzadigingsindicatie resetten
Na het uitschakelen van het apparaat brandt .
1.
Geurfilter vervangen.
"Geurfilter of akoestisch filter", Pagina20
2.
Ventilatiesensor ingedrukt houden, tot een geluidssig-
naal klinkt.
brandt niet langer. De indicatie van het geurfilter is
gereset.
24.7 Overloopreservoir schoonmaken
Het overloopreservoir verzamelt vloeistoffen of voorwer-
pen die van boven in het apparaat terechtkomen.
Vereiste: Het apparaat is afgekoeld en de restwarmte-
aanduiding is verdwenen.
1.
Het overloopreservoir met een hand vasthouden en
met de andere hand eraf schroeven.
Het overloopreservoir niet schuin houden om te
voorkomen dat er vocht uitloopt.
2.
Het overloopreservoir leegmaken en uitspoelen.
3.
Indien nodig de schroef afschroeven en het overloop-
reservoir zonder schroef in de vaatwasmachine reini-
gen.
4.
Het overloopreservoir na het schoonmaken weer vast-
schroeven.
5.
Zorg ervoor dat de toevoer naar het overloopreservoir
niet geblokkeerd is.
Voorwerpen die in het apparaat terechtkomen na het
afkoelen van het apparaat verwijderen. Hiervoor het
vetfilter verwijderen.
Storingen verhelpen25 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenser-
vice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina23
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden
vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant
of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
21
background
nl Storingen verhelpen
25.1 Waarschuwing
Opmerkingen
Wanneer op de displays of verschijnt, de sensor
van de betreffende kookzone ingedrukt houden en de
storingscode aflezen.
Wanneer de storingscode niet in de volgende tabel
staat, de kookplaat loskoppelen van het elektriciteits-
net, 30 seconden wachten en de kookplaat weer aan-
sluiten. Verschijnt de indicatie opnieuw, neem dan
contact op met de servicedienst en geef de exacte
storingscode op.
Wanneer een fout optreedt, dan schakelt het apparaat
niet naar de spaarstand.
Om de elektrische onderdelen van het apparaat te
beschermen tegen oververhitting of stroomstoten, kan
het vermogensniveau van de kookplaat voor korte tijd
worden teruggebracht.
25.2 Aanwijzingen op het display
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er brandt geen enkele indicatie. De stroomtoevoer is onderbroken.
Controleer met behulp van andere elektrische apparaten of er sprake is van
een stroomstoring.
Het apparaat is niet volgens het schakelschema aangesloten.
Sluit het apparaat aan volgens het schakelschema.
Storing in de elektronica
Als u de storing niet kunt verhelpen, schakel dan de technische servicedienst
in.
Ventilatie werkt niet Het apparaat is niet volgens het schakelschema aangesloten.
Sluit het apparaat aan volgens het schakelschema.
De indicaties knipperen. Het bedieningspaneel is vochtig of wordt afgedekt door een voorwerp.
Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp.
Het geurfilter is verzadigd of de verzadigingsindicatie brandt, hoewel u het filter
heeft vervangen.
Vervang het filter en reset de filterverzadigingsindicatie. Meer informatie kunt u
vinden in hoofdstuk .
"Reiniging en onderhoud", Pagina18
, , , , De elektronica is oververhit en heeft één of alle kookzones uitgeschakeld.
Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Vervolgens een willekeurige
toets van het bedieningspaneel aanraken.
+ vermogensstand en geluids-
signaal
Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Daardoor kan de
elektronica oververhit raken.
Verwijder het kookgerei. Kort daarna verdwijnt de foutindicatie. U kunt het ko-
ken voortzetten.
en geluidssignaal Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Ter bescherming
van de elektronica werd de kookplaat uitgeschakeld.
Verwijder het kookgerei. Wacht enkele seconden. Raak een willekeurig bedie-
ningsvlak aan. Wanneer de foutindicatie verdwijnt, kunt u verder gaan met ko-
ken.
/ De kookzone is oververhit geraakt en werd ter bescherming van het werkblad uit-
geschakeld.
Wacht tot de elektronica voldoende is afgekoeld en schakel aansluitend de
kookzone opnieuw in.
De kookzone was gedurende een langere tijd en zonder onderbreking in gebruik.
Individuele veiligheidsuitschakeling is ingeschakeld. Voor het instellen van de
kookzone een willekeurige toets aanraken en het display uitschakelen.
/ De bedrijfsspanning is onjuist en ligt buiten het normale bedrijfsgebied.
Neem contact op met uw elektriciteitsbedrijf.
/ De kookplaat is niet op de juiste manier aangesloten.
Haal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Sluit de kookplaat aan
volgens het schakelschema.
De demo-modus is geactiveerd.
Schakel de demomodus uit in de basisinstellingen.
HomeConnect functioneert niet
correct.
Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
Ga naar
www.home-connect.com
.
Animatie op de displays Onder bepaalde omstandigheden kan de kookplaat onderhoudstaken uitvoeren,
zoals bijvoorbeeld een firmware-update, een optimalisering of storingzoeken.
Wacht tot het proces is afgerond en schakel pas dan de kookplaat in.
22
background
Afvoeren nl
25.3 Normaal geluid van uw apparaat
Soms kan een inductieapparaat geluiden of trillingen
veroorzaken zoals zoemen, sissen, knetteren, ventilator-
geluiden of ritmische geluiden.
Afvoeren26 Afvoeren
26.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle
grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
1.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trek-
ken.
2.
Het netsnoer doorknippen.
3.
Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor
kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoerme-
thoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeen-
stemming met de Europese richtlijn
2012/19/EU betreffende afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur
(waste electrical and electronic equip-
ment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de
in de EU geldige terugneming en ver-
werking van oude apparaten.
Servicedienst27 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor
de werking in overeenstemming met de desbetreffende
Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten min-
ste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen
van het apparaat binnen de Europese Economische
Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het
kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de
garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-
code op het meegeleverde document over de service-
contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenser-
vice, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het
productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en
het volgnummer (Z-Nr.) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via
de QR-code op het meegeleverde document over de
servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze
website.
De informatie conform verordening (EU) 65/2014, (EU)
66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op
www.bosch-home.com
op de productpagina en de serv-
icepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen
en aanvullende documenten.
27.1 Productnummer (E-Nr.),
productienummer (FD) en volgnummer (Z-
Nr.)
Het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD)
en het volgnummer (Z-Nr.) vindt u op het typeplaatje
van het apparaat.
Het typeplaatje vindt u:
op de apparaatpas.
voor aan de onderkant van de kookplaat.
Het productnummer (E-nr.) vindt u ook op de glaskera-
miek. De servicedienstindex (KI) en het fabricagenum-
mer (FD) kunt u bovendien in de basisinstellingen
Pagina15
laten weergeven.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon-
nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gege-
vens noteren.
Informatie over vrije software en opensourcesoftware28 Informatie over vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat softwarecomponenten die door de
houders van de intellectuele eigendom als vrije software
of opensourcesoftware zijn gelicentieerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huis-
houdapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licen-
tie-informatie via de HomeConnect app raadplegen:
23
background
nl Conformiteitsverklaring
'Profiel -> Juridische informatie -> Licentie-informatie'.
1
Verder kunt u de licentie-informatie downloaden via de
productwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite
naar uw apparaatmodel en de bijbehorende documenta-
tie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie
ook aanvragen via [email protected] of BSH Haus-
geräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
De broncode wordt u op verzoek ter beschikking ge-
steld.
Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossre-
[email protected] of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-
Str. 34, D-81739 München.
Onderwerp: „OSSREQUEST“
De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden
u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie
jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedu-
rende de periode waarin wij support en reserveonderde-
len voor het betreffende apparaat bieden.
Conformiteitsverklaring29 Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de funda-
mentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder
www.bosch-home.com
op de productpagina
van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5MHz): max. 100mW
5-GHz-band (5150–5350MHz + 5470–5725MHz): max. 130mW
BE BG CZ DK DE EE IE el ES
FR HR IT CY LI LV LT LU HU
MT NL AT PL PT RO SI SK FI
SE NO CH TR IS UK (NI)
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
AL GA MD ME MK RS UK UA
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
Testgerechten30 Testgerechten
Deze instellingsaanbevelingen zijn bedoeld voor testin-
stituten om het testen van onze apparaten te vergemak-
kelijken. De testen worden met onze kooksets voor in-
ductiekookplaten uitgevoerd. Indien nodig kunt u deze
accessoiresets op een later tijdstip aanschaffen bij de
vakhandel, via onze technische klantenservice of in on-
ze webshop.
30.1 De couverture smelten.
Ingrediënten: 150 g pure chocolade (55% cacao).
Pot Ø 16 cm zonder deksel
Koken: Vermogensstand 1.
30.2 Linzenschotel opwarmen en
warmhouden
Recept volgens DIN 44550
Begintemperatuur 20°C
Opwarmen zonder omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 450 g
Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 1.
Pot Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 800 g
Verwarmen: tijdsduur 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 1.
30.3 Linzenschotel opwarmen en
warmhouden
Bijv.: linzendiameter 5-7 mm. Starttemperatuur 20°C
Na 1 min. opwarmen omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 500 g
Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 1.
Pan Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 1 kg
Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 1.
30.4 Bechamelsaus
Melktemperatuur: 7ºC
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
24
background
Testgerechten nl
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 40 g boter,
40 g meel, 0,5 l melk met 3,5% vetgehalte en een
snufje zout
Bechamelsaus maken
1.
Boter smelten, bloem en zout erdoor roeren en het
geheel verwarmen.
Verwarm het: duur 6 min., vermogensfase 2
2.
De melk bij de roux van bloem voegen en deze onder
voortdurend roeren aan de kook brengen.
Verwarm het: duur 6 min. 30 sec., vermogensfa-
se 7
3.
Als de bechamelsaus aan de kook komt, laat deze
dan nog 2 minuten op de kookzone staan, onder
voortdurend roeren.
Kookpunt: Vermogensstand 2
30.5 Kook rijstpudding met deksel
Melktemperatuur: 7ºC
1. De melk verwarmen tot hij begint op te komen. Ver-
warmen zonder deksel. Na 10 min. opwarmen omroe-
ren.
2. Stel het aanbevolen vermogen in en voeg rijst, suiker
en zout toe aan de melk.
Bereidingstijd inclusief opwarmen, ca. 45min.
Pan Ø 16 cm Ingrediënten: 190g rijst met ronde kor-
rel, 90g suiker, 750ml melk met 3,5% vetgehalte en
1g zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.
Kookpunt: Vermogensstand 3
Pan Ø 20 cm Ingrediënten: 250g rijst met ronde kor-
rel, 120g suiker, 1l melk met 3,5% vetgehalte en
1,5g zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.
Doorkoken: vermogensstand 3, na 10 min. omroe-
ren
30.6 Kook rijstpudding zonder deksel
Melktemperatuur: 7ºC
1. Ingrediënten aan de melk toevoegen en onder voort-
durend roeren opwarmen.
2. Wanneer de melk ca. 90 ºC heeft bereikt, kiest u het
aanbevolen prestatieniveau en laat u de melk ca. 50 mi-
nuten sudderen op een lage stand.
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 190g rijst
met ronde korrel, 90g suiker, 750ml melk met 3,5%
vetgehalte en 1g zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.
Kookpunt: Vermogensstand 3
Pot Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 250g rijst
met ronde korrel, 120g suiker, 1l melk met 3,5%
vetgehalte en 1,5g zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogens-
stand 8.
Kookpunt: Vermogensstand 2.
30.7 Rijst koken
Recept volgens DIN 44550
Watertemperatuur: 20°C
Pan Ø 16 cm met deksel Ingrediënten: 125g rijst met
lange korrel, 300g water en een snufje zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 2
Pan Ø 20 cm met deksel Ingrediënten: 250 g rijst
met lange korrel, 600g water en een snufje zout
Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 2.
30.8 Varkenslende braden
Begintemperatuur van de lende: 7°C
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 3
varkenslendenen, totaalgewicht ca. 300g, 1cm dik,
en 15ml zonnebloemolie
Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 7
30.9 Crêpes bereiden
Recept volgens DIN EN 60350-2
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 55
ml deeg per crêpe
Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogens-
stand 9
Kookpunt: Vermogensstand 7
30.10 Diepvriesfrites frituren
Pan Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 2 l zonne-
bloemolie. Voor elke bakcyclus: 200 g bevroren frie-
ten, 1 cm dik.
Opwarmen: vermogensstand 9, tot de olie een tem-
peratuur van 180°C bereikt.
Kookpunt: Vermogensstand 9
25
background
background
background
Thank you for buying a
Bosch Home Appliance!
Register your new device on MyBosch now and profit directly from:
Expert tips & tricks for your appliance
Warranty extension options
Discounts for accessories & spare-parts
Digital manual and all appliance data at hand
Easy access to Bosch Home Appliances Service
Free and easy registration also on mobile phones:
www.bosch-home.com/welcome
Looking for help?
You'll find it here.
Expert advice for your Bosch home appliances, help with problems
or a repair from Bosch experts.
Find out everything about the many ways Bosch can support you:
www.bosch-home.com/service
Contact data of all countries are listed in the attached service directory.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY
www.bosch-home.com
A Bosch Company
*9002025862*
9002025862 (050718) REG25
nl

Specifications

Bosch PVQ89BH26E Questions and Answers