
nl Inhoudsopgave
U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de
QR-code op de titelpagina.
InhoudsopgaveInhoudsopgave
GEBRUIKERSHANDLEIDING
1 Veiligheid ................................................................. 2
2 Materiële schade voorkomen ................................. 3
3 Milieubescherming en besparing .......................... 4
4 Uw apparaat leren kennen ...................................... 4
5 Voor het eerste gebruik .......................................... 5
6 Servies ..................................................................... 5
7 De Bediening in essentie ........................................ 6
8 Servies voorverwarmen .......................................... 6
9 Kopjes voorverwarmen .......................................... 7
10 Gerechten warmhouden ....................................... 7
11 Gistdeeg of yoghurt maken .................................. 7
12 Garen met lage temperaturen .............................. 8
13 Andere toepassingen ........................................... 9
14 Ontdooien .............................................................. 9
15 Zo lukt het .............................................................. 9
16 HomeConnect ................................................... 11
17 Reiniging en onderhoud .................................... 12
18 Storingen verhelpen ........................................... 13
19 Afvoeren .............................................................. 15
20 Servicedienst ...................................................... 15
21 Informatie over vrije software en opensource-
software ............................................................... 15
22 Conformiteitsverklaring ..................................... 16
23 MONTAGEHANDLEIDING .................................. 16
23.5 Veilige montage ............................................... 18
Veiligheid 1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in
acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door.
¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-
ductinformatie voor later gebruik of voor vol-
gende eigenaren.
¡ Sluit het apparaat in geval van transport-
schade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
¡ om gerechten warm te houden en om kook-
gerei op te warmen.
¡ om voedsel en dranken te bereiden.
¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten
ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-
veau.
Gebruik het apparaat niet:
¡ op boten of in voertuigen.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinde-
ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,
sensorische of geestelijke beperkingen of met
gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-
der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het
veilige gebruik van het apparaat en de daaruit
resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet
worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze
15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8
jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel
kunnen komen.
1.4 Veiliger gebruik
WAARSCHUWING‒Brandgevaar!
De binnenruimte van het apparaat wordt zeer
heet, brandbare materialen kunnen vlam vat-
ten.
Bewaar nooit voorwerpen of vormen van
kunststof in het apparaat.
2

Materiële schade voorkomen nl
WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-
den!
De accessoires of vormen worden tijdens ge-
bruik zeer heet.
Haal hete accessoires of vormen altijd met
behulp van ovenwanten uit het apparaat.
De binnenruimte wordt tijdens het gebruik zeer
heet.
Nooit de hete binnenruimte van het apparaat
aanraken.
Houd kinderen uit de buurt.
De achterzijde van het frontpaneel wordt tij-
dens gebruik zeer heet.
Voor het openen van het apparaat het front-
paneel uitsluitend aan de zijkant of onder-
kant aanraken.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
Het apparaat voor het schoonmaken laten
afkoelen.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische
schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel
mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonder-
delen worden gebruikt voor reparatie van het
apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-
aansluitkabel van dit apparaat beschadigd
raakt, moet deze worden vervangen door
een speciale netaansluitkabel of speciale ap-
paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de
fabrikant of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-
schadigd, moet het door geschoold vakper-
soneel worden vervangen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is
gevaarlijk.
Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-
onderdelen of warmtebronnen in contact
brengen.
Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten
of randen in contact brengen.
Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of
veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische
schok veroorzaken.
Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-
bruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd
netsnoer is gevaarlijk.
Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-
paraat van het elektriciteitsnet te scheiden.
Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-
ken.
Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-
schadigd, dan direct de stekker van het net-
snoer uit het stopcontact halen of de zeke-
ring in de meterkast uitschakelen.
Neem contact op met de klantenservice.
Pagina15
WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over
het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en
stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-
ren houden.
Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal
spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen
of inslikken en hierdoor stikken.
Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen
houden.
Kinderen niet met kleine onderdelen laten
spelen.
Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomen
LET OP
Een te hoog gewicht kan het apparaat beschadigen.
Belast het apparaat met maximaal 25kg.
Vochtigheid kan het apparaat beschadigen.
Gebruik het apparaat niet voor het bewaren van voed-
sel en dranken. De vochtigheid van de gerechten kan
leiden tot corrosieschade.
3

nl Milieubescherming en besparing
Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-
nen worden hergebruikt.
De afzonderlijke componenten op soort gescheiden
afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat
minder stroom.
Verdeel voor het efficiënt voorverwarmen het servies ge-
lijkmatig in het apparaat.
De bereiding van gerechten, bijv. bereiden bij lage tem-
peraturen, is in de warmhoudlade energiezuiniger dan in
de oven.
Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Touchvelden
Tiptoetsen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Raak het
betreffende veld kort aan om een functie te kiezen.
Tiptoets Functie
Apparaat in- of uitschakelen
Favorieten toevoegen
1
Kopjes voorverwarmen
Servies voorverwarmen
Gerechten warmhouden
Garen bij lage temperatu-
ren
Temperatuur instellen
30° - 80° Temperatuur kiezen
2
HomeConnect-Pairing star-
ten
Opmerkingen
Wanneer u de tiptoets aanraakt, dan voert het appa-
raat de betreffende functie uit.
Tiptoetsen voor momenteel niet selecteerbare func-
ties zijn niet verlicht.
De actueel geselecteerde instellingen zijn met kleur
verlicht.
Houd de bedieningselementen altijd droog. Vocht
heeft een nadelige invloed op de werking.
Indicaties
De indicaties op het bedieningspaneel geven de be-
drijfstoestand van het apparaat aan.
Indicatie Functie
is wit verlicht HomeConnect is beschik-
baar.
knippert wit Apparaat maakt verbinding
met HomeConnect.
brandt in kleur Apparaat is met HomeCon-
nect verbonden.
knippert in kleur Verbinding met HomeCon-
nect is gestoord.
De functie-indicatie bevindt zich op het frontpaneel van
het apparaat.
Functie-indicatie Functie
Uit Apparaat UIT
Branden Apparaat AAN
Knipperen Verwarmen-indicatie
Snel knipperen Storing
1
Alleen beschikbaar wanneer het apparaat met HomeConnect is verbonden.
2
Afhankelijk van de gekozen functie.
4

Voor het eerste gebruik nl
Voorgestelde temperatuur en temperatuurbereik
Afhankelijk van de gekozen functie toont het apparaat het mogelijke temperatuurbereik. De gekozen functie en de
overeenkomstige voorgestelde temperatuur branden in kleur.
Bij het inschakelen branden de laatst gekozen functie en temperatuur in kleur.
Functie Voorgestelde temperatuur in °C Instelbaar temperatuurbereik in °C
Kopjes voorverwarmen 50 40-60
Servies voorverwarmen 60 50-70
Gerechten warmhouden 70 60-80
Garen bij lage temperaturen 80 70-80
Temperatuurbereik 50 30-80
4.2 Warmhouden gedurende een langere
periode
Uw apparaat houdt de temperatuur van uw gerecht ge-
durende een langere tijdsperiode tussen de 30°C en de
80°C.
U kunt tot wel 74uur lang gerechten warmhouden, zon-
der het apparaat in of uit te schakelen. Let erop dat le-
vensmiddelen die snel bederven niet te lang in het ap-
paraat mogen staan.
Wanneer u het apparaat gedurende deze tijdsperiode
opent, dan verwarmt het apparaat verder en draait de
ventilator.
4.3 Veiligheidsuitschakeling
Voor uw beveiliging is het apparaat uitgerust met een
veiligheidsuitschakeling. Het verwarmen eindigt altijd na
24uur, als het apparaat in deze tijd niet bediend wordt.
Alle indicaties zijn uit. Wanneer het apparaat uitschakelt
klinkt een geluidssignaal. Ook na een stroomuitval blijft
het apparaat uitgeschakeld.
Wanneer Warmhouden over een langere periode is in-
gesteld, dan is de veiligheidsuitschakeling gedeacti-
veerd.
Voor het eerste gebruik5 Voor het eerste gebruik
Bereid het apparaat voor voor het gebruik.
5.1 Het apparaat reinigen en verwarmen
voordat u het voor het eerst gebruikt
Opmerking: Bij de eerste keer inschakelen duurt het
ca.60seconden voordat het apparaat klaar is voor ge-
bruik. Er klinkt een geluidssignaal. De tiptoetsen bran-
den oplopend van links naar rechts.
Vereiste: In het apparaat bevinden zich geen voorwer-
pen.
1.
Druk op het frontpaneel van het apparaat.
Het apparaat opent en kan aan de zijkant of onder-
kant van het frontpaneel tot de aanslag uit worden
getrokken.
2.
Reinig het apparaat met een vochtige doek en een
neutraal reinigingsmiddel, zoals afwasmiddel en wa-
ter.
3.
Druk op .
Er klinkt een geluidssignaal.
4.
Druk op .
5.
Op 80°C drukken en het apparaat sluiten.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
6.
Verwarm het apparaat gedurende een uur op bij
80°C.
Rookontwikkeling en geurvorming zijn normaal.
Ventileer de ruimte waarin het apparaat is geplaatst
goed.
Servies6 Servies
Let op de volgende punten bij het vullen van het appa-
raat. U mag het apparaat met maximaal 25kg beladen.
Afhankelijk van de apparaathoogte kunt u een verschil-
lende hoeveelheid gerei verwarmen.
6.1 Servies voor 29 cm hoge apparaten
Met een 29cm hoog apparaat kunt u bijv. servies voor
12 personen voorverwarmen.
Servies Afmetingen
12Menuborden ø27cm
12Soepkommen ø13cm
1Schaal ø24cm
Servies Afmetingen
1Schaal ø21cm
1Schaal ø17cm
2Vleesschotels 32x20cm
6.2 Servies voor 14 cm hoge apparaten
Met een 14cm hoog apparaat kunt u bijv. servies voor
6personen voorverwarmen.
Servies afmetingen
6dinerborden ø27cm
6soepkommen ø13cm
5

nl De Bediening in essentie
Servies afmetingen
1schaal ø20cm
1schaal ø18cm
Servies afmetingen
1schaal ø14cm
1vleesschaal 32x20cm
De Bediening in essentie7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat openen
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
De achterzijde van het frontpaneel wordt tijdens gebruik
zeer heet.
Voor het openen van het apparaat het frontpaneel uit-
sluitend aan de zijkant of onderkant aanraken.
Druk op het frontpaneel van het apparaat.
Het apparaat opent en kan aan de zijkant of onder-
kant van het frontpaneel tot de aanslag uit worden
getrokken.
7.2 Apparaat sluiten
Het apparaat erin schuiven tot het vastklikt.
7.3 Apparaat inschakelen
1.
Druk op .
Er klinkt een geluidssignaal.
2.
Kies een functie.
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De beschikbare temperaturen gaan branden.
3.
Kies indien nodig een andere temperatuur.
De gekozen temperatuur brandt in kleur.
4.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
7.4 Uitschakelen van het apparaat
Druk op .
Er klinkt een geluidssignaal.
7.5 Temperatuur instellen
1.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De instelbare temperaturen branden wit.
2.
Een temperatuur kiezen.
De gekozen temperatuur brandt in kleur.
7.6 Voorgestelde temperatuur aanpassen
1.
Kies de functie.
2.
Houd het symbool voor de gewenste voorgestelde
temperatuur ingedrukt, tot het geluidssignaal klinkt.
De voorgestelde temperatuur is gewijzigd.
7.7 Warmhouden gedurende een langere
periode instellen
1.
Druk op .
Er klinkt een geluidssignaal.
2.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur brandt in kleur.
3.
Stel de gewenste temperatuur in tussen 30°C en
80°C.
4.
Druk tegelijkertijd op en .
brandt in kleur. 30° brandt wit.
5.
druk op 30°.
30° brandt in kleur.
6.
Houd ingedrukt, totdat een geluidssignaal klinkt.
brandt wit.
en de ingestelde temperatuur branden gekleurd. De
helderheid van het display is gereduceerd.
7.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
Wanneer u het apparaat gedurende deze tijdsperiode
opent, dan verwarmt het apparaat verder en draait de
ventilator.
7.8 Warmhouden gedurende een langere
periode beëindigen
1.
Druk op .
Het apparaat verwarmt niet langer.
2.
Druk opnieuw op om het apparaat uit te schakelen.
Er klinkt een geluidssignaal.
Tip: Wanneer u het apparaat met HomeConnect heeft
verbonden, dan kunt u in de HomeConnect app een uit-
schakeltimer programmeren.
Servies voorverwarmen8 Servies voorverwarmen
In voorverwarmd servies blijven gerechten langer warm.
8.1 Servies voorverwarmen starten
1.
Plaats de vorm in het apparaat.
Zorg ervoor dat er geen hoge serviesdelen of sta-
pels borden de ventilatie-openingen aan de achter-
zijde blokkeren, om een goede circulatie van de
warme lucht te waarborgen.
Verdeel het servies over de hele bodem van het
apparaat, om de tijdsduur voor het verwarmen te
reduceren.
De tijdsduur voor het verwarmen is afhankelijk van
het materiaal de dikte, de hoeveelheid en de verde-
ling van het servies. Bij een menu-servies voor 6per-
6

Kopjes voorverwarmen nl
sonen bedraagt de opwarmduur ca.30 tot 40minu-
ten.
2.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De beschikbare temperaturen gaan branden.
3.
Kies indien nodig een andere temperatuur.
4.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
8.2 Servies voorverwarmen beëindigen
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer
heet.
Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp
van ovenwanten uit het apparaat.
1.
Open het apparaat.
2.
Schakel het apparaat uit.
3.
Verwijder het servies.
Kopjes voorverwarmen9 Kopjes voorverwarmen
In voorverwarmde kopjes blijven dranken langer warm.
9.1 Kopjes voorverwarmen starten
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
Bij te hoge temperaturen bestaat verbrandingsgevaar.
Stel voor kopjes altijd temperaturen onder 60°C in.
1.
Plaats de kopjes in het apparaat.
Verdeel de kopjes over de gehele bodem van het
apparaat, om de tijdsduur te reduceren.
De tijdsduur is afhankelijk van het materiaal de dikte,
de hoeveelheid en de verdeling van de kopjes.
2.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De beschikbare temperaturen gaan branden.
3.
Kies indien nodig een andere temperatuur.
4.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
9.2 Kopjes voorverwarmen beëindigen
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer
heet.
Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp
van ovenwanten uit het apparaat.
1.
Open het apparaat.
2.
Schakel het apparaat uit.
3.
Haal de kopjes uit het apparaat.
Gerechten warmhouden10 Gerechten warmhouden
Met het apparaat kunnen gerechten een bepaalde tijd
worden warm gehouden.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor het warmhouden van gerechten",
Pagina9
10.1 Gerechten warmhouden starten
1.
Doe de vorm niet te vol, om overlopen te voorkomen.
2.
Dek de gerechten af met hittebestendige doorzichtige
folie, aluminiumfolie of een hittebestendig deksel.
3.
Plaats de vorm in het apparaat.
4.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De beschikbare temperaturen gaan branden.
5.
Kies indien nodig een andere temperatuur.
6.
Sluit de warmhoudlade.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
10.2 Gerechten warmhouden beëindigen
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer
heet.
Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp
van ovenwanten uit het apparaat.
1.
Open het apparaat.
2.
Schakel het apparaat uit.
3.
Verwijder het servies.
Gistdeeg of yoghurt maken11 Gistdeeg of yoghurt maken
Met uw apparaat kunt u gemakkelijk gistdeeg of yoghurt
maken.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor het maken van gistdeeg of yog-
hurt", Pagina9
11.1 Gistdeeg maken
1.
Het gistdeeg maken.
2.
Het gistdeeg in een geschikte container doen.
3.
Plaats de container in het apparaat.
7

nl Garen met lage temperaturen
4.
Dek de container af met een vochtige doek.
5.
Verhit het apparaat volgens de overeenkomstige tem-
peratuurindicatie en tijdsindicatie verwarmen.
11.2 Yoghurt maken
1.
Om dikke yoghurt te krijgen, kunt u magere melkpoe-
der aan de melk toevoegen alvorens deze te verwar-
men.
Gebruik per liter melk één tot twee eetlepels magere
melkpoeder.
2.
Verhit gepasteuriseerde melk op de kookplaat tot
90°C om te voorkomen dat de yoghurt culturen ver-
nietigd worden.
Bij UHT-melk is verhitten niet nodig.
Met koude melk is de rijpingsduur langer.
3.
Laat de melk au bain-marie afkoelen tot 40°C om de
yoghurtculturen niet te vernietigen.
4.
Roer natuurlijke yoghurt met de geselecteerde yog-
hurt culturen door de melk.
Gebruik per 100°ml melk één tot twee theelepels
yoghurt.
5.
Neem bij yoghurtcultuur de aanwijzingen op de ver-
pakking in acht.
6.
Gebruik yoghurtpotten met schroefdeksel.
7.
Indien beschikbaar, de afgewassen yoghurtpotten in
een stoomoven bij 100°C en 100% vochtigheids-
graad gedurende 20 tot 25 minuten desinfecteren.
8.
Doe het yoghurtmengsel in de gedesinfecteerde yog-
hurtpotten.
9.
Sluit de yoghurtpotten met een schroefdeksel.
10.
Plaats de yoghurtpotten in het apparaat.
11.
Zet de yoghurt wanneer deze klaar is in de koelkast.
Garen met lage temperaturen12 Garen met lage temperaturen
Bereiden bij lage temperaturen is de ideale bereidings-
methode om alle delicate stukken vlees rosé of à point
te bereiden. Het vlees blijft heel sappig en wordt boter-
zacht. Omdat de tijden bij het bereiden bij lage tempera-
tuur wezenlijk langer zijn, heeft u veel speelruimte bij de
menu-planning. Op een lage temperatuur bereid vlees
laat zich probleemloos warmhouden.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor garen bij lage temperaturen",
Pagina9
12.1 Tips voor het garen met lage
temperaturen
Hier vindt u tips voor een goed resultaat voor het garen
bij lage temperaturen.
Gebruik alleen vers vlees. Verwijder zorgvuldig de pe-
zen en vetranden. Vet ontwikkelt bij het langzaam ga-
ren een sterke eigen smaak.
Ook grotere stukken vlees hoeft u niet te keren.
U kunt het vlees na het langzaam garen direct in stuk-
ken snijden. Het hoeft niet te rusten.
Door de speciale bereidingsmethode ziet het vlees er
van binnen altijd rosé uit. Het vlees is echter in geen
geval rauw of niet gaar genoeg.
Het op een lage temperatuur gegaarde vlees is niet
zo heet als vlees dat op de gebruikelijke manier is
gebraden. Serveer de sauzen zeer heet. Doe de bor-
den gedurende de laatste 20-30minuten ook in het
apparaat.
Wanneer u op een lage temperatuur gegaard vlees
warm wilt houden, kies dan 60°C. Kleine stukken
vlees kunt u tot 45minuten en grote stukken vlees
maximaal 2uur worden warmhouden.
12.2 Garen met lage temperaturen starten
1.
Gebruik uitsluitend geschikt serviesgoed van glas,
porselein of keramiek met deksel, bijvoorbeeld een
glazen ovenschotel.
2.
Wanneer er voor de vorm geen deksel beschikbaar
is, gebruik dan hittebestendige vershoudfolie voor het
afdekken van de vorm.
3.
Plaats het gerei op de bodem in het apparaat.
4.
Druk op om de vorm voor te verwarmen.
5.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
6.
Verhit een beetje vet sterk in een pan.
7.
Schroei het vlees heet dicht.
8.
Plaats het vlees in de voorverwarmde vorm.
9.
Doe het deksel op de vorm of gebruik hittebestendi-
ge vershoudfolie voor het afdekken.
10.
Het gerei met het vlees in het apparaat plaatsen.
11.
Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht.
De beschikbare temperaturen gaan branden.
12.
Kies indien nodig een andere temperatuur.
13.
Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voor-
verwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en
de ventilator draait.
12.3 Garen met lage temperaturen
beëindigen
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer
heet.
Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp
van ovenwanten uit het apparaat.
1.
Open het apparaat.
2.
Schakel het apparaat uit.
3.
Verwijder het servies.
8

Andere toepassingen nl
Andere toepassingen13 Andere toepassingen
Uw apparaat biedt nog meer nuttige toepassingen. Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor andere toepassingen", Pagina10
Ontdooien14 Ontdooien
Met uw apparaat kunt u diepvriesproducten zacht en ge-
lijkmatiger dan in de magnetron ontdooien.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladviezen voor het ontdooien", Pagina11
14.1 Etenswaar ontdooien
WAARSCHUWING‒Kans op gevaar voor de ge-
zondheid!
Bij het ontdooien van dierlijke levensmiddelen is over-
dracht van kiemen mogelijk.
Verwijder bij het ontdooien van dierlijke levensmidde-
len het ontdooivocht.
Zorg ervoor dat de ontdooivloeistof nooit in contact
komt met andere levensmiddelen.
1.
Haal de etenswaar vóór het ontdooien uit de verpak-
king.
2.
Ontdooi slechts de benodigde hoeveelheid.
3.
Keer vlees of vis na de helft van de ontdooitijd.
4.
Losse diepvriesproducten zoals bessen of stukken
vlees los van elkaar maken.
Opmerkingen
De ontdooiduur is afhankelijk van de grootte, het ge-
wicht en de vorm van de diepvriesproducten. Vries
voedsel vlak of afzonderlijk in, om de ontdooiduur te
verkorten.
Ontdooide etenswaar zijn in bepaalde omstandighe-
den niet meer zo houdbaar en bederven sneller dan
verse etenswaar. Verwerk ontdooid etenswaar direct
en bereid deze door en door.
Vis moet niet volledig ontdooien. Bij vis is het vol-
doende wanneer het oppervlak zacht genoeg is om
de specerijen op te nemen.
Zo lukt het15 Zo lukt het
15.1 Insteladvies voor het warmhouden van gerechten
Houd u aan het volgende insteladvies wanneer u de gerechten warm houdt. Houd de maximale duur in het overzicht
aan, om uitdrogen van de gerechten te vermijden.
Voedingswaar Servies voorverwar-
men
Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Eieren gekookt, roerei ja 50 maximaal 60 Etenswaar afdekken
Toastbrood, broodjes ja 60 maximaal 60
gevoelig voedsel, bijv.
langzaam gegaard
vlees
nee 60 maximaal 60 Vlees pas kort voor
het serveren snijden,
etenswaar afdekken
Gerechten ja 80 maximaal 60 Etenswaar afdekken
Dranken ja 70 maximaal 60 Dranken afdekken
15.2 Insteladvies voor het maken van gistdeeg of yoghurt
Houd dit insteladvies aan.
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Gistdeeg 40 45-60 Schotel, schaal of bakblik,
het gistdeeg afdekken
Yoghurt 40 420 Yoghurtpotten afsluiten met
de deksels
15.3 Insteladvies voor garen bij lage temperaturen
De volgende instellingen werden speciaal voor uw apparaat getest.
Voor het garen bij lage temperatuur zijn alle zachte delen van rund, varken, kalf, lam, wild en gevogelte geschikt. De
aanbraad- en nagaartijden zijn afhankelijk van de grootte van de vleesstukken. De aanbraadtijden gelden voor het in-
leggen in het hete vet.
9

nl Zo lukt het
Kleine stukken vlees
Voedingswaar Aanbraadtijd op de kook-
plaat
Nagaartijd in de warm-
houdlade
Temperatuur in °C
Blokjes of reepjes rondom 1-2minuten 20-30minuten 80
Kleine schnitzels, steaks of
medaillons, ca. 1-2cm dik
per zijde 1-2minuten 35-50minuten 80
Middelgrote stukken vlees
Voedingswaar Aanbraadtijd op de kook-
plaat
Nagaartijd in de warm-
houdlade
Temperatuur in °C
Filet, 400-800g rondom 4-5minuten 75-120minuten 80
Lamsrug, ca.450g per zijde 2-3minuten 50-60minuten 80
magere braadstukken,
800-1000g
rondom 6-8minuten 120-180minuten 80
Grote stukken vlees
Voedingswaar Aanbraadtijd Nagaartijd in de warm-
houdlade
Temperatuur in °C
Filet, vanaf 800-2000g rondom 6-8minuten 120-210minuten 80
Rosbief, 1-2kg rondom 8-10minuten 180-210minuten 80
Overige voedingswaren
Voedingswaar Aanbraadtijd Nagaartijd in de
warmhoudlade
Temperatuur in °C Aanwijzingen
Ragout rondom 6-8minuten 15uur 80
80
in braadslede met dek-
sel
In olie gesmoord
vlees
20uur 80 in braadslede met dek-
sel, bijv. Confît de ca-
nard (specialiteit uit
Zuidwest Frankrijk)
15.4 Insteladvies voor andere toepassingen
Houd de volgende insteladviezen aan.
Opwarmen
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Eier- en meelgerechten,
bijv. crêpes, pannenkoeken,
wraps, taco's
80 10-60 Etenswaar afdekken
Gebak, bijv. kruimeltaarten,
muffins
80 30-45 Etenswaar afdekken
Smelten
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Gelatine oplossen 80 10-15 Gelatineblaadjes voor het
smelten in water weken en
uitwringen
Chocoladereep, chocolade-
couverture
60 30-45 Breek de chocolade in stuk-
ken
Boter 80 30-45 Snij de boter in blokjes
10

HomeConnect nl
Drogen
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Verse kruiden 60 90
Schuimgebakjes 80 150-180 3-4 cm diameter
Appelringen 70 420-480 Snij de appel in fijne plakjes
of ringen
Olie aromatiseren
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Gearomatiseerde olie 80 90-120 bijv. olijfolie met citroen, ro-
zemarijn, chilipepers
Katoenen doeken opwarmen
Tafellinnen Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten Aanwijzingen
Hete katoenen doeken 80 60 Maak de katoenen doeken
voor het verwarmen vochtig
en rol ze op. Plaats de ka-
toenen doeken op een bord
of in een bak. Plaats het
bord of de bak in de warm-
houdlade.
15.5 Insteladviezen voor het ontdooien
Houd u aan het volgende insteladvies wanneer u voedsel ontdooit.
Voedingswaar Temperatuur in °C Tijdsduur in minuten
gevoelig diepvriesvoedsel, bijv. boter,
kaas, bessen
40 45-60
Brood, broodjes, baguette, gebak 60 15-30
Vlees, vis 60 30-60
HomeConnect 16 HomeConnect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw ap-
paraat met een mobiel eindapparaat om functies te kun-
nen bedienen via de HomeConnect app, basisinstellin-
gen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te
bewaken.
De HomeConnect diensten zijn niet in elk land beschik-
baar. De beschikbaarheid van de functie HomeConnect
is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Ho-
meConnect diensten in uw land. Informatie hierover
vindt u op:
www.home-connect.com
.
De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-
dingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de in-
structies in de HomeConnect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiks-
aanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nage-
leefd wanneer u het apparaat via de HomeConnect
app bedient.
"Veiligheid", Pagina2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-
meConnectapp niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-
paraat max.2W nodig.
16.1 HomeConnect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en in-
geschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een ac-
tuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-
teem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-
vangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden
zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw
thuisnetwerk.
11

nl Reiniging en onderhoud
1.
Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de HomeConnect app instal-
leren en uw apparaat verbinden.
2.
De aanwijzingen van de HomeConnect app opvol-
gen.
16.2 WiFi-instellingen resetten en WiFi
uitschakelen
1.
ingedrukt houden tot een geluidssignaal klinkt.
knippert eenmaal wit.
WiFi is gereset. Het apparaat zoekt naar de verbin-
ding met een ander mobiel eindapparaat.
2.
opnieuw ingedrukt houden tot een geluidssignaal
klinkt.
brandt gedurende 2seconden wit.
WiFi is uitgeschakeld.
16.3 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van
uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhel-
pen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates als-
mede voor extra functies en diensten.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde HomeCon-
nectgebruiker bent, de app op uw mobiele eindappa-
raat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Ho-
meConnectserver hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u
hierover via de HomeConnectapp geïnformeerd en
kunt u de software-update via de app starten. Na het
succesvol downloaden kunt u de installatie via de Ho-
meConnectapp starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk
(WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie
wordt u via de HomeConnectapp geïnformeerd.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
– In de eerste stap van de download.
– In de tweede stap de installatie op uw apparaat.
Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blij-
ven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instel-
lingen in de app kunnen software-updates ook auto-
matisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de instal-
latie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het
raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
16.4 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toe-
gang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de des-
betreffende wens tot de klantenservice richt, uw appa-
raat met de HomeConnect server verbonden is en de
diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat
gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de be-
schikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land
vindt u in het gedeelte service/support van de lokale
website:
www.home-connect.com
.
16.5 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de
persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt ver-
bonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aan-
gesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën
door aan de HomeConnect server (eerste registratie):
Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande
uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de inge-
bouwde WiFicommunicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodu-
le (voor de informatietechnische beveiliging van de
verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huis-
houdapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fa-
brieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Ho-
meConnect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie
dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u
voor het eerst van de HomeConnect functionaliteiten
gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de HomeConnect functionali-
teiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met
de HomeConnect app. Informatie over gegevensbe-
scherming kan worden opgeroepen in de HomeCon-
nect app.
Reiniging en onderhoud17 Reiniging en onderhoud
17.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij de
klantenservice of in de online-shop.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak-
ken van het apparaat beschadigen.
Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen ge-
bruiken.
Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen ge-
bruiken.
Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor
roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de
gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel
worden aanbevolen.
Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
12

Storingen verhelpen nl
17.2 Apparaat reinigen
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken
om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
1.
Reinig het apparaat met een vochtige doek en een
neutraal reinigingsmiddel, zoals afwasmiddel en wa-
ter.
2.
Met een zachte doek nadrogen.
17.3 Roestvrijstalen oppervlakken reinigen
1.
Kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlek-
ken altijd onmiddellijk verwijderen.
Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan.
2.
Water en een beetje afwasmiddel gebruiken om te
reinigen.
3.
Met een zachte doek nadrogen.
17.4 Glazen front reinigen
Maak het glazen front schoon met een glasreiniger en
een zachte doek.
Gebruik geen krassende schuurspons of schraper
voor vitrokeramische kookplaat.
17.5 Glasplaat reinigen
1.
Reinig de glasplaat met glasreiniger en een zachte
doek.
Gebruik geen krassende schuurspons of schraper
voor vitrokeramische kookplaat.
2.
Met een zachte doek nadrogen.
17.6 Bedieningspaneel reinigen
1.
Reinig het bedieningspaneel met een vochtige doek
en een neutraal reinigingsmiddel, zoals afwasmiddel
en water.
Gebruik geen krassende schuurspons of schraper
voor vitrokeramische kookplaat.
2.
Met een zachte doek nadrogen.
Storingen verhelpen18 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenser-
vice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina15
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden
vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant
of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
18.1 Storingsindicatie
In geval van een storing knippert de functie-indicatie
snel. Er klinkt een geluidssignaal. Wanneer u het appa-
raat opent, dan branden op het bedieningspaneel sym-
bolen, afhankelijk van de oorzaak.
Raak een willekeurige tiptoets aan om het geluidssig-
naal uit te schakelen. Wanneer u vervolgens aanraakt,
dooft de indicatie.
18.2 Functiestoringen
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Apparaat werkt niet. De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.
Controleer de zekering in de meterkast.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functio-
neren.
1.
Open het apparaat.
Na een stroomstoring branden de tiptoetsen oplopend van links naar rechts.
Na ca. 30 s dooft de aanwijzing en is het apparaat klaar voor gebruik.
2.
Start de gewenste functie.
13

nl Storingen verhelpen
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Het apparaat is ingeschakeld. De
functie-indicatie brandt niet.
De functie-indicatie is defect.
Neem contact op met de .
"Servicedienst", Pagina15
De functie-indicatie knippert. Het apparaat warmt op.
Wacht tot het opwarmen is beëindigd.
Het servies of het voedsel blijft
koud.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functio-
neren.
Het apparaat is uitgeschakeld.
Zet het apparaat aan.
Het apparaat is niet volledig gesloten.
Sluit het apparaat.
Het servies dekt de ventilatiesleuf af en het apparaat schakelt de oververhittings-
beveiliging in.
1.
Wacht tot het apparaat is afgekoeld.
2.
Zorg ervoor dat de ventilatie-openingen op de achterwand van het apparaat
niet worden afgedekt.
3.
Schakel het apparaat met de hoofdschakelaar uit en weer aan.
4.
Kies de gewenste functie en temperatuur.
Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen.
"Servicedienst", Pagina15
Het servies of het voedsel wordt
niet warm genoeg.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functio-
neren.
Het servies of het voedsel werd niet lang genoeg opgewarmd.
Warm het servies of het voedsel gedurende een langere periode op.
Het apparaat is niet volledig gesloten.
Sluit het apparaat.
Het apparaat schakelt zichzelf uit.
en branden.
Het apparaat is oververhit.
1.
Wacht tot het apparaat is afgekoeld.
2.
Zorg ervoor dat de ventilatie-openingen op de achterwand van het apparaat
niet worden afgedekt.
3.
Controleer of bij een daarboven ingebouwde bakoven de pyrolysefunctie wordt
uitgevoerd.
Het apparaat schakelt zichzelf uit.
Er klinkt een geluidssignaal. en
knipperen snel.
Fout van het elektronische systeem
1.
Koppel het apparaat los van het stroomnet.
2.
Wacht ca. 30 seconden.
3.
Schakel het apparaat weer in.
Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen.
"Servicedienst", Pagina15
Het apparaat schakelt zichzelf uit.
Er klinkt een geluidssignaal. en
knipperen snel.
Fout van het elektronische systeem
1.
Koppel het apparaat los van het stroomnet.
2.
Wacht ca. 30 seconden.
3.
Schakel het apparaat weer in.
Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen.
"Servicedienst", Pagina15
Het apparaat schakelt zichzelf uit.
Alle indicaties zijn uit.
De veiligheidsuitschakeling heeft het apparaat uitgeschakeld.
Schakel het apparaat weer in.
De indicaties branden. Het appa-
raat warmt niet op.
De demonstratiemodus is geactiveerd.
Deactiveer de demonstratiemodus.
Pagina15
De Home Connect indicatie knip-
pert in kleur.
Netwerkstoring
1.
Controleer de verbinding met het thuisnetwerk, bijv. met een mobiele telefoon
in de buurt van het apparaat.
2.
Start de router opnieuw.
Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen.
"Servicedienst", Pagina15
Het frontpaneel is niet uitgelijnd. Het frontpaneel werd bij de montage niet uitgelijnd.
Stel het frontpaneel.
Pagina20
14

Afvoeren nl
18.3 Demonstratiemodus
Wanneer de demonstratiemodus is geactiveerd, dan
branden de indicaties, maar het apparaat warmt niet op.
Demonstratiemodus deactiveren
1.
Koppel het apparaat kort los van het net.
Trek de netstekker uit het stopcontact of schakel
de zekering of veiligheidsautomaat in de meterkast
uit.
2.
Activeer binnen de volgende 3minuten de demon-
stratiemodus.
Houd gelijktijdig en ingedrukt, tot en 30° met
kleur branden.
Druk op 30° totdat 30° wit brandt.
3.
Houd om de instellingen op te slaan ingedrukt tot-
dat alle indicaties doven.
Afvoeren19 Afvoeren
19.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle
grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
1.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trek-
ken.
2.
Het netsnoer doorknippen.
3.
Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor
kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoerme-
thoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeen-
stemming met de Europese richtlijn
2012/19/EU betreffende afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur
(waste electrical and electronic equip-
ment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de
in de EU geldige terugneming en ver-
werking van oude apparaten.
Servicedienst20 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor
de werking in overeenstemming met de desbetreffende
Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten min-
ste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen
van het apparaat binnen de Europese Economische
Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het
kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de
garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-
code op het meegeleverde document over de service-
contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenser-
vice, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het
productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en
het volgnummer (Z-Nr.) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via
de QR-code op het meegeleverde document over de
servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze
website.
De informatie conform verordening (EU) 2023/826 vindt
u online op
www.bosch-home.com
op de productpagina
en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiks-
aanwijzingen en aanvullende documenten.
20.1 Productnummer (E-Nr.),
productienummer (FD) en volgnummer (Z-
Nr.)
Het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD)
en het volgnummer (Z-Nr.) vindt u op het typeplaatje
van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de
lade opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon-
nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gege-
vens noteren.
Informatie over vrije software en opensourcesoftware21 Informatie over vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat softwarecomponenten die door de
houders van de intellectuele eigendom als vrije software
of opensourcesoftware zijn gelicentieerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huis-
houdapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licen-
tie-informatie via de HomeConnect app raadplegen:
'Profiel -> Juridische informatie -> Licentie-informatie'.
1
Verder kunt u de licentie-informatie downloaden via de
productwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite
naar uw apparaatmodel en de bijbehorende documenta-
tie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie
ook aanvragen via [email protected] of BSH Haus-
geräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
De broncode wordt u op verzoek ter beschikking ge-
steld.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
15

nl Conformiteitsverklaring
Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossre-
[email protected] of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-
Str. 34, D-81739 München.
Onderwerp: „OSSREQUEST“
De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden
u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie
jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedu-
rende de periode waarin wij support en reserveonderde-
len voor het betreffende apparaat bieden.
Conformiteitsverklaring22 Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de funda-
mentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder
www.bosch-home.com
op de productpagina
van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5MHz): max. 100mW
5-GHz-band (5150–5350MHz + 5470–5725MHz): max. 150mW
BE BG CZ DK DE EE IE el ES
FR HR IT CY LI LV LT LU HU
MT NL AT PL PT RO SI SK FI
SE NO CH TR IS UK (NI)
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
AL GA MD ME MK RS UK UA
5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
Montagehandleiding23 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van
het apparaat.
23.1 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op trans-
portschade en de volledigheid van de levering.
14cm
29cm
16

Montagehandleiding nl
23.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
23.3 Inbouw in kast
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
14cm
29cm
23.4 Aanwijzingen voor de elektrische
aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten,
dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de
stroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen op
17

nl Montagehandleiding
een geaarde contactdoos worden aangesloten die vol-
gens de voorschriften is geïnstalleerd.
De netstekker van de netaansluitkabel moet na de in-
bouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatste
elektrische installatie een alpolige scheidingsinrich-
ting volgens de voorwaarden van de overspannings-
categorie III en volgens de opbouwvoorschriften wor-
den ingebouwd.
De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien
worden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschake-
laar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het appa-
raat te installeren.
Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluit-
kabel worden aangesloten. Sluit de aansluitkabel aan
op de achterzijde van het apparaat.
Aansluitleidingen met verschillende stekkertypen zijn
verkrijgbaar bij de servicedienst.
Geen multistekkers, stopcontactdozen of verlengkabels
gebruiken. Bij overbelasting bestaat het risico van
brand.
23.5 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de
veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over
het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en
stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-
ren houden.
Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal
spelen.
WAARSCHUWING‒Brandgevaar!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-
toegestane adapters is gevaarlijk.
Geen verlengsnoeren of meervoudige stop-
contacten gebruiken.
Alleen door de fabrikant goedgekeurde
adapters en netsnoeren gebruiken.
Wanneer het netsnoer te kort is en er geen
langer netsnoer beschikbaar is, neem dan
contact op met een elektrospeciaalzaak om
de huisinstallatie aan te passen.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische
schok!
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is
gevaarlijk.
Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-
onderdelen of warmtebronnen in contact
brengen.
Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten
of randen in contact brengen.
Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of
veranderen.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
De lade kan bij het transport schoksgewijs
openen.
Het apparaat zodanig transporteren dat de
lade niet per ongeluk open gaat.
Tijdens de montage kunnen scherpe onderde-
len toegankelijk zijn.
Draag veiligheidshandschoenen.
LET OP
Het apparaat kan kantelen bij het openen.
Plaats boven het apparaat een vast inge-
bouwde tussenschot in het inbouwmeubel.
Plaats bij de combinatie met een bakoven
een vast ingebouwd tussenschot boven de
bakoven.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische
schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
Het apparaat uitsluitend aansluiten en ge-
bruiken volgens de gegevens op het type-
plaatje.
Het apparaat uitsluitend via een volgens de
voorschriften geïnstalleerd stopcontact met
randaarde op een stroomnet met wissel-
stroom aansluiten.
Het randaardesysteem van de elektrische
huisinstallatie moet conform de elektrotech-
nische voorschriften zijn geïnstalleerd.
Nooit het apparaat via een externe schakel-
inrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdscha-
kelaar of besturing op afstand.
Bij het opstellen van het apparaat erop letten
dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of be-
schadigd.
23.6 Installatie
Inbouwmeubel
Hier vindt u aanwijzingen voor de veilige inbouw.
LET OP
Door het afdekken van de ventilatiesleuven en aan-
zuigopeningen raakt het apparaat oververhit.
Dek de ventilatiesleuven en aanzuigopeningen niet af.
Door de inbouw achter een decorplaat is oververhitting
van het apparaat mogelijk.
Het apparaat niet achter een decorplaat inbouwen.
Het apparaat kan kantelen bij het openen.
Plaats boven het apparaat een vast ingebouwde tus-
senschot in het inbouwmeubel.
Plaats bij de combinatie met een bakoven een vast
ingebouwd tussenschot boven de bakoven.
De inbouwkast mag geen achterwand hebben achter de
apparaten.
18

Montagehandleiding nl
Combinatie met overige apparaten
U kunt de warmhoudlade met maximaal nog één appa-
raat uit dezelfde apparaatserie combineren.
Een tussenschot tussen de apparaten is niet noodzake-
lijk.
Bij inbouw onder een bakoven, combi-stoomoven of
stoomoven is geen kantelbeveiliging noodzakelijk.
Monteer bij inbouw onder de volautomatische espresso-
machine de kantelbeveiliging van de volautomatische
espressomachine.
Monteer bij de volgende combinaties een kantelbeveili-
ging op de warmhoudlade:
Warmhoudlade afzonderlijk, ook bij inbouw onder een
tussenschot
Warmhoudlade onder magnetron
Warmhoudlade onder kookplaat
Warmhoudlade met warmhoudlade, minimaal op bo-
venste apparaat
Warmhoudlade met accessoirelade, minimaal op bo-
venste apparaat
Warmhoudlade met vacumeerlade, minimaal op bo-
venste apparaat
De vacumeerlade altijd onder de warmhoudlade monte-
ren.
U kunt een geschikte kantelbeveiliging verkrijgen via de
klantenservice, op onze website of in de webshop.
"Kantelbeveiliging monteren", Pagina19
Monteer het apparaat niet boven een stoomopwekkend
apparaat, bijv. boven een vaatwasser, een combi-stoom-
oven of een stoomoven.
Houd de aanwijzingen voor de montage
Pagina21
aan bij de combinatie met andere apparaten.
Kantelbeveiliging monteren
U kunt een geschikte kantelbeveiliging (bestelnummer:
12039458) verkrijgen via de klantenservice, op onze
website of in de webshop.
1.
Lijn de beide hoeken op de markering uit.
2.
Schroef de beide hoeken achter de markering in het
sleufgat vast.
3.
Leg het apparaat op een vlakke ondergrond.
4.
Schroef de beide onderste schroeven op de achter-
kant van het apparaat er uit.
5.
Schroef de beide metalen houders op de achterkant
van het apparaat met de beide schroeven vast.
Zorg ervoor dat de metalen houders exact met de
apparaatkant zijn uitgelijnd.
19

nl Montagehandleiding
6.
Schuif het apparaat in het inbouwmeubel en contro-
leer of de kantelbeveiliging aangrijpt.
7.
Corrigeer indien nodig de positie van de hoek met
behulp van het sleufgat.
8.
Schroef de hoek in het inbouwmeubel definitief vast.
9.
Steek de netaansluitkabel volledig in het apparaat.
10.
Schuif het apparaat in het inbouwmeubel.
Zorg dat de netaansluitkabel niet klem komt te zit-
ten.
11.
Verwijder de plakstroken van de frontplaat van het
toestel.
12.
Open het apparaat voorzichtig en controleer of de
kantelbescherming werkt.
Apparaat monteren
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Het apparaat kan kantelen bij het openen.
Verzwaar bij montage zonder tussenschot het appa-
raat vóór het openen met een geschikt gewicht.
1.
Steek de netaansluitkabel volledig in het apparaat.
2.
Schuif het apparaat in het inbouwmeubel.
Zorg dat de netaansluitkabel niet klem komt te zit-
ten.
3.
Lijn het apparaat gecentreerd uit.
4.
Verwijder de plakstroken van de frontplaat van het
toestel.
5.
Open het apparaat.
6.
Schroef het apparaat vast in het inbouwmeubel.
7.
Steek de netaansluitkabel in een geaard stopcontact.
De netaansluitkabel mag na de inbouw de achterkant
en de bodem van het apparaat niet raken.
Frontpaneel stellen
Stel de frontplaat indien nodig naar omhoog of omlaag.
1.
Open het apparaat.
2.
De schroeven aan de zijde van de frontplaat slechts
losdraaien en niet volledig er uit schroeven.
3.
De frontplaat omhoog of omlaag stellen.
Maximale uitlijning is -3 tot +3 mm.
4.
De schroeven vastdraaien.
Wanneer de schroeven bij het vastdraaien niet pak-
ken, de schroeven volledig losraken, dan het meu-
belfront naar boven of beneden bewegen, totdat de
schroefdraden zichtbaar zijn.
20

Montagehandleiding nl
Warmhoudlade met ander apparaat
combineren
LET OP
Scherpe kanten op het apparaat kunnen de frontplaat
van de warmhoudlade beschadigen.
Bij het inschuiven van het apparaat de frontplaat van
de warmhoudlade niet beschadigen.
Voor de installatie van nog een apparaat de warm-
houdlade openen, een doek over de frontplaat leggen
en de warmhoudlade sluiten, om de frontplaat van de
warmhoudlade tegen beschadigingen te beschermen.
1.
Combineer uitsluitend geschikte apparaten van het-
zelfde merk en dezelfde serie.
2.
De aanwijzingen voor het combineren met andere ap-
paraten
Pagina19
aanhouden.
3.
Bouw eerst de warmhoudlade in.
4.
Schuif het apparaat op de warmhoudlade in de in-
bouwkast.
5.
Houd de montagehandleiding van het apparaat aan.
6.
Verwijder het doek uit de warmhoudlade.
21



Thank you for buying a
Bosch Home Appliance!
Register your new device on MyBosch now and profit directly from:
• Expert tips & tricks for your appliance
• Warranty extension options
• Discounts for accessories & spare-parts
• Digital manual and all appliance data at hand
• Easy access to Bosch Home Appliances Service
Free and easy registration – also on mobile phones:
www.bosch-home.com/welcome
Looking for help?
You'll find it here.
Expert advice for your Bosch home appliances, help with problems
or a repair from Bosch experts.
Find out everything about the many ways Bosch can support you:
www.bosch-home.com/service
Contact data of all countries are listed in the attached service directory.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY
www.bosch-home.com
A Bosch Company
*9001700983*
9001700983 (050807) REG25
nl

