
nl
2
Inhoudsopgave
[nl] Gebr ui ks aanwi j z i ng en i nstal l ati evoorschri f t
GEBRUIKSAANWIJZING ......................................................... 2
8 Gebruik volgens de voorschriften.......................2
( Belangrijke veiligheidsvoorschriften ..................3
7 Milieubescherming................................................5
Ç Gebruiksmogelijkheden .......................................5
1 Apparaat bedienen................................................6
e Verbinding kookplaat..........................................10
o Home Connect.....................................................11
2 Reinigen en onderhouden ................................ 13
3 Wat te doen bij storingen? ................................ 15
4 Servicedienst...................................................... 15
INSTALLATIEVOORSCHRIFT ............................................... 17
( Belangrijke veiligheidsvoorschriften ............... 18
K Algemene aanwijzingen..................................... 20
5 Installatie............................................................. 21
GEBRUIKSAANWIJZING
Produktinfo
Meer informatie over producten, accessoires,
onderdelen en diensten vindt u op het internet:
www.bosch-home.com en in de online-shop:
www.bosch-eshop.com
8Gebruik volgens de
voorschriften
Gebr ui k vol gens de voor schr i f t en
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en
veilig bedienen. Bewaar de
gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om
door te geven aan een volgende eigenaar.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een
deskundige montage volgens de
montagehandleiding. De installateur is
verantwoordelijk voor een goede werking op
de plaats van opstelling.
Dit toestel is alleen bestemd voor
huishoudelijk gebruik en de huiselijke
omgeving. Het apparaat is niet voor
buitengebruik bestemd. Zorg ervoor dat het
toestel altijd onder toezicht wordt gebruikt. De
fabrikant is niet aansprakelijk voor schade als
gevolg van onjuist gebruik of onjuiste
bediening.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op
hoogten van maximaal 2.000 meter boven
zeeniveau.
Dit apparaat kan worden gebruikt door
kinderen vanaf 8 jaar en door personen met
beperkte fysieke, sensorische of geestelijke
vermogens of personen die gebrek aan kennis
of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht
staan van een persoon die verantwoordelijk is
voor hun veiligheid of geleerd hebben het op
een veilige manier te gebruiken en zich
bewust zijn van de risico's die het gebruik van
het apparaat met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat
spelen.Reiniging en onderhoud mogen niet
worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze
15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan
8 jaar uit de buurt blijven van het apparaat of
de aansluitkabel.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet
aansluiten in geval van transportschade.
Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met
een externe tijdschakelklok of een
afstandbediening.

Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl
3
(Belangrijke
veiligheidsvoorschriften
Bel angr i j ke vei l i ghei ds voor s chr i f t en
:Waarschuwing – Verstikkingsgevaar!
Verpakkingsmateriaal is gevaarlijk voor
kinderen. Kinderen nooit met
verpakkingsmateriaal laten spelen.
:Waarschuwing – Levensgevaar!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen
leiden tot vergiftiging.
Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,
wanneer de luchtafvoer plaatsvindt in een
ruimte met een vuurbron die gebruikmaakt
van de aanwezige lucht.
Vuurbronnen die de lucht in de ruimte
verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie,
hout of kolen worden gestookt, geisers,
warmwatertoestellen) trekken de
verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en
voeren de gassen via een afvoer (bijv.
schoorsteen) af naar buiten.
In combinatie met een ingeschakelde
afzuigkap wordt aan de keuken en aan de
ruimtes ernaast lucht onttrokken - zonder
voldoende luchttoevoer ontstaat er een
onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen
of het afvoerkanaal worden teruggezogen in
de woonruimte.
■ Zorg daarom altijd voor voldoende
ventilatie.
■ Een ventilatiekast in de muur alleen is niet
voldoende om aan de minimale eisen te
voldoen.
U kunt het apparaat alleen dan zonder risico
gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte
waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is
dan 4Pa (0,04mbar). Dit kan worden bereikt
wanneer de voor de verbranding benodigde
lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in
deuren, ramen, in combinatie met een
ventilatiekast in de muur of andere technische
voorzieningen, kan worden toegevoerd.
Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw
huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit
bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem
van uw huis te beoordelen en kan een voorstel
doen voor passende maatregelen op het
gebied van de luchttoevoer.
Indien de afzuiging alleen met recirculatie
wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik
mogelijk.
:Waarschuwing – Risico van brand!
■ De vetafzettingen in het vetfilter kunnen
ontbranden. Vetfilter regelmatig reinigen.
Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.
Brandgevaar!
■ De vetafzettingen in het vetfilter kunnen
ontbranden. In de buurt van het apparaat
nooit werken met een open vlam (bijv.
flamberen). Het apparaat alleen in de buurt
van een vuurbron voor vaste brandstoffen
(bijv. hout of kolen) installeren wanneer er
een afgesloten, niet verwijderbare
afscherming aanwezig is. Er mogen geen
vonken wegspringen.
Risico van brand!
■ Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete
olie en heet vet nooit gebruiken zonder
toezicht. Vuur nooit blussen met water.
Schakel de kookzone uit. Vlammen
voorzichtig met een deksel, smoordeksel of
iets dergelijks verstikken.
Brandgevaar!
■ Wanneer er gas-kookzones ingeschakeld
zijn waar geen kookgerei op staat, wordt er
tijdens het gebruik zeer veel warmte
ontwikkeld. Een ventilatieapparaat dat
daarop is aangebracht kan beschadigd of
in brand raken. Gebruik de gas-kookzones
alleen wanneer er kookgerei op staat.
Brandgevaar!
■ Bij gelijktijdig gebruik van meerdere gas-
kookzones ontwikkelt zich een grote
warmte. Een ventilatieapparaat dat daarop
is aangebracht kan beschadigd of in brand
raken. Twee gaskookplaten nooit langer
dan 15 minuten gelijktijdig op de hoogste
vlam gebruiken. Een grote brander met
meer dan 5kW (wok) komt overeen met het
vermogen van twee gasbranders.

nl Belangrijke veiligheidsvoorschriften
4
:Waarschuwing – Risico van verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke
onderdelen heet. De hete onderdelen nooit
aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in
de buurt zijn.
:Waarschuwing – Risico van letsel!
■ Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen
scherpe randen hebben.
Veiligheidshandschoenen dragen.
Risico van letsel!
■ Op het apparaat geplaatste voorwerpen
kunnen vallen. Plaats geen voorwerpen op
het apparaat.
Risico van letsel!
■ Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan
de ogen beschadigen (risicogroep 1). Niet
langer dan 100seconden direct in de
ingeschakelde LED-lampen kijken.
:Waarschuwing – Gevaar voor letsel!
Klemgevaar bij het openen en sluiten van het
glazen front. Niet met uw handen in het gebied
achter de ruit of bij de scharnieren komen.
:Waarschuwing – Gevaar door
magnetisme!
In het frontpaneel van het apparaat zijn
permanente magneten geplaatst. Deze
kunnen elektronische implantaten, zoals
pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
Dragers van elektronische implantaten dienen
op minimaal 10 cm afstand van het
frontpaneel te blijven.
:Waarschuwing – Kans op een elektrische
schok!
■ Een defect toestel kan een schok
veroorzaken. Een defect toestel nooit
inschakelen. De netstekker uit het
stopcontact halen of de zekering in de
meterkast uitschakelen. Contact opnemen
met de klantenservice.
Kans op een elektrische schok!
■ Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Reparaties en de vervanging van
beschadigde aansluitleidingen mogen
uitsluitend worden uitgevoerd door technici
die zijn geïnstrueerd door de
klantenservice. Is het apparaat defect, haal
dan de stekker uit het stopcontact of
schakel de zekering in de meterkast uit.
Contact opnemen met de klantenservice.
Kans op een elektrische schok!
■ Binnendringend vocht kan een schok
veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of
stoomreiniger gebruiken.
Oorzaken van schade
Attentie!
Risico van beschadiging door corrosie.
Schakel het apparaat wanneer u kookt altijd in
om condensvorming te voorkomen.
Condenswater kan leiden tot corrosie.
Defecte lampen altijd onmiddellijk vervangen,
om overbelasting van de andere lampen te
voorkomen.
Risico van beschadiging doordat er vocht in
de elektronica van het apparaat komt. Reinig
de bedieningselementen nooit met een natte
doek.
Beschadiging van het oppervlak door een
foutieve manier van reinigen. Roestvrijstalen
oppervlakken uitsluitend reinigen in de
slijprichting. Gebruik voor de
bedieningselementen geen reinigingsmiddel
voor roestvrij staal.
Beschadiging van het oppervlak door scherpe
of schurende reinigingsmiddelen. Gebruik
nooit scherpe of schurende
reinigingsmiddelen.
Beschadigingsgevaar door condensaat-
terugloop. Luchtafvoerkanaal vanuit het
apparaat licht hellend installeren (1° verloop).
Gevaar van beschadiging door een verkeerde
behandeling van designelementen. Niet aan
designelementen trekken. Geen voorwerpen
op designelementen plaatsen of hieraan
ophangen.

Milieubescherming nl
5
7Milieubescherming
Mi l i eubesc her ming
Uw nieuwe apparaat is bijzonder energie-efficiënt. Hier
krijgt u tips over de manier waarop u bij het gebruik van
uw apparaat nog meer kunt besparen op energie en het
apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen
■ Zorg tijdens het koken voor voldoende toevoer van
lucht, zodat de afzuigkap efficiënt werkt en weinig
geluid geeft.
■ Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de
kookdamp aan. Gebruik de intensiefstand alleen
wanneer dit nodig is. Een lagere ventilatiestand
betekent minder energieverbruik.
■ Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere
ventilatiestand. Wanneer er in de keuken al
kookdamp is ontstaan, dient de afzuigkap langer te
worden ingezet.
■ Hoeft de afzuigkap niet meer te worden gebruikt,
schakel hem dan uit.
■ Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langer
nodig is.
■ Filters dienen binnen de aangegeven periodes te
worden gereinigd of vervangen, om de effectiviteit
van de ventilatie te verhogen en het risico van brand
tegen te gaan.
■ Kookdeksel plaatsen om kookdampen en condens
te verminderen.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
ÇGebruiksmogelijkheden
Gebr ui k smogel i j kheden
Gebruik met afvoerlucht
Aanwijzing: De afvoerlucht mag niet worden afgevoerd
via een in gebruik zijnde rook- of gasafvoer, noch via
een schacht die dient voor de ontluchting van ruimtes
met vuurbronnen.
■ Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of
gasafvoer die niet in gebruik is, dan dient u een
vakbekwame schoorsteenveger te raadplegen.
■ Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid,
dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te
gebruiken.
Gebruik met circulatielucht
Aanwijzing: Om geurtjes te voorkomen bij het gebruik
van circulatielucht, dient u een actief koolfilter te
monteren. De verschillende manieren om het apparaat
met circulatielucht te gebruiken, vindt u in de
prospectus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het
daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de
speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.
Dit apparaat is gekenmerkt in
overeenstemming met de Europese richtlijn
2012/19/EU betreffende afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur (waste
electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de
EU geldige terugneming en verwerking van
oude apparaten.
De aangezogen lucht wordt door de
vetfilters gereinigd en via een
buizensysteem naar de buitenlucht
afgevoerd.
De aangezogen lucht wordt door de
vetfilters en een actief koolfilter gereinigd
en weer teruggeleid naar de keuken.

nl Apparaat bedienen
6
1Apparaat bedienen
Ap p a r a a t bedi enen
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende
apparaatvarianten. Het is mogelijk dat er kenmerken
worden beschreven die niet van toepassing zijn op uw
apparaat.
Aanwijzing: Schakel de afzuigkap in zodra u begint
met koken en schakel hem pas enkele minuten na het
koken weer uit. Zo wordt de keukendamp het effectiefst
verwijderd.
Bedieningspaneel variant 1
Ventilator instellen
Inschakelen
Tip op het symbool #.
De ventilator start in ventilatiestand 2.
Ventilatiestand instellen
Kies de ventilatiestand.
Uitschakelen
Tip op het symbool #.
Intensief-stand
Bij sterke geur- en dampvorming kunt u de intensief-
stand gebruiken.
Inschakelen
Tip op het symbool C of D.
Aanwijzing: Na ca. zes minuten schakelt de afzuigkap
zelfstandig terug naar ventilatorstand 3.
Uitschakelen
Wilt u de intensiefstand voor afloop van de vooraf
ingestelde tijd beëindigen, tip dan op het symbool van
de gewenste ventilatiestand.
Tussenstand van het glazen front
Bij enkele apparaten is een tussenstand van het glazen
front mogelijk. Bij bijzondere sterke geur- en
dampontwikkeling kan de tussenstand worden gebruikt.
Het glazen front in het midden vastpakken en
voorzichtig openen.
Naloop ventilator
Inschakelen
Tip op het symbool y.
De ventilator loopt in ventilatiestand 1.
Na ca. 10minuten schakelt de ventilator automatisch
uit.
Uitschakelen
Tip op het symbool y.
De ventilatornaloop wordt direct beëindigd.
Automatische stand
Inschakelen
1. Tip op het symbool #.
De ventilator start op stand 2.
2. Tip op het symbool >.
De optimale ventilatiestand wordt automatisch
ingesteld via de PerfectAir sensor.
Uitschakelen
Tip op een willekeurige ventilatorstand of op # om de
automatische stand uit te schakelen.
Wanneer de PerfectAir sensor geen verandering van de
luchtkwaliteit in de ruimte meer vaststelt, schakelt de
ventilator automatisch uit.
De looptijd in de automatische stand bedraagt
maximaal 4 uur.
Symbool Toelichting
#
Ventilator Aan/Uit
1-3 Ventilatiestanden
C
Intensiefstand 1
D
Intensiefstand 2
y
Naventilatie
>
Automatische stand
#
Verzadigingsindicatie metalen vetfilter / actieve koolfil-
ter
D
Home Connect
B
Licht Aan/Uit/Dimmen

Apparaat bedienen nl
7
Sensorbesturing
In de automatische stand herkent de PerfectAir sensor
in de afzuigkap de intensiteit van de kook- en
bakluchtjes. Afhankelijk van de instelling van de
PerfectAir sensor schakelt de ventilator automatisch in
een andere stand.
Mogelijke instellingen van de sensor:
Standaard instelling van de gevoeligheid: „
(ventilatiestand 3)
Laagste instelling van de gevoeligheid: ‚
(ventilatiestand 1)
Hoogste instelling van de gevoeligheid: †
(ventilatiestand D)
Als de sensorregeling te zwak of te sterk reageert, kunt
u de instelling wijzigen:
1. Bij een uitgeschakelde ventilator het symbool >
aantippen en ingedrukt houden. De instelling wordt
weergegeven.
2. Door de symbolen 1, 2, 3, C of D aan te
tippen wordt de instelling van de sensorregeling
veranderd.
3. Symbool > loslaten.
Verzadigingsindicatie
Als de metalen vetfilter of actieve koolfilter verzadigd is,
knipperen na uitschakeling van het apparaat de
betreffende symbolen
■ Metalen vetfilter: # en 1
■ Actieve koolfilter: # en 2
■ Metalen vetfilter en actieve koolfilter: #, 1en 2
Uiterlijk op dit moment dienen de metalen vetfilters
schoongemaakt of de actieve koolfilter vervangen te
worden. ~ "Reinigen en onderhouden" op pagina 13
Als de verzadigingsindicaties knipperen, kunnen ze
worden gereset. Hiervoor het symbool # aantippen.
Display omschakelen voor luchtcirculatie
Voor luchtcirculatie moet de elektronische regeling
worden omgeschakeld:
■ De afzuigkap dient aangesloten en uitgeschakeld te
zijn.
■ Het symbool D aantippen en vasthouden.
Symbool 2aantippen. Symbool D loslaten. De
elektronische regeling is weer ingesteld op
luchtcirculatie (niet regenereerbare filter).
■ Het symbool D aantippen en vasthouden.
Symbool 3aantippen. Symbool D loslaten. De
elektronische regeling is weer ingesteld op
luchtcirculatie (regenereerbare filter).
■ Door herhaaldelijk op het symbool D te tippen
en dit ingedrukt te houden en door het
symbool 1aan te tippen, wordt de elektronische
regeling weer op afvoerlucht ingesteld.
Verlichting
U kunt de verlichting onafhankelijk van de ventilator in-
en uitschakelen.
Tip op het symbool B.
Helderheid instellen
Houd het symbool B ingedrukt tot de gewenste
helderheid verkregen is.
Aanwijzing: Instellingen voor kleurtemperatuur zijn in
de Home Connect app beschikbaar, voor zover het
apparaat over deze functie beschikt.
Geluidssignaal
Inschakelen
Bij een ingeschakelde ventilator gelijktijdig de
symbolen # en y aantippen en ca. drie seconden
vasthouden. Ter bevestiging klinkt een signaal.
Uitschakelen
Bij een ingeschakelde ventilator gelijktijdig de
symbolen # en y aantippen en ca. drie seconden
vasthouden. Ter bevestiging klinkt een signaal.

nl Apparaat bedienen
8
Bedieningspaneel variant 2
Ventilator instellen
Inschakelen
Tip op het symbool #.
De ventilator start in ventilatiestand 2.
Ventilatiestand instellen
Kies de ventilatiestand.
Uitschakelen
Tip op het symbool #.
Intensief-stand
Bij sterke geur- en dampvorming kunt u de intensief-
stand gebruiken.
Inschakelen
Tip op het symbool C of D.
Aanwijzing: Na ca. zes minuten schakelt de afzuigkap
zelfstandig terug naar ventilatorstand 3.
Uitschakelen
Wilt u de intensiefstand voor afloop van de vooraf
ingestelde tijd beëindigen, tip dan op het symbool van
de gewenste ventilatiestand.
Tussenstand van het glazen front
Bij enkele apparaten is een tussenstand van het glazen
front mogelijk. Bij bijzondere sterke geur- en
dampontwikkeling kan de tussenstand worden gebruikt.
Het glazen front in het midden vastpakken en
voorzichtig openen.
Naloop ventilator
Inschakelen
Tip op het symbool y.
De ventilator loopt in ventilatiestand 1.
Na ca. 10minuten schakelt de ventilator automatisch
uit.
Uitschakelen
Tip op het symbool y.
De ventilatornaloop wordt direct beëindigd.
Automatische stand
Inschakelen
1. Tip op het symbool #.
De ventilator start op stand 2.
2. Tip op het symbool >.
De optimale ventilatiestand wordt automatisch
ingesteld via de PerfectAir sensor.
Uitschakelen
Tip op een willekeurige ventilatorstand of op # om de
automatische stand uit te schakelen.
Wanneer de PerfectAir sensor geen verandering van de
luchtkwaliteit in de ruimte meer vaststelt, schakelt de
ventilator automatisch uit.
De looptijd in de automatische stand bedraagt
maximaal 4 uur.
Symbool Toelichting
#
Ventilator Aan/Uit
1-3 Ventilatiestanden
C
Intensiefstand 1
D
Intensiefstand 2
y
Naventilatie
>
Automatische stand
E
Verzadigingsindicatie metalen vetfilter
F
Verzadigingsindicatie actieve koolfilter
D
Home Connect
l
Decoratieve LED-verlichting
B
Licht Aan/Uit/Dimmen

Apparaat bedienen nl
9
Sensorbesturing
In de automatische stand herkent de PerfectAir sensor
in de afzuigkap de intensiteit van de kook- en
bakluchtjes. Afhankelijk van de instelling van de
PerfectAir sensor schakelt de ventilator automatisch in
een andere stand.
Mogelijke instellingen van de sensor:
Standaard instelling van de gevoeligheid: „
(ventilatiestand 3)
Laagste instelling van de gevoeligheid: ‚
(ventilatiestand 1)
Hoogste instelling van de gevoeligheid: †
(ventilatiestand D)
Als de sensorregeling te zwak of te sterk reageert, kunt
u de instelling wijzigen:
1. Bij een uitgeschakelde ventilator het symbool >
aantippen en ingedrukt houden. De instelling wordt
weergegeven.
2. Door de symbolen 1, 2, 3, C of D aan te
tippen wordt de instelling van de sensorregeling
veranderd.
3. Symbool > loslaten.
Verzadigingsindicatie
Als de metalen vetfilter of actieve koolfilter verzadigd is,
knipperen na uitschakeling van het apparaat de
betreffende symbolen
■ Metalen vetfilter: E
■ Actieve koolfilter: F
■ Metalen vetfilter en actieve koolfilter: E en F
Uiterlijk op dit moment dienen de metalen vetfilters
schoongemaakt of de actieve koolfilter vervangen te
worden. ~ "Reinigen en onderhouden" op pagina 13
Als de verzadigingsindicaties knipperen, kunnen ze
worden gereset. Hiervoor het betreffende symbool
aantippen.
Display omschakelen voor luchtcirculatie
Voor luchtcirculatie moet de elektronische regeling
worden omgeschakeld:
■ De afzuigkap dient aangesloten en uitgeschakeld te
zijn.
■ Het symbool D aantippen en vasthouden.
Symbool 2aantippen. Symbool D loslaten. De
elektronische regeling is weer ingesteld op
luchtcirculatie (niet regenereerbare filter).
■ Het symbool D aantippen en vasthouden.
Symbool 3aantippen. Symbool D loslaten. De
elektronische regeling is weer ingesteld op
luchtcirculatie (regenereerbare filter).
■ Door herhaaldelijk op het symbool D te tippen
en dit ingedrukt te houden en door het
symbool 1aan te tippen, wordt de elektronische
regeling weer op afvoerlucht ingesteld.
Decoratieve LED-verlichting
U kunt de decoratieve LED-verlichting onafhankelijk van
de ventilator in- en uitschakelen.
Tip op het symbool l.
Helderheid instellen
Houd het symbool l ingedrukt tot de gewenste
helderheid verkregen is.
Kleur instellen
1. Ventilator uitschakelen.
2. Tip op het symbool l.
3. Tip op het symbool 1of 2tot de gewenste kleur is
ingesteld.
Aanwijzing: Instellingen voor kleurtemperatuur zijn in
de Home Connect app beschikbaar, voor zover het
apparaat over deze functie beschikt.
Verlichting
U kunt de verlichting onafhankelijk van de ventilator in-
en uitschakelen.
Tip op het symbool B.
Helderheid instellen
Houd het symbool B ingedrukt tot de gewenste
helderheid verkregen is.
Geluidssignaal
Inschakelen
Bij een ingeschakelde ventilator gelijktijdig de
symbolen # en y aantippen en ca. drie seconden
vasthouden. Ter bevestiging klinkt een signaal.
Uitschakelen
Bij een ingeschakelde ventilator gelijktijdig de
symbolen # en y aantippen en ca. drie seconden
vasthouden. Ter bevestiging klinkt een signaal.

nl Verbinding kookplaat
10
eVerbinding kookplaat
Ver bi ndi ng kookpl aat
U kunt dit apparaat verbinden met een kookplaat die
hiervoor compatibel moet zijn en zo de functies van de
kap regelen via de kookplaat.
Er zijn verschillende mogelijkheden om de apparaten
met elkaar te verbinden:
Home Connect
Wanneer beide apparaten geschikt zijn voor Home
Connect, is het mogelijk ze te verbinden via de Home
Connect app.
Zie hiervoor de meegeleverde documentatie van Home
Connect.
Apparaten direct verbinden
Wordt het apparaat direct verbonden met een
kookplaat, dan is verbinding met het thuisnetwerk niet
meer mogelijk. Het apparaat functioneert als een
afzuigkap zonder netwerkverbinding en kan nog steeds
via het bedieningspaneel worden bediend.
Apparaten verbinden via het thuisnetwerk
Worden de apparaten via het thuisnetwerk met elkaar
verbonden, dan kan zowel de op de kookplaat
gebaseerde bediening van de kap als Home Connect
voor het apparaat worden gebruikt.
Aanwijzingen
■ Houd u aan de veiligheidsinstructies voor de
afzuigkap in deze gebruiksaanwijzing. Zorg ervoor
dat deze ook worden opgevolgd als u het apparaat
bedient via de op de kookplaat gebaseerde
kapregeling.
■ De bediening aan de afzuigkap heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is de bediening via de op de
kookplaat gebaseerde kapregeling niet mogelijk.
Instellen
Om de verbinding tussen kookplaat en afzuigkap te
configureren, dient de kap uitgeschakeld te zijn.
Directe verbinding
Zorg ervoor dat de kookplaat ingeschakeld is en zich in
de zoekmodus bevindt.
Houd u hierbij aan het hoofdstuk “Verbinding
afzuigkap” in de gebruiksaanwijzing bij uw kookplaat.
Aanwijzingen
■ Vóór het verbinden van de apparaten alle bestaande
verbindingen met het thuisnetwerk of andere
apparaten terugzetten.
■ Verbindt u de afzuigkap direct met de kookplaat,
dan is verbinding met het thuisnetwerk niet meer
mogelijk en kunt u Home Connect niet meer
gebruiken.
Het symbool D ingedrukt houden tot het begint te
knipperen.
De afzuigkap is verbonden met de kookplaat wanneer
het symbool D niet meer knippert en verlicht is.
Verbinding via het thuisnetwerk
Volg de aanwijzingen op in de paragraaf “Automatische
aanmelding bij het thuisnetwerk” of “Handmatige
aanmelding bij het thuisnetwerk” ~ "Home Connect"
op pagina 11
Zodra de afzuigkap verbonden is met het thuisnetwerk,
kunt u via de Home Connect app verbinding maken met
de kookplaat. Volg hiertoe de aanwijzingen op het
mobiele eindapparaat op.

Home Connect nl
11
oHome Connect
Ho me Co n n e c t
Dit apparaat is netwerkcompatibel en kan via een
mobiel eindapparaat op afstand worden bediend.
Wordt het apparaat niet verbonden met het
thuisnetwerk, dan functioneert het als een afzuigkap
zonder netwerkaansluiting die nog steeds via het
display kan worden bediend.
De beschikbaarheid van de functie Home Connect is
afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home
Connect diensten in uw land. De Home Connect
diensten zijn niet in elk land beschikbaar.Meer
informatie hierover vindt u op www.home-connect.com.
Aanwijzingen
■ Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze
gebruiksaanwijzing. Zorg ervoor dat deze ook
worden nageleefd wanneer u niet thuis bent en u het
apparaat bedient via de Home Connect app. Houd u
ook aan de aanwijzingen in de Home Connect app.
■ De directe bediening van het apparaat heeft altijd
voorrang. In deze tijd is bediening via de Home
Connect app niet mogelijk.
Instellen
Om instellingen via Home Connect te kunnen uitvoeren,
moet de Home Connect app op uw mobiele
eindapparaat geïnstalleerd en geconfigureerd zijn.
Zie hiervoor de meegeleverde documentatie van Home
Connect.
De app leidt u door de volledige
aanmeldingsprocedure.Om de instellingen uit te voeren,
volgt u de stappen die de app aangeeft.
Voor het configureren moet de app geopend zijn.
Aanwijzing: Bij de functie Gereed voor bedrijf heeft uw
apparaat binnen het netwerk max. 2 W nodig.
Handmatige aanmelding bij het thuisnetwerk
Aanwijzingen
■ U heeft een router met WPS functionaliteit nodig.
■ U dient toegang tot uw router te hebben. Is dit niet
het geval, doorloop dan de stappen “Handmatige
aanmelding bij het thuisnetwerk”.
■ Tijdens het verbinden kan de afzuigkap niet worden
ingeschakeld. U kunt het verbinden op elk moment
afbreken door op # te drukken.
■ Om de afzuigkap met het thuisnetwerk te verbinden,
moeten de kap en het licht uitgeschakeld zijn.
1. Het symbool D ingedrukt houden tot het begint te
knipperen.
2. Op 1drukken om de automatische aanmelding bij
het thuisnetwerk te starten.
De LED van ventilatiestand 1en het symbool D
knipperen.
3. Binnen 2 minuten de WPS toets op de router
indrukken.
Wanneer de verbinding tot stand is gebracht, wordt
de afzuigkap automatisch verbonden met de Home
Connect app. De LED van ventilatiestand 3en het
symbool D knipperen.
Aanwijzing: Kan er geen verbinding worden
gemaakt, dan gaat de kap automatisch over op de
handmatige verbinding met het thuisnetwerk. De
LED van ventilatiestand 2en het symbool D
knipperen. Het apparaat handmatig bij het
thuisnetwerk aanmelden of op 1drukken om de
automatische aanmelding opnieuw te starten.
4. Op het mobiele eindapparaat de aanwijzingen voor
de automatische netwerkaanmelding opvolgen.
Het aanmelden is afgesloten wanneer het symbool D
op het bedieningspaneel niet meer knippert en verlicht
is.
Handmatige aanmelding bij het thuisnetwerk
Aanwijzingen
■ Tijdens het verbinden kan de afzuigkap niet worden
ingeschakeld. U kunt het verbinden op elk moment
afbreken door op # te drukken.
■ Om de afzuigkap met het thuisnetwerk te verbinden,
moeten de kap en het licht uitgeschakeld zijn.
1. Het symbool D ingedrukt houden tot het begint te
knipperen.
2. Op 2drukken om de handmatige aanmelding bij het
thuisnetwerk te starten.
De LED van ventilatiestand 2en het symbool D
knipperen.
3. Mobiel eindapparaat in het netwerk van de afzuigkap
bij de SSID “HomeConnect” met de sleutel
“HomeConnect” aanmelden.
Wanneer de verbinding tot stand is gebracht, wordt
de afzuigkap automatisch verbonden met de Home
Connect app. De LED van ventilatiestand 3en het
symbool D knipperen.
4. De aanwijzingen op het mobiele eindapparaat voor
de handmatige netwerkaanmelding opvolgen.
Het aanmelden is afgesloten wanneer het symbool D
op het bedieningspaneel niet meer knippert en verlicht
is.

nl Home Connect
12
Verbinden met app
Is de Home Connect app op uw mobiele eindapparaat
geïnstalleerd, dan kunt u deze verbinden met uw
afzuigkap.
Aanwijzingen
■ Het apparaat moet verbonden zijn met het netwerk.
■ De app moet geopend zijn.
1. Het symbool D ingedrukt houden tot de LED van
ventilatiestand 3en het symbool D knipperen
2. De aanwijzingen op het mobiele eindapparaat van
de Home Connect App opvolgen.
Het verbinden is afgesloten wanneer het symbool D
op het bedieningspaneel niet meer knippert en verlicht
is.
Software-update
Met de functie Software-update wordt de software van
uw afzuigkap geactualiseerd (bijvoorbeeld voor
optimalisatie, verhelping van fouten of
veiligheidsrelevante updates). Voorwaarde is dat u een
geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app
op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en
verbonden bent met de Home Connect Server.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u
hierover via de Home Connect app geïnformeerd en
kunt u de software-update via de app starten.
Nadat het downloaden met succes is afgesloten kunt u,
wanneer u zich in uw lokale netwerk bevindt, de
installatie ook starten via Home Connect.
Nadat de installatie met succes is afgesloten wordt u
via de Home Connect app geïnformeerd.
Aanwijzingen
■ Tijdens het downloaden kunt u de afzuigkap blijven
gebruiken.
■ Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de
app kan een software-update ook automatisch
worden gedownload.
■ In geval van een veiligheidsrelevante update is het
raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
Verbinding terugzetten
U kunt op elk moment de opgeslagen verbindingen met
het thuisnetwerk en met Home Connect terugzetten.
Houd de symbolen # en D zolang ingedrukt tot het
symbool D verdwijnt.Is het geluidssignaal
ingeschakeld, dan hoort u dit.
Aanwijzing voor gegevensbeveiliging
Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt
verbonden met een WLAN-netwerk dat op het internet is
aangesloten, geeft het de volgende
gegevenscategorieën door aan de Home Connect
server (eerste registratie):
■ Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande
uit apparaatsleutels en het MAC addres van de
gewijzigde Wi-Fi communicatiemodule).
■ Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi
communicatiemodule (voor de informatietechnische
beveiliging van de verbinding).
■ De actuele software- en hardwareversie van uw
huishoudelijke apparaat.
■ Status van een eventuele eerdere reset naar de
fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home
Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie
dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u
voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten
gebruik wilt maken.
Aanwijzing: Houd er rekening mee dat de Home
Connect functionaliteiten alleen kunnen worden
gebruikt in verbinding met de Home Connect app.
Informatie over gegevensbeveiliging kan in de Home
Connect app worden opgevraagd.
Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart Robert Bosch Hausgeräte GmbH dat
het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet
aan de fundamentele vereisten en de overige
toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op
het internet onder www.bosch-home.com op de
productpagina van uw apparaat bij de aanvullende
documenten.
2,4GHz band: 100mW max.
5GHz band: 100mW max.
y
BE BG CZ DK DE EE IE EL
ES FR HR IT CY LV LT LU
HU MT NL AT PL PT RO SI€
SK FI SE UK NO CH TR
5GHz WLAN (Wi-Fi): alleen voor het gebruik binnenshuis

Reinigen en onderhouden nl
13
2Reinigen en onderhouden
Re i n i g e n en onder houden
:Waarschuwing – Verbrandingsgevaar!
Het apparaat wordt heet tijdens de bereiding. Laat het
voor de reiniging afkoelen.
:Waarschuwing – Gevaar van een elektrische
schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Het
toestel alleen met een vochtige doek schoonmaken.
Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact
halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
:Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
:Waarschuwing – Risico van letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe
randen hebben. Veiligheidshandschoenen dragen.
:Waarschuwing – Gevaar voor letsel!
Klemgevaar bij het openen en sluiten van het glazen
front. Niet met uw handen in het gebied achter de ruit of
bij de scharnieren komen.
Schoonmaakmiddelen
Houd u aan de opgaven in de tabel, om te voorkomen
dat de verschillende oppervlakken door verkeerde
schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Gebruik
■ geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen, bijv.
schuurpoeder of schuurmiddel,
■ geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen,
■ geen harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
■ geen hogedrukreinigers of stoomreinigers,
■ geen kalkoplossende schoonmaakmiddelen,
■ geen agressieve universele schoonmaakmiddelen,
■ geen ovenspray.
Aanwijzing: Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig
uitwassen.
Aanwijzing: Neem alle aanwijzingen en
waarschuwingen in acht die bij de reinigingsmiddelen
vermeld worden.
--------
Metalen vetfilter demonteren
1. Het glazen front langzaam en volledig openen. Pak
het hiervoor in het midden beet en houdt het vast.
2. Vergrendeling openen en de metalen vetfilter
omlaag klappen. Daarbij de metalen vetfilter met de
andere hand ondersteunen.
3. Metalen vetfilter uit de houder nemen.
Aanwijzingen
– Op de bodem van de metalen vetfilter kan zich
vet verzamelen.
– Metalen vetfilter recht houden, om te voorkomen
dat er vet vanaf druipt.
Gebied Schoonmaakmiddelen
Roestvrij staal Warm zeepsop:
Met een schoonmaakdoekje reinigen en met
een zachte doek nadrogen.
Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reini-
gen in de slijprichting.
Bij de servicedienst of in speciaalzaken zijn
speciale onderhoudsmiddelen voor roestvrij
staal verkrijgbaar.Het schoonmaakmiddel
heel dun opbrengen met een zachte doek.
Gelakte oppervlakken Warm zeepsop:
Met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen
en met een zachte doek nadrogen.
Geen reinigingsmiddel voor roestvrij staal
gebruiken.
Aluminium en kunst-
stof
Warm zeepsop:
Met een zachte doek schoonmaken.
Glas Glasreiniger:
Met een zachte doek schoonmaken. Geen
schraper gebruiken.
Bedieningselementen Warm zeepsop:
Met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen
en met een zachte doek nadrogen.
Gevaar van een elektrische schok doordat er
vocht kan binnendringen.
Risico van beschadiging van de elektronica
doordat er vocht kan binnendringen. Bedie-
ningselementen nooit reinigen met een natte
doek.
Geen reinigingsmiddel voor roestvrij staal
gebruiken.

nl Reinigen en onderhouden
14
Metalen vetfilter reinigen
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende
apparaatvarianten. Het is mogelijk dat er kenmerken
worden beschreven die niet van toepassing zijn op uw
apparaat.
:Waarschuwing – Risico van brand!
De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden.
Vetfilter regelmatig reinigen. Apparaat nooit zonder
vetfilter gebruiken.
Aanwijzingen
■ Gebruik geen agressieve, zuur- of looghoudende
reinigingsmiddelen.
■ Wij adviseren om de vetfilters een keer in de twee
maanden te reinigen.
■ Bij het reinigen van de metalen vetfilters ook de
houder van de vetfilters in het apparaat reinigen met
een vochtige doek.
■ U kunt de metalen vetfilters met de hand
schoonmaken of in de vaatwasmachine.
Met de hand:
Aanwijzing: Bij hardnekkig vuil kunt u een speciaal
vetoplosmiddel gebruiken. Dit kan worden besteld via
de online-shop.
■ Laat de metalen vetfilters weken in warm zeepsop.
■ Gebruik voor het reinigen een borstel en spoel
daarna de filters goed uit.
■ Laat de metalen vetfilters afdruipen op een goed
absorberende een ondergrond.
In de afwasmachine:
Aanwijzing: Bij reiniging in de afwasmachine kunnen
lichte verkleuringen optreden. Verkleuringen hebben
geen invloed op de werking van de metalen vetfilters.
■ Gebruik een gangbaar vaatwasmiddel.
■ Sterk verzadigde metalen vetfilters er niet samen
met serviesgoed in doen.
■ Plaats de metalen vetfilters los in de
vaatwasmachine. De metalen vetfilters niet
inklemmen.
■ Bij de temperatuurinstelling maximaal 70°C kiezen.
Metalen vetfilter monteren
:Waarschuwing – Risico van letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe
randen hebben. Veiligheidshandschoenen dragen.
Aanwijzing: Alle toegankelijke behuizingsonderdelen
schoonmaken.
1. Metalen vetfilter inbrengen en vergrendelen. Daarbij
dient u de metalen vetfilter met de andere hand te
ondersteunen.
Aanwijzing: Let op de juiste positie van de metalen
vetfilter.
2. Als de metalen vetfilter niet correct is ingebracht, de
vergrendeling openen en de metalen vetfilter correct
inbrengen.

Wat te doen bij storingen? nl
15
3Wat te doen bij storingen?
Wat te doen bi j st or i ngen?
Vaak kunt u storingen gemakkelijk zelf verhelpen. Let
op de volgende aanwijzingen voordat u contact
opneemt met de klantenservice.
:Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en
de vervanging van beschadigde aansluitleidingen
mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die
zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het
apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact
of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact
opnemen met de klantenservice.
Storingstabel
--------
LED-lampen
Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen
door de fabrikant, zijn klantenservice of een erkend
vakman (elektromonteur).
:Waarschuwing – Risico van letsel!
Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan de ogen
beschadigen (risicogroep 1). Niet langer dan
100seconden direct in de ingeschakelde LED-lampen
kijken.
4Servicedienst
Se r v i c e d i e n s t
Geef wanneer u telefonisch contact met ons opneemt
altijd het productnummer (E-nr.) en het
fabricagenummer (FD-nr.) op, zodat wij u goed van
dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers
vindt u aan de bovenkant van het apparaat.
Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de
klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de
gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van
de servicedienst invullen.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de
servicedienst in het geval van een verkeerde bediening
ook tijdens de garantieperiode kosten met zich
meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de
bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent
u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd
door ervaren technici die gebruikmaken van de
originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Storing Mogelijke oor-
zaak
Oplossing
Apparaat werkt
niet
De stekker is niet
in het stopcon-
tact gestoken
De stekker in het stopcontact
steken
Stroomonderbre-
king
Controleer of andere keu-
kenapparaten functioneren
Zekering defect Controleer in de meterkast of
de zekering voor het toestel in
orde is
De verlichting
functioneert niet.
De LED-lampen
zijn defect.
Neem contact op met de ser-
vicedienst.
De toetsverlich-
ting functioneert
niet.
De besturing-
seenheid is
defect.
Neem contact op met de ser-
vicedienst.
E-nr. FDnr.
ServicedienstO
NL 0884244010
B 070222141
=1U)'(1U
7\SH

nl Servicedienst
16
Toebehoren
(niet in de leveringsomvang inbegrepen)
Aanwijzing: Deze gebruiksaanwijzing geldt voor
verschillende apparaatvarianten. Er kunnen speciale
toebehoren worden vermeld die niet van toepassing zijn
voor uw apparaat.
Aanwijzing: Neem het installatievoorschrift voor de
toebehoren in acht.
--------
Accessoires Bestelnummer
Starterset voor luchtcirculatie (rechte wandafzuig-
kap met afvoer)
Wisselfilter voor starterset
DWZ0AF0U0
DWZ0AF0A0
Starterset voor luchtcirculatie (rechte wandafzuig-
kap zonder afvoer)
Wisselfilter voor starterset
DWZ0AF0T0
DWZ0AF0A0
Starterset voor luchtcirculatie (schuine wandaf-
zuigkap met afvoer)
Wisselfilter voor starterset
DWZ0AK0U0
DWZ0AK0A0
Starterset voor luchtcirculatie (schuine wandaf-
zuigkap zonder afvoer)
Wisselfilter voor starterset
DWZ0AK0T0
DWZ0AK0A0
Starterset voor luchtcirculatie met regenereer-
bare filter (rechte wandafzuigkap met afvoer)
DWZ0AF0S0
Starterset voor luchtcirculatie met regenereer-
bare filter (rechte wandafzuigkap zonder afvoer)
DWZ0AF0R0
Starterset voor luchtcirculatie met regenereer-
bare filter (schuine wandafzuigkap met afvoer)
DWZ0AK0S0
Starterset voor luchtcirculatie met regenereer-
bare filter (schuine wandafzuigkap zonder afvoer)
DWZ0AK0R0
CleanAir circulatieluchtmodule
Wisselfilter voor CleanAir luchtcirculatiemodule
(niet regenereerbaar)
DWZ1AX5C6
DZZ1XX1B6
Wisselfilter voor CleanAir luchtcirculatiemodule
(regenereerbaar)
DZZ0XX0P0

Installatievoorschrift nl
17
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Instal l ati evoorschri ft
Installatievoorschrift
■ Dit apparaat wordt aan de wand vastgemaakt.
■ Wordt de afzuigkap met de afzuigfunctie gebruikt,
dan moet er een schoorsteenafdekking worden
gemonteerd.
Wordt de afzuigkap gebruikt met de circulatiefunctie,
dan dienen er speciale accessoires te worden
gemonteerd. Zie hiervoor het meegeleverde
montagevoorschrift.Bij gebruik van de
circulatiefunctie hoeft de schoorsteenafscherming
niet te worden gemonteerd.
■ Zie voor speciale accessoires het meegeleverde
montagevoorschrift.
■ De oppervlakken van het apparaat zijn gevoelig.
Voorkom beschadiging tijdens de installatie.
$ %
$ %
$
PLQ
PP
PLQ PP
PD[PP
PLQ
PP
PLQ
PP
PLQ
PP
PLQ PP
PD[PP
PP
PP
%
PP
PP
PP
PP

nl Belangrijke veiligheidsvoorschriften
18
Aanwijzing: We adviseren het apparaat zo op te
hangen dat de onderkant van het glazen scherm één
lijn vormt met de onderkant van de bovenkast ernaast.
Zorg ervoor dat de aangegeven veilige afstanden tot de
kookplaat in acht worden genomen.
(Belangrijke
veiligheidsvoorschriften
Bel angr i j k e veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en
veilig bedienen. Bewaar de
gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om
door te geven aan een volgende eigenaar.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet
aansluiten in geval van transportschade.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een
deskundige montage volgens de
montagehandleiding. De installateur is
verantwoordelijk voor een goede werking op
de plaats van opstelling.
De oppervlakken van het apparaat zijn
gevoelig. Voorkom beschadiging tijdens de
installatie.
De breedte van de afzuigkap moet minstens
overeenkomen met de breedte van het
kooktoestel.
Bij de installatie moeten de actuele geldige
bouwvoorschriften en de voorschriften van de
plaatselijke stroom- en gasleverancier in acht
worden genomen.
:Waarschuwing – Risico van brand!
■ De vetafzettingen in het vetfilter kunnen
ontbranden. Om warmteophoping te
voorkomen dienen de voorgeschreven
veilige afstanden te worden aangehouden.
Houd u aan de aanwijzingen voor uw
kookapparaat. Wanneer gas- en elektrische
kookapparaten samen worden gebruikt,
geldt de grootste aangegeven afstand.
Brandgevaar!
■ De vetafzettingen in het vetfilter kunnen
ontbranden. In de buurt van het apparaat
nooit werken met een open vlam (bijv.
flamberen). Het apparaat alleen in de buurt
van een vuurbron voor vaste brandstoffen
(bijv. hout of kolen) installeren wanneer er
een afgesloten, niet verwijderbare
afscherming aanwezig is. Er mogen geen
vonken wegspringen.
Ten aanzien van de afvoerlucht dienen de
overheids- en wettelijke voorschriften (zoals
lokale bouwverordeningen) in acht te worden
genomen.
" #

Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl
19
:Waarschuwing – Levensgevaar!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen
leiden tot vergiftiging. De afvoerlucht mag niet
worden weggeleid via een rook- of
afvoergasschoorsteen die in gebruik is, noch
via een schacht die dient voor de ontluchting
van ruimtes met stookplaatsen. Moet de
afvoerlucht naar een rook- of
afvoergasschoorsteen worden geleid die niet
in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming
te worden verkregen van een vakbekwame
schoorsteenveger.
:Waarschuwing – Levensgevaar!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen
leiden tot vergiftiging.
Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,
wanneer de luchtafvoer plaatsvindt in een
ruimte met een vuurbron die gebruikmaakt
van de aanwezige lucht.
Vuurbronnen die de lucht in de ruimte
verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie,
hout of kolen worden gestookt, geisers,
warmwatertoestellen) trekken de
verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en
voeren de gassen via een afvoer (bijv.
schoorsteen) af naar buiten.
In combinatie met een ingeschakelde
afzuigkap wordt aan de keuken en aan de
ruimtes ernaast lucht onttrokken - zonder
voldoende luchttoevoer ontstaat er een
onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen
of het afvoerkanaal worden teruggezogen in
de woonruimte.
■ Zorg daarom altijd voor voldoende
ventilatie.
■ Een ventilatiekast in de muur alleen is niet
voldoende om aan de minimale eisen te
voldoen.
U kunt het apparaat alleen dan zonder risico
gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte
waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is
dan 4Pa (0,04mbar). Dit kan worden bereikt
wanneer de voor de verbranding benodigde
lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in
deuren, ramen, in combinatie met een
ventilatiekast in de muur of andere technische
voorzieningen, kan worden toegevoerd.
Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw
huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit
bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem
van uw huis te beoordelen en kan een voorstel
doen voor passende maatregelen op het
gebied van de luchttoevoer.
Indien de afzuiging alleen met recirculatie
wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik
mogelijk.
:Waarschuwing – Levensgevaar!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen
leiden tot vergiftiging. Bij de installatie van een
ventilatie met een afvoergebonden vuurbron
moet de stroomtoevoer van de kap voorzien
worden van een geschikte
veiligheidsschakeling.
:Waarschuwing – Risico van letsel!
■ Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen
scherpe randen hebben.
Veiligheidshandschoenen dragen.
Risico van letsel!
■ Is het toestel niet naar behoren bevestigd,
dan kan het naar beneden vallen. Alle
bevestigingsschroeven moeten vast en
veilig worden gemonteerd.
Risico van letsel!
■ Het toestel is zwaar. Er zijn twee personen
nodig om het apparaat te bewegen. Alleen
geschikte hulpmiddelen gebruiken.
Risico van letsel!
■ Wijzigingen aan de elektrische of
mechanische opbouw zijn gevaarlijk en
kunnen leiden tot functiestoringen. Geen
wijzigingen aan de elektrische of
mechanische opbouw aanbrengen.

nl Algemene aanwijzingen
20
:Waarschuwing – Gevaar door
magnetisme!
In het frontpaneel van het apparaat zijn
permanente magneten geplaatst. Deze
kunnen elektronische implantaten, zoals
pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
Dragers van elektronische implantaten dienen
op minimaal 10 cm afstand van het
frontpaneel te blijven.
:Waarschuwing – Gevaar van een
elektrische schok!
■ Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen
scherpe randen hebben. Hierdoor kan de
aansluitkabel beschadigd raken.
Aansluitkabel niet knikken of afklemmen bij
de installatie.
Gevaar voor een elektrische schok!
■ Het apparaat moet op elk gewenst moment
van de stroom kunnen worden afgesloten.
Het apparaat mag alleen op een geaarde
contactdoos worden aangesloten die
volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
De netstekker van de netaansluitkabel moet
na de inbouw van het apparaat vrij
toegankelijk zijn. Is dit niet mogelijk, dan
moet in de vast geplaatste elektrische
installatie een alpolige scheidingsinrichting
volgens de voorwaarden van de
overspanningscategorie III en volgens de
opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
De vaste aansluiting mag alleen door een
elektricien worden aangelegd. Wij adviseren
een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) in de
stroomkring naar het apparaat te
installeren.
:Waarschuwing – Kans op een elektrische
schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Reparaties en de vervanging van beschadigde
aansluitleidingen mogen uitsluitend worden
uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd
door de klantenservice. Is het apparaat defect,
haal dan de stekker uit het stopcontact of
schakel de zekering in de meterkast uit.
Contact opnemen met de klantenservice.
:Waarschuwing – Verstikkingsgevaar!
Verpakkingsmateriaal is gevaarlijk voor
kinderen. Kinderen nooit met
verpakkingsmateriaal laten spelen.
KAlgemene aanwijzingen
Al ge mene aanwi j zi ngen
Wand controleren
■ De wand moet vlak en loodrecht zijn en voldoende
draagvermogen hebben.
■ De diepte van de boorgaten moet overeenkomen
met de lengte van de schroeven. De pluggen
moeten goed vastzitten.
■ De bijgevoegde schroeven en pluggen zijn geschikt
voor massieve muren. Voor andere constructies
(bijv. gipsplaat, poreus beton, poroton-stenen)
moeten bevestigingsmiddelen worden gebruikt die
daarvoor geschikt zijn.
■ Het max. gewicht van de afzuigkap bedraagt 40kg.
Elektrische aansluiting
:Waarschuwing – Gevaar van een elektrische
schok!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe
randen hebben. Hierdoor kan de aansluitkabel
beschadigd raken. Aansluitkabel niet knikken of
afklemmen bij de installatie.
De vereiste aansluitgegevens staan op het typeplaatje
aan de bovenkant van het apparaat.
Lengte van de aansluitleiding: ca. 1,30m
Dit apparaat voldoet aan de ontstoringsvoorschriften
van de EG.
:Waarschuwing – Gevaar voor een elektrische
schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de
stroom kunnen worden afgesloten. Het apparaat mag
alleen op een geaarde contactdoos worden
aangesloten die volgens de voorschriften is
geïnstalleerd.
De netstekker van de netaansluitkabel moet na de
inbouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn. Is dit niet
mogelijk, dan moet in de vast geplaatste elektrische
installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de
voorwaarden van de overspanningscategorie III en
volgens de opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien
worden aangelegd. Wij adviseren een
aardlekschakelaar (FI-schakelaar) in de stroomkring
naar het apparaat te installeren.

Installatie nl
21
5Installatie
Instal l ati e
Installatie voorbereiden
Attentie!
Zorg ervoor dat zich in het gebied van de openingen
geen stroom-, gas- of waterleidingen bevinden.
Wordt de afzuigkap gebruikt in de afzuigmodus, dan
moet er een schoorsteenafscherming worden
gemonteerd.
Wordt de afzuigkap gebruikt met de circulatiefunctie,
dan dienen er speciale accessoires te worden
gemonteerd. Houd u hierbij aan het meegeleverde
montagevoorschrift. Bij gebruik van de circulatiefunctie
hoeft de schoorsteenafscherming niet te worden
gemonteerd.
1. Positie van de afzuigkap vaststellen en de onderkant
van het apparaat licht op de muur aftekenen. Bij de
bepaling van het midden uitgaan van de kookplaat.
Aanwijzing: We adviseren de afzuigkap zo op te
hangen dat de onderkant van het glazen scherm één
lijn vormt met de onderkant van de bovenkast
ernaast. Zorg ervoor dat de aangegeven veilige
afstanden tot de kookplaat in acht worden genomen.
2. Sjabloon tegen de getekende lijn leggen en
vastmaken. Posities voor de schroeven aftekenen.
Voor de montage van de schoorsteenafscherming
moet de sjabloon van de aangegeven snijlijn worden
losgemaakt.
3. Voor de bevestigingen gaten met Ø 8mm en een
diepte van 80mm boren, de sjablonen verwijderen
en de pluggen geheel in de gaten duwen.
$
%
]
]
[
PP
[
PP
[
PP
[
PP
\
\

nl Installatie
22
Montage met schoorsteenafdekking Montage zonder schoorsteenafdekking
Installatie
De ophanging voor de afzuigkap handvast
aanschroeven, uitlijnen met een waterpas en
vastschroeven.
[
PP
PP
PP
PP
PP
PP
PP
PP
$
PP
PP
%
[
PP
PP
[
[
PP
PP
PP
PP
PP
PP
PP
$
%
PP

Installatie nl
23
Apparaat ophangen en uitlijnen
1. De beschermfolie eerst van de achterkant van het
apparaat trekken en na de montage volledig
verwijderen.
2. Het apparaat zo bevestigen dat het stevig vastzit in
de ophangingen.
3. Zo nodig kan het apparaat naar links of naar rechts
worden verschoven.
4. Schroeven voor de ophanging vast aandraaien.
Hierbij de hoek vasthouden. ¨
5. Wordt er geen kanaal gemonteerd, draai de twee
borgschroeven dan zonder hoek vast. ©
Buisverbindingen bevestigen
Wordt de afzuigkap in de afzuigmodus gebruikt, dan
moet er een buisverbindingsstuk worden aangebracht.
Wordt de afzuigkap met de circulatiefunctie gebruikt,
dan moeten speciale accessoires worden gemonteerd.
Hiervoor het meegeleverde montagevoorschrift in acht
nemen.
Aanwijzing: Bij gebruik van een aluminium buis moet
het aansluitgedeelte eerst worden gladgemaakt.
Luchtafvoerbuis Ø 150 mm (aanbevolen diameter)
Luchtafvoerbuis rechtstreeks aan het
luchtafvoeraansluitstuk bevestigen en afdichten.
Luchtafvoerbuis Ø 120mm
1. Verloopstuk rechtstreeks aan het
luchtafvoeraansluitstuk bevestigen.
2. Luchtafvoerbuis bevestigen aan het verloopstuk.
3. Beide verbindingspunten goed afdichten.
Schoorsteenafscherming monteren
Wordt de afzuigkap gebruikt in de afzuigmodus, dan
moet er een schoorsteenafdekking worden
gemonteerd.
De montage van de schoorsteenafdekking hoeft niet te
worden gebruikt met de circulatiefunctie.
:Waarschuwing – Risico van letsel!
tijdens de installatie door scherpe randen. Draag tijdens
de installatie van het apparaat altijd
veiligheidshandschoenen.
:Waarschuwing – Gevaar van een elektrische
schok!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe
randen hebben. Hierdoor kan de aansluitkabel
beschadigd raken. Aansluitkabel niet knikken of
afklemmen bij de installatie.
1. Afdekpanelen van elkaar losmaken.
Daartoe het plakband verwijderen
2. Beschermfolie van beide
schoorsteenafschermstukken trekken.
3. Schoorsteenafschermstukken in elkaar schuiven.
Aanwijzingen
– Om krassen te vermijden papier over de randen
van het buitenste schoorsteenafschermstuk
leggen.
– Sleuven van het binnenste
schoorsteenafschermstuk wijzen naar onderen.
4. Schoorsteenafschermstukken op het apparaat
plaatsen.
5. Binnenste schoorsteenafschermstuk naar boven
schuiven, links en rechts aan de bevestigingshoek
vastmaken en naar beneden vergrendelen. ¨
6. Schoorsteenafschermstuk met twee schroeven
bevestigen op de bevestigingshoek. ©
7. Onderste schoorsteenafschermstuk aan de
bevestigingshoek clipsen. De aansluitkabel mag niet
beschadigd raken! ª
Aanwijzing: Is er een speciaal accessoire voor
luchtcirculatie gemonteerd en wordt de afzuigkap
zonder schoorsteenafschermstuk gebruikt, dan moet de
kabel om het aansluitstuk worden gerold.

5IBOLZPVGPSCVZJOHB
#PTDI)PNF"QQMJBODF
3FHJTUFSZPVSOFXEFWJDFPO.Z#PTDIOPXBOEQSPGJUEJSFDUMZGSPN
t&YQFSUUJQTUSJDLTGPSZPVSBQQMJBODF
t8BSSBOUZFYUFOTJPOPQUJPOT
t%JTDPVOUTGPSBDDFTTPSJFTTQBSFQBSUT
t%JHJUBMNBOVBMBOEBMMBQQMJBODFEBUBBUIBOE
t&BTZBDDFTTUP#PTDI)PNF"QQMJBODFT4FSWJDF
'SFFBOEFBTZSFHJTUSBUJPOoBMTPPONPCJMFQIPOFT
XXXCPTDIIPNFDPNXFMDPNF
-PPLJOHGPSIFMQ
:PV}MMGJOEJUIFSF
&YQFSUBEWJDFGPSZPVS#PTDIIPNFBQQMJBODFTOFFEIFMQXJUIQSPCMFNT
PSBSFQBJSGSPN#PTDIFYQFSUT
'JOEPVUFWFSZUIJOHBCPVUUIFNBOZXBZT#PTDIDBOTVQQPSUZPV
XXXCPTDIIPNFDPNTFSWJDF
$POUBDUEBUBPGBMMDPVOUSJFTBSFMJTUFEJOUIFBUUBDIFETFSWJDFEJSFDUPSZ
3PCFSU#PTDI)BVTHFSÉUF(NC)
$BSM8FSZ4USBF
.ßODIFO
(FSNBOZ
XXXCPTDIIPNFDPN
*9001159157*
9001159157
990901

