
nl
2
Inhoudsopgave
1 Veiligheid.....................................4
1.1 Algemene aanwijzingen ............ 4
1.2 Bestemming van het appa-
raat ............................................ 4
1.3 Inperking van de gebruikers ..... 4
1.4 Veilige installatie........................ 4
1.5 Veilig gebruik............................. 6
1.6 Beschadigd apparaat................ 8
1.7 Gevaren voor kinderen.............. 8
1.8 Veiligheidssystemen.................. 9
2 Materiële schade vermijden .....10
2.1 Veilige installatie...................... 10
2.2 Veilig gebruik........................... 10
3 Kinderslot
1
.................................11
3.1 Deurvergrendeling................... 11
4 Milieubescherming en bespa-
ring.............................................11
4.1 Afvoeren van de verpakking ... 11
4.2 Energie sparen ........................ 11
4.3 Aquasensor
1
............................ 11
5 Opstellen en aansluiten ............12
5.1 Inhoud van de verpakking....... 12
5.2 Apparaat opstellen en aan-
sluiten ...................................... 12
5.3 Afvoerwateraansluiting ............ 12
5.4 Drinkwateraansluiting .............. 12
5.5 Elektrische aansluiting............. 13
6 Uw apparaat leren kennen........14
6.1 Apparaat.................................. 14
6.2 Bedieningselementen.............. 15
7 Programma's .............................17
7.1 Aanwijzingen voor testinstitu-
ten............................................ 19
8 Extra functies
1
...........................19
9 Uitrusting...................................20
9.1 Servieskorf............................... 20
9.2 Bestekkorf ............................... 20
9.3 Omklapbare bordensteunen ... 21
9.4 Hoogte van het serviesgoed ... 21
10 Voor het eerste gebruik ..........21
10.1 Eerste keer in gebruik ne-
men........................................ 21
11 Waterontharding .....................22
11.1 Overzicht van de water-
hardheidsinstellingen ............ 22
11.2 Waterontharding instellen...... 22
11.3 Onthardingszout .................... 23
11.4 Waterontharding uitschake-
len.......................................... 23
11.5 Regeneratie van het onthar-
dingssysteem ........................ 24
12 Glansspoelsysteem ................25
12.1 Glansspoelmiddel.................. 25
12.2 Hoeveelheid glansspoel-
middel instellen ..................... 25
12.3 Glansspoelsysteem uit-
schakelen .............................. 26
13 Vaatwasmiddel ........................26
13.1 Geschikte vaatwasmidde-
len.......................................... 26
13.2 Ongeschikt vaatwasmiddel ... 28
13.3 Aanwijzingen over vaatwas-
middelen................................ 28
13.4 Vaatwasmiddel vullen............ 28
14 Serviesgoed.............................29
14.1 Schade aan glas en ser-
viesgoed ................................ 29
14.2 Serviesgoed inruimen............ 30
14.3 Serviesgoed uitruimen........... 31
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl
3
15 De Bediening in essentie........31
15.1 Apparaatdeur openen ........... 31
15.2 Apparaat inschakelen............ 31
15.3 Programma instellen ............. 31
15.4 Extra functie instellen ............ 31
15.5 Tijdinstelling maken............... 32
15.6 Programma starten................ 32
15.7 Programma onderbreken ...... 32
15.8 Programma afbreken ............ 32
15.9 Apparaat uitschakelen........... 32
16 Basisinstellingen ....................33
16.1 Overzicht over de basisin-
stellingen ............................... 33
16.2 Basisinstellingen wijzigen...... 34
17 Reiniging en onderhoud .........34
17.1 Spoelmiddelhouder reini-
gen ........................................ 34
17.2 Zelfreinigende
binnenruimte
1
........................ 35
17.3 Reinigingsmiddel................... 35
17.4 Tips voor apparaatonder-
houd ...................................... 35
17.5 Zeefsysteem .......................... 35
17.6 Sproeiarm reinigen ................ 36
18 Storingen verhelpen ...............37
18.1 Afvoerpomp reinigen............. 49
19 Transporteren, opslaan en
afvoeren...................................49
19.1 Apparaat demonteren ........... 49
19.2 Apparaat vorstbestendig
maken.................................... 50
19.3 Apparaat transporteren ......... 50
19.4 Afvoeren van uw oude ap-
paraat .................................... 50
20 Servicedienst...........................51
20.1 Productnummer (E-nr.) en
productienummer (FD) .......... 51
20.2 AQUA-STOP-garantie
1
........... 51
21 Technische gegevens.............52
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Veiligheid
4
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la-
ter gebruik of voor volgende eigenaren.
¡ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
¡ om vaat te wassen.
¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de hui-
selijke omgeving.
¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en
door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkin-
gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-
zicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het appa-
raat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd
door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het ap-
paraat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veilige installatie
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Ondeskundige installaties kunnen letsel veroorzaken.
▶ Bij het opstellen en aansluiten van het apparaat de instructies
van de gebruiksaanwijzing en montagehandleiding opvolgen.

Veiligheid nl
5
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
▶ Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de ge-
gevens op het typeplaatje.
▶ Altijd het meegeleverde netsnoer van het nieuwe apparaat ge-
bruiken.
▶ Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïn-
stalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wis-
selstroom aansluiten.
▶ Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet
conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
▶ Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bij-
voorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
▶ Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de
netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang
niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie
een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn
ingebouwd.
▶ Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer
niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Het doorsnijden van de toevoerslang of het onder water dompe-
len van het AquaStop-ventiel is gevaarlijk.
▶ De kunststof behuizing nooit in water onderdompelen. In de
kunststof behuizing aan de toevoerslang bevindt zich een elek-
trisch ventiel.
▶ De toevoerslang nooit doorsnijden. In de toevoerslang bevinden
zich elektrische aansluitleidingen.
WAARSCHUWING‒Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adap-
ters is gevaarlijk.
▶ Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
▶ Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren
gebruiken.
▶ Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer be-
schikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak
om de huisinstallatie aan te passen.

nl Veiligheid
6
Contact tussen het apparaat en installatieleidingen kan leiden tot
een defect aan de installatieleidingen, bijvoorbeeld gasleidingen
en stroomleidingen. Gas uit een gecorrodeerde gasleiding kan
ontbranden. Een beschadigde stroomleiding kan leiden tot kort-
sluiting.
▶ Zorg ervoor dat er een afstand van minstens 5cm tussen het
apparaat en de installatieleidingen zit.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
Een ondeskundige installatie kan tot brandwonden leiden.
▶ Bij vrijstaande apparaten ervoor zorgen dat de apparaten met
de achterkant tegen een wand staan.
1.5 Veilig gebruik
WAARSCHUWING‒Kans op ernstig gevaar voor de ge-
zondheid!
Niet-inachtneming van de veiligheidsvoorschriften en gebruiksin-
structies op de verpakkingen van vaatwas- en glansspoelmidde-
len kan tot ernstige gezondheidsschade leiden.
▶ De veiligheidsvoorschriften en gebruiksinstructies op de verpak-
kingen van vaatwas- en glansspoelmiddelen in acht nemen.
WAARSCHUWING‒Kans op explosie!
Oplosmiddelen in de spoelruimte van het apparaat kunnen tot ex-
plosies leiden.
▶ Nooit oplosmiddelen in de spoelruimte van het apparaat doen.
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmidde-
len in combinatie met aluminium voorwerpen in de spoelruimte
van het apparaat kunnen tot explosies leiden.
▶ Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigings-
middelen, in het bijzonder middelen voor professioneel of indu-
strieel gebruik, in combinatie met aluminium voorwerpen (bijv.
vetfilters van afzuigkappen of aluminium pannen) in de vaatwas-
ser gebruiken, bijv. voor machine-onderhoud.

Veiligheid nl
7
WAARSCHUWING‒Kans op letsel!
Een geopende apparaatdeur kan tot letsel leiden.
▶ De apparaatdeur alleen openen voor het in- en uitruimen van
vaatwerk om ongelukken zoals door struikelen te voorkomen.
▶ Niet op de geopende apparaatdeur zitten of staan.
Messen en voorwerpen met scherpe punten kunnen verwondin-
gen veroorzaken.
▶ Messen en voorwerpen met scherpe punten met de punten om-
laag in de bestekkorf, meshouder of besteklade plaatsen.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden!
Als de apparaatdeur tijdens het programmaverloop wordt geo-
pend, kan er heet water uit het apparaat spatten.
▶ De apparaatdeur tijdens het programmaverloop alleen voorzich-
tig openen.
WAARSCHUWING‒Kantelgevaar!
Te vol beladen servieskorven kunnen tot omkanteling van het ap-
paraat leiden.
▶ De servieskorven bij vrijstaande apparaten nooit te vol laden.
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
▶ Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
▶ Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het ap-
paraat te reinigen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
▶ Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warm-
tebronnen in contact brengen.
▶ Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in con-
tact brengen.
▶ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.

nl Veiligheid
8
1.6 Beschadigd apparaat
WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaar-
lijk.
▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
▶ Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak ge-
bruiken.
▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektri-
citeitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer
trekken.
▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct
de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de ze-
kering in de meterkast uitschakelen en de kraan sluiten.
▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina51
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan
het apparaat uitvoeren.
▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden ge-
bruikt voor reparatie van het apparaat.
▶ Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van
dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen
door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluit-
kabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
1.7 Gevaren voor kinderen
WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en
hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hier-
door stikken.
▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
▶ Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
Kinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken.
▶ Indien aanwezig, het kinderslot gebruiken.

Veiligheid nl
9
▶ Kinderen nooit met het apparaat laten spelen of het apparaat la-
ten bedienen.
WAARSCHUWING‒Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensge-
vaar geraken.
▶ Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het
stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot
van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaat-
deur niet langer sluit.
WAARSCHUWING‒Kans op verpletteren!
Bij hoog ingebouwde apparaten kunnen kinderen bekneld raken
tussen de apparaatdeur en de eronder gelegen kastdeuren.
▶ Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur op kinderen let-
ten.
WAARSCHUWING‒Kans op chemische brandwonden!
Vaatwas- en glansspoelmiddelen kunnen tot brandwonden aan
mond, keel en ogen leiden.
▶ Kinderen uit de buurt van vaatwas- en glansspoelmiddelen hou-
den.
▶ Kinderen uit de buurt van het geopende apparaat houden. Het
water in de spoelruimte is geen drinkwater. Hierin kunnen nog
resten vaatwas- en glansspoelmiddel zijn achtergebleven.
1.8 Veiligheidssystemen
Bescherm kinderen tegen de gevaren die van het apparaat kun-
nen uitgaan.
Afhankelijk van de uitrusting van de apparaatvariant beschikt het
apparaat over een
→"Kinderslot", Pagina11.

nl Materiële schade vermijden
10
Materiële schade vermijden
2 Materiële schade
vermijden
Materiële schade vermijden
2.1 Veilige installatie
LET OP!
Een ondeskundige installatie van het
apparaat kan tot schade leiden.
▶ Als de vaatwasser onder of boven
andere huishoudapparaten wordt
ingebouwd, moet de informatie
over de inbouw in combinatie met
de vaatwasser in de montagehand-
leiding van het desbetreffende
huishoudelijke apparaat in acht
worden genomen.
▶ Als er geen informatie beschikbaar
is of als de montagehandleiding
geen instructies over dit onder-
werp bevat, vraag dan bij de fabri-
kant van deze huishoudelijke ap-
paraten na of de vaatwasser bo-
ven of onder andere huishoudelij-
ke apparaten kan worden inge-
bouwd.
▶ Als er geen informatie van de fabri-
kant beschikbaar is, mag de vaat-
wasser niet boven of onder deze
huishoudelijke apparaten worden
ingebouwd.
▶ Om een veilige werking van alle
huishoudelijke apparaten te waar-
borgen moet u zich ook verder
aan de montagehandleiding van
de vaatwasser houden.
▶ De vaatwasser uitsluitend met in-
achtneming van de voorschreven
veiligheidsafstanden onder een
kookplaat inbouwen.
▶ De vaatwasser niet installeren in
de buurt van warmtebronnen, zo-
als een radiator, boiler, fornuis of
andere apparaten die warmte afge-
ven.
Contact tussen het apparaat en wa-
terleidingen kan tot corrosie van de
waterleiding leiden en de waterlei-
ding kan daardoor lek raken.
▶ Zorg ervoor dat er een afstand van
minstens 5cm tussen het appa-
raat en de waterleiding zit. Dit
geldt niet voor de meegeleverde
leidingen voor de drinkwateraan-
sluitingen en de waterafvoeraan-
sluiting.
Gewijzigde of beschadigde water-
slangen kunnen tot materiële schade
en schade aan het apparaat leiden.
▶ Nooit waterslangen knikken, knel-
len, wijzigen of doorsnijden.
▶ Alleen meegeleverde waterslangen
of originele reserveslangen gebrui-
ken.
▶ Nooit gebruikte waterslangen her-
gebruiken.
Een te lage of te hoge waterdruk kan
de apparaatfunctie hinderen.
▶ Zorg ervoor dat de waterdruk aan
de watervoorzieningsinstallatie mi-
nimaal 50kPa (0,5bar) en maxi-
maal 1000kPa (10bar) bedraagt.
▶ Wanneer de waterdruk de aange-
geven maximale waarde over-
schrijdt, dan moet een reduceer-
ventiel tussen de drinkwateraan-
sluiting en de slangenset van het
apparaat worden geïnstalleerd.
2.2 Veilig gebruik
LET OP!
Naar buiten tredende waterdamp kan
inbouwmeubels beschadigen.
▶ Het apparaat na het einde van het
programma even laten afkoelen al-
vorens de apparaatdeur te ope-
nen.
De spoelmiddelhouder kan door ont-
hardingszout voor vaatwassers corro-
deren.
▶ Om ervoor te zorgen dat gemorst
onthardingszout uit de spoelmid-
delhouder wordt gespoeld, moet

Kinderslot nl
11
het onthardingszout direct voor de
start van het programma in het re-
servoir voor onthardingszout wor-
den gevuld.
Vaatwasmiddel kan de wateronthar-
ding beschadigen.
▶ Het reservoir van de onthardings-
voorziening alleen met onthar-
dingszout voor vaatwassers vullen.
Ongeschikte vaatwasmiddelen kun-
nen het apparaat beschadigen.
▶ Geen stoomreiniger gebruiken.
▶ Ter voorkoming van krassen geen
sponzen met een ruw oppervlak of
schurende reinigingsmiddelen op
het oppervlak van het apparaat ge-
bruiken.
▶ Ter voorkoming van corrosie bij
vaatwassers met een roestvrij sta-
len front geen sponsdoekjes ge-
bruiken of deze vóór het eerste ge-
bruik meerdere keren goed uit-
spoelen.
Kinderslot
3 Kinderslot
1
Kinderslot
Met het kinderslot beschermt u kin-
deren tegen de gevaren die door de
vaatwasser kunnen optreden.
Afhankelijk van de uitrusting van de
apparaatvariant beschikt het appa-
raat over een deurvergrendeling.
3.1 Deurvergrendeling
De deurvergrendeling is een mecha-
nisch veiligheidssysteem dat het
moeilijker maakt om de apparaatdeur
te openen.
→"Apparaatdeur openen",
Pagina31
Milieubescherming en besparing
4 Milieubescherming en
besparing
Milieubescherming en besparing
4.1 Afvoeren van de verpak-
king
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-
vriendelijk en kunnen worden herge-
bruikt.
▶ De afzonderlijke componenten op
soort gescheiden afvoeren.
4.2 Energie sparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, ver-
bruikt uw apparaat minder stroom en
water.
Het programma Eco50° gebruiken.
a
Het programma Eco50° is ener-
giebesparend en milieuvriendelijk.
4.3 Aquasensor
1
De aquasensor is een optische meet-
voorziening (fotocel) waarmee de
troebelheid van het afwaswater wordt
gemeten. Met de aquasensor kan
water worden bespaard.
Het gebruik van de aquasensor is af-
hankelijk van het specifieke program-
ma. Als de vervuiling gering is, wordt
het afwaswater ook tijdens de volgen-
de afwasfase gebruikt en kan het wa-
terverbruik met 2-4 liter worden ver-
minderd. Als de vervuiling sterker is,
wordt het afwaswater afgepompt en
vervangen door vers water. In de au-
tomatische programma's worden bo-
vendien de temperatuur en looptijd
aangepast aan de mate van vervui-
ling.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Opstellen en aansluiten
12
Opstellen en aansluiten
5 Opstellen en aansluiten
Opstellen en aansluiten
Sluit het apparaat voor een correct
gebruik op een deskundige manier
op stroom en water aan. Neem de
vereiste criteria en de montagehand-
leiding in acht.
5.1 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle on-
derdelen op transportschade en de
volledigheid van de levering.
Voor klachten kunt u terecht bij de
winkel waar u het apparaat hebt ge-
kocht of bij onze klantenservice.
Opmerking:Het apparaat is in de fa-
briek gecontroleerd op correcte wer-
king. Hierbij kunnen watervlekken op
het apparaat zijn achtergebleven. De
watervlekken verdwijnen na de eerste
afwascyclus.
De levering bestaat uit:
¡ Vaatwasser
¡ Gebruiksaanwijzing
¡ Montagehandleiding
¡ Garantie
1
¡ Montagemateriaal
¡ Stoombeschermingsplaat
1
¡ Rubberlap
1
¡ Voedingskabel
¡ Beknopte handleiding
1
5.2 Apparaat opstellen en
aansluiten
U kunt uw apparaat in het keuken-
blok inbouwen tussen houten en
kunststof wanden.
1. De veiligheidsaanwijzingen in acht
nemen. →Pagina4
2. De aanwijzingen voor de elektri-
sche aansluiting in acht nemen.
→Pagina13
3. De inhoud van de verpakking
→Pagina12 en de toestand van
het apparaat controleren.
4. De vereiste inbouwmaten vindt u in
de montagehandleiding.
5. Het apparaat waterpas opstellen.
Op een stevige stand letten.
6. De afvoerwateraansluiting installe-
ren. →Pagina12
7. De drinkwateraansluiting installe-
ren. →Pagina12
8. Het apparaat aansluiten op de
stroom.
5.3 Afvoerwateraansluiting
Sluit het apparaat aan op een afvoer-
wateraansluiting, zodat het vervuilde
afwaswater kan worden afgevoerd.
Afvoerwateraansluiting installeren
1. De benodigde stappen vindt u in
de meegeleverde montagehandlei-
ding.
2. De afvoerslang met behulp van de
meegeleverde onderdelen op de
aansluitnippel van de sifon aanslui-
ten.
3. Erop letten dat de afvoerslang niet
geknikt, geplet of in de knoop is.
4. Erop letten dat het wegstromen
van het water niet door een afsluit-
dop in de afvalwateraansluiting
wordt verhinderd.
5.4 Drinkwateraansluiting
Sluit het apparaat aan op een drink-
wateraansluiting.
Drinkwateraansluiting installeren
Opmerking
¡ Als u het apparaat vervangt, moet
u een nieuwe watertoevoerslang
gebruiken.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Opstellen en aansluiten nl
13
1. De benodigde stappen vindt u in
de meegeleverde montagehandlei-
ding.
2. Het apparaat met behulp van de
bijgevoegde onderdelen op de
drinkwateraansluiting aansluiten.
De technische gegevens
→Pagina52 in acht nemen.
3. Erop letten dat de drinkwateraan-
sluiting niet wordt geknikt of ge-
plet, of in de knoop raakt.
5.5 Elektrische aansluiting
Apparaat elektrisch aansluiten
Opmerkingen
¡ Houd u aan de Veiligheidsaanwij-
zingen →Pagina4.
¡ Sluit het apparaat uitsluitend aan
op een wisselspanning van 220 -
240V en 50Hz of 60Hz.
¡ Houd er rekening mee dat het wa-
terbeveiligingssysteem alleen
werkt als het apparaat van stroom
wordt voorzien.
1. De apparaatstekker van het aan-
sluitsnoer op het apparaat aanslui-
ten.
2. De stekker van het apparaat in een
stopcontact in de omgeving van
het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het ap-
paraat staan op het typeplaatje.
3. De stekker op vastheid controle-
ren.

nl Uw apparaat leren kennen
14
Uw apparaat leren kennen
6 Uw apparaat leren kennen
Uw apparaat leren kennen
6.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
1
2
3
8
7
6
4
5
1
Typeplaatje Typeplaatje met E-nummer en FD-nummer
→Pagina51.
Deze gegevens hebt u nodig voor de ser-
vicedienst →Pagina51.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Uw apparaat leren kennen nl
15
2
Vaatwasmiddelbakje In het vaatwasmiddelbakje doet u het
vaatwasmiddel.
→"Vaatwasmiddel", Pagina26
3
Bestekkorf
1
Bestekkorf →Pagina20
4
Reservoir voor onthar-
dingszout
In het reservoir voor onthardingszout doet
u onthardingszout.
→"Waterontharding", Pagina22
5
Sproeiarm De sproeiarm reinigt het serviesgoed in
de servieskorf.
Als het serviesgoed niet optimaal schoon
wordt, reinig dan de sproeiarm.
→"Sproeiarm reinigen", Pagina36
6
Zeefsysteem
Zeefsysteem →Pagina35
7
Servieskorf
Servieskorf →Pagina20
8
Reservoir voor glans-
spoelmiddel
In het reservoir voor glansspoelmiddel
doet u glansspoelmiddel.
→"Glansspoelsysteem", Pagina25
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
6.2 Bedieningselementen
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en infor-
matie krijgen over de gebruikstoestand.
Met enkele toetsen kunt u verschillende functies uitvoeren.
1 2 3 4 5
789 6

nl Uw apparaat leren kennen
16
1
AAN-/UIT-toets Apparaat inschakelen
Apparaat uitschakelen →Pagina32
2
Programmakiezer
Programma's →Pagina17
3
Start-toets en Reset-toets
Programma starten →Pagina32
Programma afbreken →Pagina32
4
Display Op het display wordt informatie over
de resttijd of basisinstellingen weerge-
geven. Via het display en de insteltoet-
sen kunt u de basisinstellingen wijzi-
gen.
→"Basisinstellingen wijzigen",
Pagina34
5
Starttijd kiezen
1
Tijdinstelling maken →Pagina32
6
Extra functies
1
Extra functies →Pagina19
7
Indicatie watertoevoer Indicatie voor watertoevoer
→Pagina38
8
Indicatie glansspoelmiddel bij-
vullen
Glansspoelsysteem →Pagina25
9
Indicatie onthardingszout bij-
vullen
Waterontharding →Pagina22
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Programma's nl
17
Programma's
7 Programma's
Programma's
Hier vindt u een overzicht van de in-
stelbare programma's. Afhankelijk
van de configuratie worden op het
bedieningspaneel van het apparaat
verschillende programma's geboden.
De looptijd is afhankelijk van het ge-
selecteerde programma. Daarnaast
hangt de looptijd af van de watertem-
peratuur, hoeveelheid serviesgoed,
mate van vervuiling en geselecteerde
extra functie. Ook een uitgeschakeld
glansspoelsysteem of gebrek aan
glansspoelmiddel is van invloed op
de looptijd.
De verbruikswaarden vindt u in de
beknopte handleiding. De verbruiks-
waarden gelden bij normale omstan-
digheden en een waterhardheid van
13-16°dH. Verschillende factoren,
zoals de watertemperatuur of leiding-
druk, kunnen tot afwijkingen leiden.
Programma Gebruik Programmaver-
loop
Extra functies
Intensief 70°
Serviesgoed:
¡ Potten, pannen,
niet-gevoelig
serviesgoed en
bestek reinigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ Erg aangekoek-
te, ingebrande
of opgedroog-
de zetmeel- of
eiwithoudende
etensresten ver-
wijderen.
Bij gebruik van
vaatwaspoeder
kunt u bovendien
nog een beetje
poeder op de ap-
paraatdeur strooi-
en.
Intensief:
¡ Voorspoelen
¡ Reinigen 70°C
¡ Tussenspoelen
¡ Glansspoelen
69°C
¡ Drogen
Alle
→"Extra functies",
Pagina19

nl Programma's
18
Programma Gebruik Programmaver-
loop
Extra functies
Auto 45-65°
Serviesgoed:
¡ Gemengd ser-
viesgoed en be-
stek reinigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ Licht opge-
droogde, in het
huishouden ge-
bruikelijke
etensresten ver-
wijderen.
Sensor-geoptimali-
seerd:
¡ Wordt afhanke-
lijk van de mate
van vervuiling
van het afwas-
water geoptima-
liseerd door het
sensorsysteem.
Alle
→"Extra functies",
Pagina19
Eco 50°
Serviesgoed:
¡ Gemengd ser-
viesgoed en be-
stek reinigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ licht opge-
droogde, in het
huishouden ge-
bruikelijke
etensresten ver-
wijderen.
Zuinigste pro-
gramma:
¡ Voorspoelen
¡ Reinigen 50°C
¡ Tussenspoelen
¡ Glansspoelen
66°C
¡ Drogen
Alle
→"Extra functies",
Pagina19
Glas 40°
Serviesgoed:
¡ gevoelig ser-
viesgoed, be-
stek, tempera-
tuurgevoelige
kunststoffen,
glazen en voet-
glazen in de
voetglaskorf rei-
nigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ weinig aange-
koekte, verse
etensresten ver-
wijderen.
Zeer voorzichtig:
¡ Voorspoelen
¡ Reinigen 40°C
¡ Tussenspoelen
¡ Glansspoelen
60°C
¡ Drogen
Extra droog
→"Extra functies",
Pagina19

Extra functies nl
19
Programma Gebruik Programmaver-
loop
Extra functies
Snel 45°
Serviesgoed:
¡ Gevoelig ser-
viesgoed, be-
stek, tempera-
tuurgevoelige
kunststoffen en
glazen reinigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ Weinig aange-
koekte, verse
etensresten ver-
wijderen.
Tijd-geoptimali-
seerd:
¡ Reinigen 45°C
¡ Tussenspoelen
¡ Glansspoelen
55°C
Extra droog
→"Extra functies",
Pagina19
Voorspoelen
Serviesgoed:
¡ Alle soorten
serviesgoed rei-
nigen.
Mate van vervui-
ling:
¡ Koud voorspoe-
len, tussentijdse
reiniging.
Koud afspoelen:
¡ Voorspoelen
Geen
7.1 Aanwijzingen voor testin-
stituten
Testinstituten ontvangen instructies
voor vergelijkingstests, bijv. conform
EN60436.
Hierbij gaat het om de voorwaarden
voor het uitvoeren van de tests, niet
om de resultaten of de verbruiks-
waarden.
Aanvraag per e-mail aan: dishwas-
Benodigd zijn het productnummer (E-
Nr.) en het productienummer (FD),
die u op het typeplaatje op de appa-
raatdeur vindt.
Extra functies
8 Extra functies
1
Extra functies
Hier vindt u een overzicht van de in-
stelbare extra functies. Afhankelijk
van de configuratie worden op het
bedieningspaneel van het apparaat
verschillende extra functies geboden.
Extra functie Gebruik
Extra droog
¡ Voor een ver-
beterd dro-
gingsresultaat
wordt de
glansspoel-
temperatuur
verhoogd en
de drogingsfa-
se verlengd.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Uitrusting
20
Extra functie Gebruik
¡ Bijzonder ge-
schikt voor het
drogen van
kunststof de-
len.
¡ Het energie-
verbruik is
enigszins ho-
ger en de
looptijd neemt
toe.
SpeedPerfect
¡ De looptijd
wordt afhanke-
lijk van het af-
wasprogram-
ma met 20%
tot 50% ver-
kort.
¡ Het water- en
energiever-
bruik worden
verhoogd.
Uitrusting
9 Uitrusting
Uitrusting
Hier krijgt u een overzicht van de mo-
gelijke uitrusting van uw apparaat en
de manier waarop u deze gebruikt.
De uitrusting is afhankelijk van uw
apparaatvariant.
9.1 Servieskorf
Plaats het serviesgoed in de servies-
korf.
9.2 Bestekkorf
Plaats het bestek altijd ongesorteerd
met de punten omlaag in de bestek-
korf.

Voor het eerste gebruik nl
21
9.3 Omklapbare bordensteu-
nen
Gebruik de omklapbare bordensteu-
nen om serviesgoed zoals borden
veilig in te ruimen.
Om pannen, schotels en glazen beter
te kunnen inruimen, kunt u de om-
klapbare bordensteunen omklappen.
1
Omklapbare bordensteunen
omklappen
1
Als u de omklapbare bordensteunen
niet nodig hebt, klapt u deze om.
1. De hendel naar voor drukken en
de omklapbare bordensteunen
omklappen .
1
2
2. Om de omklapbare bordensteunen
weer te gebruiken klapt u deze
omhoog.
a De omklapbare bordensteunen
klikken hoorbaar vast.
9.4 Hoogte van het servies-
goed
U kunt serviesgoed met een hoogte
van maximaal 28cm in de servies-
korf inruimen.
Voor het eerste gebruik
10 Voor het eerste
gebruik
Voor het eerste gebruik
10.1 Eerste keer in gebruik
nemen
Als u het apparaat de eerste keer in
gebruik neemt of op de fabrieksin-
stellingen terugzet, moet u instellin-
gen uitvoeren.
Vereiste:Het apparaat is opgesteld
en aangesloten. →Pagina12
1. Met onthardingszout vullen.
→Pagina23
2. Met glansspoelmiddel vullen.
→Pagina25
3. Apparaat inschakelen.
→Pagina31
4. Waterontharding instellen.
→Pagina22
5. Hoeveelheid glansspoelmiddel in-
stellen. →Pagina25
6. Het vaatwasmiddel vullen.
7. Het programma met de hoogste
reinigingstemperatuur zonder ser-
viesgoed starten.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Waterontharding
22
We raden aan om vanwege moge-
lijke watervlekken en andere res-
ten het apparaat vóór het eerste
gebruik zonder serviesgoed te ge-
bruiken.
Tip:U kunt deze instellingen en an-
dere basisinstellingen op elk moment
weer wijzigen.
Waterontharding
11 Waterontharding
Waterontharding
Hard kalkhoudend water laat kalkres-
ten op het serviesgoed en de spoel-
middelhouder achter en kan onder-
delen van het apparaat verstoppen.
Voor goede afwasresultaten kunt u
water met de waterontharding en ont-
hardingszout ontharden. Om schade
aan het apparaat te voorkomen,
moet water met een hardheidsgraad
van meer dan 7 °dH worden onthard.
11.1 Overzicht van de waterhardheidsinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de instelbare waterhardheidswaarden.
U kunt de waterhardheid opvragen bij uw plaatselijke waterbedrijf of vaststellen
met een waterhardheidtester.
Waterhardheid
°dH
Hardheidsbereik mmol/l Instelwaarde
0 - 6 zacht 0 - 1,1 H:00
7 - 8 zacht 1,2 - 1,4 H:01
9 - 10 gemiddeld 1,5 - 1,8 H:02
11 - 12 gemiddeld 1,9 - 2,1 H:03
13 - 16 gemiddeld 2,2 - 2,9 H:04
17 - 21 hard 3,0 - 3,7 H:05
22 - 30 hard 3,8 - 5,4 H:06
31 - 35 hard 5,5 - 6,2 H:07
Opmerking:Stel het apparaat in op
de vastgestelde waterhardheid.
→"Waterontharding instellen",
Pagina22
Bij een waterhardheid van 0 - 6°dH
hoeft u geen onthardingszout te ge-
bruiken en kunt u de waterontharding
uitschakelen.
→"Waterontharding uitschakelen",
Pagina23
11.2 Waterontharding instel-
len
Stel het apparaat in op de waterhard-
heid.
1. De waterhardheid en de gewenste
instelwaarde vaststellen.
→"Overzicht van de waterhard-
heidsinstellingen", Pagina22
2. Op drukken.
3. indrukken en ingedrukt hou-
den.
4. Programmakiezer draaien tot het
display H:04 aangeeft.
5. Toets loslaten.

Waterontharding nl
23
6. Programmakiezer draaien tot de
gewenste stand is ingesteld.
De fabrieksinstelling is H:04.
7. Op drukken om de instelling
op te slaan.
11.3 Onthardingszout
Met onthardingszout kunt u het water
ontharden.
Onthardingszout vullen
Als de indicatie onthardingszout bij-
vullen brandt, vult u het onthardings-
zout in het reservoir voor onthar-
dingszout direct voor de program-
mastart bij. De benodigde hoeveel-
heid onthardingszout is afhankelijk
van de waterhardheid. Hoe hoger de
waterhardheid, des te groter de be-
nodigde hoeveelheid onthardings-
zout.
LET OP!
Vaatwasmiddel kan de wateronthar-
ding beschadigen.
▶ Het reservoir van de onthardings-
voorziening alleen met onthar-
dingszout voor vaatwassers vullen.
De spoelmiddelhouder kan door ont-
hardingszout corroderen.
▶ Om ervoor te zorgen dat gemorst
onthardingszout uit de spoelmid-
delhouder wordt gespoeld, het ont-
hardingszout direct voor de start
van het programma in het reser-
voir voor onthardingszout worden
gevuld.
1. Het deksel van het reservoir voor
onthardingszout opendraaien en
verwijderen.
2. Bij de eerste ingebruikneming: het
reservoir volledig met water vullen.
3. Opmerking:Uitsluitend onthar-
dingszout voor vaatwassers ge-
bruiken.
Geen zouttabletten gebruiken.
Geen keukenzout gebruiken.
Het onthardingszout in het reser-
voir voor onthardingszout doen.
a
Trechter
1
Het reservoir voor onthardingszout
volledig met onthardingszout vul-
len. Het water in het reservoir
wordt verdrongen en stroomt weg.
4. Het deksel van het reservoir aan-
brengen en dichtdraaien.
11.4 Waterontharding uit-
schakelen
Opmerking
Om schade aan het apparaat te
voorkomen, schakelt u de
waterontharding alleen uit in de
volgende gevallen:
¡ De waterhardheid bedraagt maxi-
maal 21 °dH en u gebruikt een ge-
combineerd vaatwasmiddel met
zoutvervangende stoffen. Gecom-
bineerde vaatwasmiddelen met
zoutvervangende stoffen kunt u
volgens de aanwijzingen van de fa-
brikant slechts tot een hardheids-
graad van 21 °dH zonder het toe-
voegen van onthardingszout ge-
bruiken.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Waterontharding
24
¡ De waterhardheid bedraagt 0 - 6
°dH. U hoeft geen onthardingszout
te gebruiken.
1. Op drukken.
2. indrukken en ingedrukt hou-
den.
3. Programmakiezer draaien tot het
display H:04 aangeeft.
4. Toets loslaten.
5. Programmakiezer draaien tot het
display H:00 aangeeft.
6. Op drukken om de instelling
op te slaan.
a De onthardingsinstallatie is uitge-
schakeld en de indicatie onthar-
dingszout bijvullen is gedeacti-
veerd.
11.5 Regeneratie van het ont-
hardingssysteem
Om de storingvrije werking van het
onthardingssysteem te behouden,
voert het apparaat regelmatig een re-
generatie van het onthardingssys-
teem uit.
Het regenereren van het onthardings-
systeem gebeurt in alle programma's
voor het einde van de hoofdafwascy-
clus. De looptijd en de verbruikswaar-
den van bijv. water en stroom nemen
hierdoor toe.
Overzicht van de verbruikswaarden bij het regenereren van het
onthardingssysteem
Hier vindt u een overzicht van de maximale extra looptijd en verbruikswaarden
bij het regenereren van het onthardingssysteem.
De geldige kolom voor de apparaatvariant vindt u de hand van het waterver-
bruik in het programma Eco50° uit de beknopte handleiding.
Waterver-
bruik in liter
(afhankelijk
van de appa-
raatvariant)
Regenereren
van het ont-
hardingssys-
teem na x af-
wasbeurten
Bijkomende
looptijd in mi-
nuten
Meerverbruik
van water in
liter
Meerverbruik
van stroom in
kWh
8 5 4 2,5 0,03
9 4 4 2,5 0,03
De opgegeven verbruikswaarden zijn
laboratoriummeetwaarden die vol-
gens de actueel geldende standaard
en aan de hand van het programma
Eco50° en de in de fabriek ingestel-
de waarde van de waterhardheid 13 -
16 °dH worden vastgesteld.

Glansspoelsysteem nl
25
Glansspoelsysteem
12 Glansspoelsysteem
Glansspoelsysteem
Serviesgoed en glazen kunt u met
behulp van het glansspoelsysteem
en glansspoelmiddel vlekkeloos af-
wassen.
12.1 Glansspoelmiddel
Voor optimale drogingsresultaten
kunt u het beste glansspoelmiddel
gebruiken.
Gebruik alleen glansspoelmiddel
voor huishoudelijke vaatwassers.
Vullen glansspoelmiddel
Als de indicatie glansspoelmiddel bij-
vullen brandt, vult u glansspoelmid-
del bij. Gebruik alleen glansspoelmid-
del voor huishoudelijke vaatwassers.
1. De lip aan het deksel van het
glansspoelmiddelreservoir indruk-
ken en optillen .
1
2
2. Het glansspoelmiddel tot de mar-
kering max bijvullen.
max
3. Als er glansspoelmiddel is overge-
lopen, moet dit uit de spoelmiddel-
houder worden verwijderd.
Overgelopen glansspoelmiddel
kan tot overmatige schuimvorming
tijdens de afwascyclus leiden.
4. Het deksel van het glansspoelmid-
delreservoir sluiten.
a Het deksel klikt hoorbaar vast.
12.2 Hoeveelheid glansspoel-
middel instellen
Als er strepen of watervlekken op het
serviesgoed achterblijven, past u de
hoeveelheid glansspoelmiddel aan.
1. Op drukken.
2. indrukken en ingedrukt hou-
den.
3. Programmakiezer draaien tot het
display r:04 aangeeft.
4. Toets loslaten.
5. Programmakiezer draaien tot de
gewenste hoeveelheid glansspoel-
middel is ingesteld.
De fabrieksinstelling is stand r:04.
– Bij een lage stand wordt minder
spoelglansmiddel tijdens de af-
wascyclus toegevoegd, waar-
door de strepen op het servies-
goed worden verminderd.

nl Vaatwasmiddel
26
– Bij een hogere stand wordt tij-
dens de afwascyclus meer
glansspoelmiddel toegevoegd,
waardoor de watervlekken wor-
den gereduceerd en de dro-
gingsresultaten worden verbe-
terd.
6. Op drukken om de instelling
op te slaan.
12.3 Glansspoelsysteem uit-
schakelen
Als de indicatie glansspoelmiddel bij-
vullen u stoort, bijv. als u een gecom-
bineerd vaatwasmiddel met glans-
spoelmiddelcomponent gebruikt, kunt
u het glansspoelsysteem uitschake-
len.
Tip:De functie van het glansspoel-
middel is in gecombineerde vaatwas-
middelen beperkt. Door het gebruik
van glansspoelmiddel behaalt u mee-
stal betere resultaten.
1. Op drukken.
2. indrukken en ingedrukt hou-
den.
3. Programmakiezer draaien tot het
display r:04 aangeeft.
4. Toets loslaten.
5. Programmakiezer draaien tot het
display r:00 aangeeft.
6. Op drukken om de instelling
op te slaan.
a Het glansspoelsysteem is uitge-
schakeld en de indicatie glans-
spoelmiddel bijvullen is gedeacti-
veerd.
Vaatwasmiddel
13 Vaatwasmiddel
Vaatwasmiddel
13.1 Geschikte vaatwasmid-
delen
Gebruik uitsluitend vaatwasmiddelen
die geschikt zijn voor de vaatwasser.
Geschikt voor zowel niet-gecombi-
neerde als gecombineerde vaatwas-
middelen.
Voor optimale afwas- en drogingsre-
sultaten gebruikt u een niet-gecombi-
neerd vaatwasmiddel in combinatie
met afzonderlijk onthardingszout
→Pagina23 en glansspoelmiddel
→Pagina25.
Moderne, krachtige vaatwasmiddelen
hebben meestal een laag alkalische
receptuur met enzymen. Enzymen
breken zetmeel af en lossen eiwitten
op. Voor het verwijderen van gekleur-
de vlekken (bijv. thee of ketchup)
worden meestal bleekmiddelen op
zuurstofbasis gebruikt.
Opmerking:Neem bij elk vaatwas-
middel de instructies van de fabrikant
in acht.
Vaatwasmid-
del
Beschrijving
Tabs Tabs zijn geschikt
voor alle afwastaken
en hoeven niet te
worden gedoseerd.
Bij verkorte program-
ma's lossen tabs mo-
gelijk niet volledig op
waardoor er resten
vaatwasmiddel ach-
terblijven. Dit kan de
reinigende werking
negatief beïnvloeden.

Vaatwasmiddel nl
27
Vaatwasmid-
del
Beschrijving
Vaatwaspoe-
der
Voor verkorte pro-
gramma's wordt
vaatwaspoeder aan-
bevolen.
De dosering kan op
de vervuilingsgraad
worden afgestemd.
Vloeibaar
vaatwasmid-
del
Vloeibare vaatwas-
middelen werken
sneller en worden bij
verkorte program-
ma's zonder voor-
spoelfase aanbevo-
len.
Het kan gebeuren
dat een aangebracht
vloeibaar vaatwas-
middel uit het vaat-
wasmiddelbakje ont-
snapt ondanks dat
dit gesloten is. Dit is
geen defect en niet
ernstig wanneer u
het volgende in acht
neemt:
¡ Selecteer uitslui-
tend een program-
ma zonder voor-
spoelfase.
¡ Geef geen tijdin-
stelling voor de
programmastart
in.
De dosering kan op
de vervuilingsgraad
worden afgestemd.
Tip:Geschikte vaatwasmiddelen zijn
online verkrijgbaar via onze website
of servicedienst →Pagina51.
Niet-gecombineerd vaatwasmiddel
Niet-gecombineerde vaatwasmidde-
len zijn producten die naast het ei-
genlijke vaatwasmiddel geen verdere
componenten bevatten. Voorbeelden
hiervan zijn vaatwaspoeder of vloei-
baar vaatwasmiddel.
Bij vaatwaspoeder en vloeibaar vaat-
wasmiddel kan de dosering op de
vervuilingsgraad van het serviesgoed
worden afgestemd.
Voor betere afwas- en drogingsresul-
taten en ter voorkoming van schade
aan het apparaat is het raadzaam te-
vens onthardingszout →Pagina23 en
glansspoelmiddel →Pagina25 te ge-
bruiken.
Gecombineerd vaatwasmiddel
Naast traditionele niet-gecombineer-
de vaatwasmiddelen wordt een aan-
tal producten met extra functies aan-
geboden. Deze producten bevatten
naast reinigingsmiddel ook glans-
spoelmiddel en zoutvervangende
stoffen (3in1) en afhankelijk van de
combinatie (4in1, 5in1, ...) nog extra
componenten zoals glasbescherming
of glansmiddel voor roestvrij staal.
Gecombineerde vaatwasmiddelen
functioneren volgens de specificaties
van de fabrikant doorgaans uitslui-
tend bij waterhardheden van 21 °dH.
Bij een waterhardheid van meer dan
21 °dH moet u onthardingszout en
glansspoelmiddel toevoegen. Voor
optimale afwas- en drogingsresulta-
ten adviseren wij om vanaf een wa-
terhardheid van 14 °dH onthardings-
zout en glansspoelmiddel te gebrui-
ken. Als u gecombineerde vaatwas-
middelen gebruikt, wordt het afwas-
programma hier automatisch op af-
gestemd om optimale afwas- en dro-
gingsresultaten te verkrijgen.

nl Vaatwasmiddel
28
13.2 Ongeschikt vaatwasmid-
del
Gebruik geen vaatwasmiddelen die
het apparaat kunnen beschadigen of
de gezondheid kunnen schaden.
Vaatwasmid-
del
Beschrijving
Handafwas-
middel
Handafwasmiddel
kan tot een verhoog-
de schuimvorming
leiden en schade
aan het apparaat
veroorzaken.
Chloorhou-
dend vaat-
wasmiddel
Chloorresten op ser-
viesgoed kunnen de
gezondheid in ge-
vaar brengen.
13.3 Aanwijzingen over vaat-
wasmiddelen
Houd u bij het dagelijkse gebruik aan
de aanwijzingen met betrekking tot
de vaatwasmiddelen.
¡ Vaatwasmiddelen met de aandui-
ding 'Bio' of 'Eco' bevatten (om mi-
lieuredenen) doorgaans geringere
hoeveelheden werkzame stoffen of
bepaalde stoffen zelfs helemaal
niet. De reinigende werking wordt
hierdoor mogelijk beperkt.
¡ Stel het glansspoelsysteem en de
waterontharding in op het gebruik-
te niet-gecombineerde of gecombi-
neerde vaatwasmiddel.
¡ Gecombineerde vaatwasmiddelen
met zoutvervangende stoffen kun-
nen volgens de aanwijzingen van
de fabrikant slechts tot een be-
paalde hardheidsgraad, meestal
21 °dH, zonder toevoeging van
onthardingszout worden gebruikt.
Voor optimale afwas- en drogings-
resultaten adviseren wij om vanaf
een waterhardheid van 14 °dH
onthardingszout te gebruiken.
¡ Raak vaatwasmiddelen met een in
water oplosbare beschermende
verpakking alleen aan met droge
handen en leg deze alleen in een
droog vaatwasmiddelbakje om te
voorkomen dat de verpakking vast-
plakt.
¡ Ook wanneer de indicatie glans-
spoelmiddel bijvullen en de indica-
tie onthardingszout bijvullen bran-
den, worden de vaatwasprogram-
ma's bij gebruik van gecombineer-
de vaatwasmiddelen probleemloos
uitgevoerd.
¡ De functie van het glansspoelmid-
del is in gecombineerde vaatwas-
middelen beperkt. Door het ge-
bruik van glansspoelmiddel be-
haalt u meestal betere resultaten.
¡ Gebruik tabs met speciale droog-
prestaties.
13.4 Vaatwasmiddel vullen
1. Voor het openen van het vaatwas-
middelbakje op de vergrendeling
drukken.
2. Vaatwasmiddel in het droge vaat-
wasmiddelbakje leggen.
15 ml
25 ml
50 ml
Als u tabs gebruikt, volstaat één
tablet. Leg tabs dwars in het bakje.
Houd u bij gebruik van vaatwas-
poeder of vloeibaar vaatwasmiddel
aan de doseringsinstructies van de
fabrikant en de doseringsindeling
van het vaatwasmiddelbakje.

Serviesgoed nl
29
3. Het deksel van het vaatwasmiddel-
bakje sluiten.
a Het deksel klikt hoorbaar vast.
a Het vaatwasmiddelbakje wordt af-
hankelijk van het programma auto-
matisch op het optimale tijdstip
voor het programma geopend. Het
vaatwaspoeder of vloeibare vaat-
wasmiddel wordt in de spoelmid-
delhouder verspreid en opgelost.
Tabs vallen in het toestel en wor-
den opgelost.
Tip:Als u vaatwaspoeder gebruikt en
een programma met voorspoelen
kiest, kunt u aanvullend wat vaatwas-
middel op de binnendeur van het ap-
paraat strooien.
Serviesgoed
14 Serviesgoed
Serviesgoed
Was alleen vaatwasserbestendig ser-
viesgoed in het apparaat af.
Opmerking:Geglazuurd serviesgoed
en voorwerpen van aluminium en zil-
ver kunnen bij het afwassen verkleu-
ren of verbleken. Gevoelige glassoor-
ten kunnen na enkele afwascycli dof
worden.
14.1 Schade aan glas en ser-
viesgoed
Was alleen glas en porselein dat
door de fabrikant als vaatwasserbe-
stendig is aangemerkt. Voorkom
schade aan glas en serviesgoed.
Oorzaak Aanbeveling
Het volgende
serviesgoed is
niet vaatwasser-
bestendig:
¡ Stukken be-
stek en ser-
viesgoed van
hout
¡ Gedecoreerde
glazen, kunst-
nijverheidsser-
vies en -vazen,
en antiek ser-
vies
¡ Niet-hittebe-
stendige
kunststofvoor-
werpen
¡ Serviesgoed
van koper en
tin
¡ Serviesgoed
dat met as,
was, smeervet
en verf ver-
vuild is
¡ Zeer kleine
stukken ser-
viesgoed
Was alleen ser-
viesgoed dat
door de fabrikant
als vaatwasser-
bestendig is aan-
gemerkt.
Chemische sa-
menstelling van
het vaatwasmid-
del veroorzaakt
schade.
Gebruik een
vaatwasmiddel
dat door de fabri-
kant als servies-
veilig is aange-
merkt.

nl Serviesgoed
30
Oorzaak Aanbeveling
Sterk bijtende al-
kalische of sterk
zuurhoudende
vaatwasmidde-
len, in het bijzon-
der middelen
voor professio-
neel of industri-
eel gebruik in
combinatie met
aluminium voor-
werpen zijn niet
geschikt voor ge-
bruik in de vaat-
wasser.
Als u sterk bijten-
de alkalische of
sterk zuurhou-
dende vaatwas-
middelen ge-
bruikt, vooral
voor professio-
neel of industri-
eel gebruik, mag
u geen alumini-
um voorwerpen
in de spoelruimte
van het apparaat
plaatsen.
De watertempe-
ratuur van het
programma is te
hoog.
Kies een pro-
gramma met la-
gere temperatu-
ren.
Haal glas en be-
stek kort na af-
loop van het pro-
gramma uit het
apparaat.
14.2 Serviesgoed inruimen
Ruim het serviesgoed correct in om
optimale afwasresultaten te bereiken
en schade aan het serviesgoed en
apparaat te voorkomen.
Tips
¡ Als u het apparaat gebruikt, ver-
bruikt u minder energie en water
dan bij handmatig afwassen.
¡ Op onze website vindt u voorbeel-
den van hoe u het apparaat effici-
ënt kunt inruimen.
¡ Om energie en water te besparen
laadt u het apparaat tot het aange-
geven aantal standaardcouverts
(standaardbelading met servies-
goed en bestek).
→"Technische gegevens",
Pagina52
¡ Voor betere afwas- en drogingsre-
sultaten plaatst u serviesgoed met
rondingen of holten schuin, zodat
het water er vanaf kan lopen.
1. Grove etensresten van het servies-
goed verwijderen.
Om natuurlijke hulpbronnen te be-
sparen dient u het serviesgoed
niet voor te spoelen onder stro-
mend water.
2. Het serviesgoed inruimen en hier-
bij het volgende in acht nemen:
– Plaats serviesgoed in een veili-
ge en stabiele stand in het ap-
paraat om schade aan het ser-
viesgoed te voorkomen.
– Ruim bestek met de puntige en
scherpe kant naar beneden in
om verwondingen te voorko-
men.
– Plaats serviesgoed met de ope-
ning naar beneden, zodat er
geen water in blijft staan.
– Zorg dat u de sproeiarm niet
blokkeert, zodat deze kan draai-
en.

De Bediening in essentie nl
31
14.3 Serviesgoed uitruimen
WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Heet serviesgoed kan brandwonden
veroorzaken. Heet serviesgoed is
stootgevoelig en kan bij breuk tot let-
sel leiden.
▶ Serviesgoed na afloop van het pro-
gramma nog even laten afkoelen
en pas daarna uitruimen.
▶ Het spoelmiddelreservoir en de ac-
cessoires controleren op verontrei-
nigingen en zo nodig reinigen.
→"Reiniging en onderhoud",
Pagina34
De Bediening in essentie
15 De Bediening in es-
sentie
De Bediening in essentie
15.1 Apparaatdeur openen
1. Als het kinderslot
1
niet is geacti-
veerd, open dan de apparaatdeur.
2. Als het kinderslot
1
is geactiveerd,
de lip van het kinderslot naar
rechts drukken en de apparaat-
deur openen .
1
2
15.2 Apparaat inschakelen
▶ Op drukken.
Het programma Eco50° is voorin-
gesteld.
Het programma Eco50° is een
zeer milieuvriendelijk programma
en uitermate geschikt voor nor-
maal vervuild serviesgoed. Het is
het efficiëntste programma voor
wat betreft het energie- en water-
verbruik voor dit type serviesgoed
en voldoet aan de EU-verordening
inzake ecologisch ontwerp.
Als u het apparaat 15minuten niet
bedient, wordt het apparaat auto-
matisch uitgeschakeld.
15.3 Programma instellen
U kunt de afwascyclus op de vervui-
lingsgraad van het serviesgoed af-
stemmen door een geschikt pro-
gramma in te stellen.
▶ Programmakiezer draaien tot de
gewenste programma is ingesteld.
a De resterende programmalooptijd
verschijnt op het display.
15.4 Extra functie instellen
Als aanvulling op het gekozen afwas-
programma kunt u extra functies in-
stellen.
Opmerking:De beschikbare extra
functies zijn afhankelijk van het geko-
zen programma.
▶ Op de toets van de gewenste extra
functie drukken.
a De extra functie is ingesteld en de
toets van de extra functie knippert.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl De Bediening in essentie
32
15.5 Tijdinstelling maken
U kunt de programmastart maximaal
24uur verschuiven.
1. indrukken.
a Op het display verschijnt "h:01".
2. Met de gewenste programmas-
tart instellen.
3. indrukken.
a De tijdinstelling is geactiveerd.
Tip:De tijdinstelling deactiveert u
door net zo vaak in te drukken tot-
dat "h:00" op het display verschijnt.
15.6 Programma starten
▶ Druk op .
a Het programma is afgelopen wan-
neer het display "0:00" aangeeft.
Opmerkingen
¡ U kunt het lopende programma al-
leen veranderen door het program-
ma af te breken.
→"Programma afbreken",
Pagina32
¡ Om energie te besparen wordt het
apparaat 1minuut na het program-
ma-einde automatisch uitgescha-
keld. Als u de deur direct na het
programma-einde opent, wordt het
apparaat na 4seconden uitge-
schakeld.
15.7 Programma onderbreken
Opmerking:Als u bij een opge-
warmd apparaat de apparaatdeur
opent, kunt u de apparaatdeur het
beste eerst enkele minuten op een
kier laten staan en vervolgens sluiten.
Op deze wijze voorkomt u dat er een
overdruk in het apparaat optreedt en
de apparaatdeur openspringt.
1. indrukken.
a Het programma wordt opgeslagen
en het apparaat wordt uitgescha-
keld.
2. Op drukken om het programma
voort te zetten.
15.8 Programma afbreken
Om een programma voortijdig te be-
ëindigen of een gestart programma
te wijzigen, moet u het actieve pro-
gramma afbreken.
▶ Ca. 3seconden op
drukken.
a Het programma wordt afgebroken
en is na ca. 1minuut afgesloten.
15.9 Apparaat uitschakelen
1. De aanwijzingen over het veilige
gebruik →Pagina10 in acht ne-
men.
2. Op drukken.
3. Om schade door uittredend water
te voorkomen, de kraan volledig
sluiten (vervalt bij apparaten met
AquaStop).
Tip:Als u tijdens de afwascyclus op
drukt, wordt het lopende program-
ma onderbroken. Als u het apparaat
inschakelt, wordt het programma au-
tomatisch voortgezet.

Basisinstellingen nl
33
Basisinstellingen
16 Basisinstellingen
Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
16.1 Overzicht over de basisinstellingen
De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitrusting van uw apparaat.
Basisinstelling Display-
tekst
Keuze Beschrijving
Waterhardheid H:04
1
H:00 - H:07 Waterontharding op de wa-
terhardheid instellen.
→"Waterontharding instel-
len", Pagina22
Bij stand H:00 wordt de wa-
terontharding uitgeschakeld.
Glansspoelmid-
deldosering
r:04
1
r:00 - r:06 Hoeveelheid glansspoelmid-
del instellen.
→"Hoeveelheid glansspoel-
middel instellen", Pagina25
Met stand r:00 het glans-
spoelsysteem uitschakelen.
Intensief drogen d:00
1
d:00 - d:01 Bij het glansspoelen wordt
de temperatuur verhoogd,
waardoor betere droogresul-
taten worden bereikt. De
looptijd kan daardoor iets
toenemen.
Opmerking:Niet geschikt
voor gevoelige stukken ser-
viesgoed.
Intensief drogen inschakelen
"d:01" of uitschakelen
"d:00".
Warm water A:00
1
A:00 - A:01 Koudwateraansluiting of
warmwateraansluiting instel-
len. Het apparaat alleen op
Warm water instellen als het
warme water energetisch
gunstig wordt bereid en er
een geschikte installatie be-
schikbaar is, bijv. een zonne-
boiler met circulatieleiding.
1
Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

nl Reiniging en onderhoud
34
Basisinstelling Display-
tekst
Keuze Beschrijving
De watertemperatuur moet
minimaal 40°C en maxi-
maal 60°C bedragen.
Warm water inschakelen
"A:01" of uitschakelen
"A:00".
1
Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
16.2 Basisinstellingen wijzi-
gen
1. Op drukken.
2. indrukken en ingedrukt hou-
den.
3. Programmakiezer draaien tot het
display de gewenste instelling aan-
geeft.
4. Toets loslaten.
5. Programmakiezer draaien tot het
display de gewenste waarde aan-
geeft.
6. Op drukken om de instelling
op te slaan.
Reiniging en onderhoud
17 Reiniging en onder-
houd
Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat
zorgvuldig om er voor te zorgen dat
het lang goed blijft werken.
17.1 Spoelmiddelhouder rei-
nigen
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezond-
heid!
Het gebruik van chloorhoudende rei-
nigingsmiddelen kan tot gezond-
heidsschade leiden.
▶ Nooit chloorhoudende reinigings-
middelen gebruiken.
1. Grove verontreinigingen in de bin-
nenruimte met een vochtige doek
verwijderen.
2. Vaatwasmiddel in het vaatwasmid-
delbakje doen.
3. Programma met de hoogste tem-
peratuur kiezen.
4. Het programma zonder servies-
goed starten. →Pagina32

Reiniging en onderhoud nl
35
17.2 Zelfreinigende
binnenruimte
1
Om afzettingen te verwijderen, voert
het apparaat regelmatig een zelfreini-
ging van de binnenruimte uit.
Voor de zelfreiniging wordt het pro-
grammaverloop automatisch aange-
past, bijv. door de reinigingstempera-
tuur kortstondig te verhogen. De ver-
bruikswaarden bijv. van water en
stroom kunnen hierdoor toenemen.
Als de zelfreiniging van de binnen-
ruimte niet meer volstaat er er afzet-
tingen optreden, neemt u deze infor-
matie in acht:
→"Spoelmiddelhouder reinigen",
Pagina34.
17.3 Reinigingsmiddel
Gebruik voor de reiniging van het ap-
paraat uitsluitend geschikte reini-
gingsmiddelen.
→"Veilig gebruik", Pagina10
17.4 Tips voor apparaaton-
derhoud
Neem de tips voor apparaatonder-
houd in acht om de werking van het
apparaat lang in stand te houden.
Maatregel Voordeel
De deurafdichtin-
gen, het front en
het bedienings-
paneel van de
vaatwasser regel-
matig af met een
vochtige doek en
een beetje afwas-
middel afvegen.
Hierdoor blijven
deze onderdelen
schoon en hygië-
nisch.
Maatregel Voordeel
De apparaatdeur
op een kier staan
als de vaatwas-
ser langere tijd
niet wordt ge-
bruikt.
Hierdoor wordt
de vorming van
nare geuren
voorkomen.
17.5 Zeefsysteem
Het zeefsysteem filtert grove veront-
reinigingen uit het spoelcircuit.
1
2
3
1
microzeef
2
Fijne zeef
3
grove zeef
Zeven reinigen
Door verontreinigingen uit het afwas-
water kunnen de zeven verstopt ra-
ken.
1. Na elke afwasbeurt de zeven op
etensresten controleren.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Reiniging en onderhoud
36
2. De grove zeef tegen de klok in
draaien en het zeefsysteem eruit
nemen .
‒ Erop letten dat er geen vreemde
voorwerpen in het pompreser-
voir vallen.
2
1
3. De microzeef naar beneden los-
trekken.
4. De vergrendelingsstukken samen-
drukken en de grove zeef er
naar boven uitnemen .
1
2
5. De zeefelementen onder stromend
water reinigen.
De vuilrand tussen de grove en fij-
ne zeef zorgvuldig reinigen.
6. Het zeefsysteem in elkaar zetten.
Controleer of de vergrendelings-
nokken van de grove zeef zijn vast-
geklikt.
7. Het zeefsysteem in het apparaat
aanbrengen en de grove zeef met
de klok mee draaien.
Controleer of de pijlmarkeringen
tegenover elkaar staan.
17.6 Sproeiarm reinigen
Kalk en verontreinigingen in het af-
waswater kunnen de sproeiopenin-
gen en de lagering van de sproeiarm
blokkeren. Reinig de sproeiarm regel-
matig.
1. De sproeiarm naar boven lostrek-
ken.
2. De uitstroomopeningen van de
sproeiarm onder stromend water
op verstoppingen controleren en
eventuele vreemde voorwerpen
verwijderen.
3. De sproeiarm aanbrengen.
a De sproeiarm klikt hoorbaar vast.

Storingen verhelpen nl
37
Storingen verhelpen
18 Storingen verhelpen
Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u
contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van
storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat
uitvoeren.
▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor repa-
ratie van het apparaat.
▶ Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, dient dit te worden ver-
vangen door een speciaal snoer dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of de ser-
vicedienst.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Apparaatdeur kan niet
of slechts met moeite
worden geopend.
Kinderslot is geactiveerd.
▶
Apparaatdeur openen. →Pagina31
Storing Oorzaak en probleemoplossing
E:12 brandt. Het apparaat heeft een verkalkt verwarmingselement
herkend.
1. Ontkalk het apparaat.
2. Gebruik het apparaat met de waterontharding.
1
E:14 brandt. Aquastopsysteem is geactiveerd.
1. Sluit de kraan.
2. Neem contact op met de servicedienst
→Pagina51.
E:15 brandt. Aquastopsysteem is geactiveerd.
1. Sluit de kraan.
2. Neem contact op met de servicedienst
→Pagina51.
E:16 brandt. Er stroom continu water in het apparaat.
1. Sluit de kraan.
2. Neem contact op met de servicedienst
→Pagina51.
E:18 of indicatie voor
watertoevoer brandt.
Watertoevoerslang is geknikt.
▶ Verleg de watertoevoerslang zonder knikken.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Storingen verhelpen
38
Storing Oorzaak en probleemoplossing
E:18 of indicatie voor
watertoevoer brandt.
Kraan is gesloten.
▶ Draai de kraan open.
Kraan is verstopt of verkalkt.
▶ Draai de kraan open.
De hoeveelheid binnenstromend water bij geopen-
de kraan minimaal 10 l/min bedragen.
De zeven in de wateraansluiting van de toevoer- of
AquaStop-slang zijn verstopt.
1. Schakel het apparaat uit.
2. Haal de stekker uit het stopcontact.
3. Draai de kraan dicht.
4. Schroef de wateraansluiting los.
5. Neem de zeef uit de toevoerslang
6. Reinig de zeef.
7. Plaats de zeef in de toevoerslang.
8. Schroef de wateraansluiting vast.
9. Controleer de wateraansluiting op lekkage.
10.Plaats de stekker weer in het stopcontact.
11.Schakel het apparaat in.
E:22 brandt.
1
Zeven zijn vuil of verstopt.
▶ Reinig de zeven.
→"Zeven reinigen", Pagina35
E:24 brandt. Afvoerslang is verstopt of geknikt.
1. Verleg de afvoerslang zonder knikken.
2. Verwijder de resten.
Sifonaansluiting is nog dicht.
▶ Controleer de aansluiting op de sifon en open deze
zo nodig.
Afdekking van afvoerpomp zit los.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Storingen verhelpen nl
39
Storing Oorzaak en probleemoplossing
E:24 brandt. ▶ Maak de afdekking van de afvoerpomp
→Pagina49 goed vast.
E:25 brandt. Afvoerpomp is geblokkeerd.
▶ Reinig de afvoerpomp.
→"Afvoerpomp reinigen", Pagina49
Afdekking van afvoerpomp zit los
▶ Maak de afdekking van de afvoerpomp
→Pagina49 goed vast.
E:27 brandt. Netspanning is te laag.
Er is geen fout in het apparaat aanwezig.
1. Neem contact op met een elektricien.
2. Laat de netspanning en elektrische installatie con-
troleren door de elektricien.
Er verschijnt een an-
dere foutcode in de
indicatie.
E:01 tot en met E:30
Er is een technische storing aanwezig.
1. Druk op .
2. Trek de stekker van het apparaat uit het stopcon-
tact of schakel de zekering uit.
3. Wacht ten minste 2minuten.
4. Plaats de stekker van het apparaat in een stopcon-
tact of schakel de zekering in.
5. Schakel het apparaat in.
6. Als het probleem zich opnieuw voordoet:
‒ Druk op .
‒ Sluit de kraan.
‒ Haal de stekker uit het stopcontact.
‒ Neem contact op met de servicedienst
→Pagina51 en vermeld de foutcode.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Serviesgoed is niet
droog.
Er is geen glansspoelmiddel gebruikt of de dosering
is te laag ingesteld.
1.
Vul het glanspoelmiddel →Pagina25 bij.
2. Stel de hoeveelheid glansspoelmiddel in.
→"Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen",
Pagina25
Het programma of de programmaoptie heeft geen of
een te korte droogfase.
▶ Kies een programma met drogen, bijv. Intensief,
Sterk of ECO-programma.
Met sommige optietoetsen wordt het droogresultaat
minder, bijv. Variospeed.

nl Storingen verhelpen
40
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Serviesgoed is niet
droog.
Er blijft water in holtes van serviesgoed en bestek
staan.
▶ Ruim het serviesgoed zo schuin mogelijk in.
Het gecombineerde vaatwasmiddel heeft slechte
droogprestaties.
1. Gebruik glansspoelmiddel om de droogprestaties
te verbeteren.
2. Gebruik een ander gecombineerd vaatwasmiddel
met betere droogprestatie.
Extra droog voor versterkte droging is niet geacti-
veerd.
▶ Activeer Extra droog.
Serviesgoed is te vroeg uitgeruimd of het droogpro-
ces was nog niet afgelopen.
1. Wacht op het programma-einde.
2. Verwijder het serviesgoed pas 30minuten na af-
loop van het programma.
Gebruikt glansspoelmiddel levert beperkte droogpres-
taties.
▶ Gebruik een kwaliteitsglansspoelmiddel.
Eco-producten kunnen een beperkte werking verto-
nen.
Kunststof serviesgoed
is niet droog.
Geen fout. Door een lager warmteopslagvermogen
droogt kunststof slechter.
▶ Geen oplossing voorhanden.
Bestek is niet droog. Bestek is niet goed in de bestekkorf of besteklade ge-
plaatst.
Op de aanraakpunten van het bestek kunnen zich
druppels vormen.
1. Ruim het bestek zo mogelijk los van elkaar in.
→Pagina30
2. Vermijd aanraakpunten.

Storingen verhelpen nl
41
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Binnenzijden van het
apparaat zijn nat na
de afwascyclus.
Geen storing. Voor het condensatiedrogen zijn water-
druppels in de spoelmiddelhouder het reservoir nood-
zakelijk en gewenst. Het vocht in de lucht condenseert
tegen de binnenwanden van het apparaat, stroomt
omlaag en wordt weggepompt.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Etensresten op het
serviesgoed.
Serviesgoed is te dicht op elkaar ingeruimd of servies-
korf is te vol.
1. Ruim het serviesgoed met voldoende tussenruimte
in.
De sproeistralen moeten het oppervlak van het ser-
viesgoed kunnen bereiken.
2. Vermijd aanraakpunten.
Sproeiarmen kunnen niet ongehinderd ronddraaien.
▶ Ruim het serviesgoed zo in dat het serviesgoed de
draaibeweging van de sproeiarm niet hindert.
Sproeiers van sproeiarmen zijn verstopt.
▶ Reinig de sproeiarmen.
De zeven zijn vervuild.
▶ Reinig de zeven.
→"Zeven reinigen", Pagina35
De zeven zijn onjuist aangebracht en/of niet vastge-
zet.
1. Breng de zeven goed aan.
→"Zeefsysteem", Pagina35
2. Zet de zeven vast.
Te zwak afwasprogramma gekozen.
▶ Kies een krachtiger spoelprogramma.
Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsys-
teem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma.
Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwij-
derd.
▶ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het ser-
viesgoed niet voor.
Hoge, smalle stukken serviesgoed worden in de hoe-
ken onvoldoende uitgespoeld.
▶ Ruim hoge, smalle stukken serviesgoed niet te
schuin en niet in de hoeken in.
Bovenste servieskorf is rechts en links niet op dezelf-
de hoogte ingesteld.

nl Storingen verhelpen
42
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Etensresten op het
serviesgoed.
▶ Bovenste servieskorf links en rechts op dezelfde
hoogte instellen.
Resten vaatwasmiddel
in het apparaat
Deksel van het vaatwasmiddelbakje is geblokkeerd
door serviesgoed en gaat niet open.
1. Ruim het serviesgoed in de bovenste servieskorf zo
in dat het tablettenbakje niet door serviesgoed
wordt geblokkeerd.
→"Serviesgoed inruimen", Pagina30
Stukken serviesgoed blokkeren het deksel van het
vaatwasmiddelbakje.
2. Plaats geen serviesgoed en geen geurdispenser in
het tablettenbakje.
Deksel van het vaatwasmiddelbakje is geblokkeerd
door de tab en gaat niet open.
▶ Leg de tab dwars in het vaatwasmiddelbakje en
niet op de smalle kant.
Tabs worden in het snelle programma of korte pro-
gramma gebruikt. Oplostijd van de tab wordt niet be-
reikt.
▶ Kies een krachtiger programma of gebruik vaatwas-
poeder →Pagina26.
Reinigende werking en oplosgedrag nemen af bij lan-
gere opslagtijd, of het vaatwasmiddel klontert sterk.
▶
Verander van vaatwasmiddel →Pagina26.
Er bevinden zich wa-
tervlekken op kunst-
stof delen.
Druppelvorming op kunststof oppervlakken is fysiek
onvermijdelijk. Na het afdrogen zijn watervlekken
zichtbaar.
▶ Krachtiger programma kiezen.
▶ Ruim het serviesgoed schuin in.
→"Serviesgoed inruimen", Pagina30
▶ Gebruik glansspoelmiddel.
→"Glansspoelmiddel", Pagina25
▶ Stel de waterontharding hoger in.
Er bevindt zich afwis-
bare of in water oplos-
bare aanslag in de
binnenruimte of op de
deur van het appa-
raat.
Componenten van het vaatwasmiddel zetten zich af.
Deze aanslag kan meestal niet chemisch worden ver-
wijderd.
▶
Verander van vaatwasmiddel →Pagina26.
▶ Reinig het apparaat mechanisch.
Er zet zich witte aanslag af in de binnenruimte van het
apparaat.
1. Stel de waterontharding correct in.

Storingen verhelpen nl
43
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er bevindt zich afwis-
bare of in water oplos-
bare aanslag in de
binnenruimte of op de
deur van het appa-
raat.
In de meeste gevallen moet u de instelling verho-
gen.
2. Verander zo nodig van vaatwasmiddel.
Onthardingszoutreservoir is niet dichtgedraaid.
▶ Draai het onthardingszoutreservoir dicht.
Er bevindt zich witte,
moeilijk verwijderbare
aanslag op het ser-
viesgoed of de bin-
nenruimte of deur van
het apparaat.
Componenten van het vaatwasmiddel zetten zich af.
Deze aanslag kan meestal niet chemisch worden ver-
wijderd.
▶
Verander van vaatwasmiddel →Pagina26.
▶ Reinig het apparaat mechanisch.
Waterhardheid is onjuist ingesteld of waterhardheid is
hoger dan 35 °dH (6,2mmol/l).
▶
Stel de waterontharding →Pagina22 in op de wa-
terhardheid of vul onthardingszout bij.
3in1-vaatwasmiddel, bio-vaatwasmiddel of eco-vaat-
wasmiddel is onvoldoende effectief.
▶
Stel de waterontharding →Pagina22 in op de wa-
terhardheid en gebruik gescheiden middelen (kwali-
teitsreinigingsmiddel, onthardingszout, glansspoel-
middel).
Vaatwasmiddel is te laag gedoseerd.
▶ Verhoog de dosering van het vaatwasmiddel of ver-
ander van vaatwasmiddel →Pagina26.
Te zwak afwasprogramma gekozen.
▶ Kies een krachtiger spoelprogramma.
Thee- of lippenstiftres-
ten op het servies-
goed.
Afwastemperatuur is te laag.
▶ Kies een programma met een hogere afwastempe-
ratuur.
Vaatwasmiddel is te laag gedoseerd of ongeschikt.
▶
Gebruik een geschikt vaatwasmiddel →Pagina26
en doseer dit volgens de aanwijzingen van de fabri-
kant.
Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsys-
teem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma.
Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwij-
derd.
▶ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het ser-
viesgoed niet voor.

nl Storingen verhelpen
44
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er bevindt zich ge-
kleurde (blauwe, gele,
bruine), moeilijk of
niet verwijderbare
aanslag in de binnen-
ruimte van het appa-
raat of op roestvrij-
staal serviesgoed.
Er ontstaat laagvorming door de bestanddelen van
groenten (kool, selderij, aardappels, noedels, ...) of lei-
dingwater (mangaan).
▶ Reinig het apparaat.
U kunt de aanslag met een mechanische reiniging
→Pagina34 of een machinereiniger verwijderen.
De aanslag is niet altijd volledig verwijderbaar,
maar niet schadelijk voor de gezondheid.
Door metalen bestanddelen ontstaat laagvorming op
zilver of aluminium serviesgoed.
▶ Reinig het apparaat.
U kunt de aanslag met een mechanische reiniging
→Pagina34 of een machinereiniger verwijderen.
De aanslag is niet altijd volledig verwijderbaar,
maar niet schadelijk voor de gezondheid.
Er bevinden zich ge-
kleurde (gele, oranje,
bruine), eenvoudig te
verwijderen afzettin-
gen in de binnenruim-
te van het apparaat
(vooral op de bodem).
Er ontstaat laagvorming door bestanddelen van voed-
selresten en het leidingwater (kalk), 'zeepachtig'.
1. Controleer de instelling van de waterontharding.
→"Waterontharding instellen", Pagina22
2. Vul onthardingszout bij.
→"Onthardingszout vullen", Pagina23
3. Als u gecombineerd vaatwasmiddelen gebruikt
(tabs), activeert u de waterontharding.
Houd u aan de aanwijzingen van de vaatwasmidde-
len.
→"Aanwijzingen over vaatwasmiddelen", Pagina28
Kunststof onderdelen
in de binnenruimte
van het apparaat zijn
verkleurd.
Kunststof onderdelen in de binnenruimte kunnen tij-
dens de levensduur van de vaatwasser verkleuren.
▶ Er kunnen verkleuringen optreden, maar deze heb-
ben geen nadelige invloed op de werking van het
apparaat.
Kunststof onderdelen
zijn verkleurd.
Afwastemperatuur is te laag.
▶ Kies een programma met een hogere afwastempe-
ratuur.
Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsys-
teem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma.
Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwij-
derd.
▶ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het ser-
viesgoed niet voor.

Storingen verhelpen nl
45
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er bevinden zich ver-
wijderbare vegen op
glazen, glaswerk met
een metalen uiterlijk
en bestek.
De hoeveelheid glansspoelmiddel is te hoog inge-
steld.
▶ Stel het glansspoelsysteem in op een lagere stand.
Er is geen glansspoelmiddel toegevoegd.
▶
→"Vullen glansspoelmiddel", Pagina25
Tijdens het programmagedeelte glansspoelen zijn res-
ten vaatwasmiddel aanwezig. Deksel van het vaatwas-
middelbakje werd door serviesgoed geblokkeerd en
ging niet volledig open.
1. Ruim het serviesgoed in de bovenste servieskorf zo
in dat het tablettenbakje niet door serviesgoed
wordt geblokkeerd.
→"Serviesgoed inruimen", Pagina30
Stukken serviesgoed blokkeren het deksel van het
vaatwasmiddelbakje.
2. Plaats geen serviesgoed en geen geurdispenser in
het tablettenbakje.
Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsys-
teem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma.
Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwij-
derd.
▶ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het ser-
viesgoed niet voor.
Onherstelbare glasver-
troebeling.
Glazen zijn niet vaatwasmachinebestendig, maar
slechts vaatwasmachinegeschikt.
▶ Gebruik vaatwasmachinebestendige glazen.
Glazen zijn weliswaar geschikt voor reiniging in een
vaatwasser, maar er moet met slijtage en verande-
ringen op de lange termijn rekening worden gehou-
den.
▶ Vermijd een lange stoomfase (standtijd) na afloop
van de afwascyclus.
▶ Gebruik een programma met een lagere tempera-
tuur.
▶ Stel de waterontharding in op de waterhardheid.
▶ Gebruik een vaatwasmiddel met glasbeschermings-
componenten.
Roestsporen op het
bestek.
Bestek is niet voldoende roestbestendig. Messenlem-
meten zijn hier vaak sterker door betroffen.
▶ Gebruik roestbestendig bestek.
Bestek roest ook wanneer het samen met roestige
voorwerpen wordt afgewassen.

nl Storingen verhelpen
46
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Roestsporen op het
bestek.
▶ Was geen roestende voorwerpen af.
Zoutgehalte in het afwaswater is te hoog.
1. Verwijder gemorst onthardingszout uit de spoelmid-
delhouder.
2. Draai het deksel van het onthardingszoutreservoir
stevig dicht.
Er bevinden zich vaat-
wasmiddelresten in
het vaatwasmiddel-
bakje of in het tablet-
tenbakje.
De sproeiarmen werden door serviesgoed geblok-
keerd waardoor het vaatwasmiddel niet kon worden
weggespoeld.
▶ Zorg dat de sproeiarmen niet zijn geblokkeerd en
vrij kunnen draaien.
Vaatwasmiddelbakje was vochtig tijdens het vullen
van het vaatwasmiddel.
▶ Doe het vaatwasmiddel alleen in een droog vaat-
wasmiddelbakje.
Abnormale schuimvor-
ming aanwezig.
Er bevindt zich handafwasmiddel in het glansspoel-
middelreservoir.
▶ Vul direct glansspoelmiddel in het reservoir.
→"Vullen glansspoelmiddel", Pagina25
Er is glansspoelmiddel gemorst.
▶ Verwijder het glansspoelmiddel met een doek.
Gebruikt vaatwasmiddel of reinigingsproduct produ-
ceert te veel schuim.
▶ Gebruik een ander merk vaatwasmiddel.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Indicatie onthardings-
zout bijvullen brandt.
Er ontbreekt onthardingszout.
▶
Vul onthardingszout →Pagina23 bij.
Sensor herkent onthardingszouttabletten niet.
▶ Gebruik geen onthardingszouttabletten.
Indicatie onthardings-
zout bijvullen brandt
niet.
Waterontharding is uitgeschakeld.
▶ Waterontharding instellen.
Indicatie glansspoel-
middel bijvullen
brandt.
Glansspoelmiddel ontbreekt.
1.
Vul het glanspoelmiddel →Pagina25 bij.
2. Stel de hoeveelheid glansspoelmiddel in.
Indicatie glansspoel-
middel bijvullen
brandt niet.
Waterontharding is uitgeschakeld.
▶ Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen.

Storingen verhelpen nl
47
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Er blijft na afloop van
het programma water
in het apparaat staan.
Zeefsysteem of ruimte onder de zeef is verstopt.
1.
Reinig de zeven →Pagina35.
2.
Reinig de afvoerpomp →Pagina49.
Programma is nog niet beëindigd.
▶ Wacht het programma-einde af of breek het pro-
gramma met Reset af.
▶
→"Programma afbreken", Pagina32
Apparaat kan niet wor-
den ingeschakeld of
bediend.
Functies van het apparaat zijn uitgevallen.
1. Trek de stekker van het apparaat uit het stopcon-
tact of schakel de zekering uit.
2. Wacht ten minste 2minuten.
3. Sluit het apparaat aan op het stroomnet.
4. Schakel het apparaat in.
Het apparaat start
niet.
Zekering van de huisinstallatie is niet in orde.
▶ Controleer de zekering van de huisinstallatie.
Aansluitsnoer is niet aangesloten.
1. Controleer of het stopcontact functioneert.
2. Controleer of het aansluitsnoer goed op het stop-
contact en op de achterkant van het apparaat is
aangesloten.
Apparaatdeur is niet volledig gesloten.
▶ Sluit de apparaatdeur.
Programma start auto-
matisch.
Einde van het programma is niet afgewacht.
▶
→"Programma afbreken", Pagina32
Apparaat blijft in een
programma hangen of
valt uit.
Apparaatdeur is niet volledig gesloten.
▶ Sluit de apparaatdeur.
Stroom- en/of watertoevoer is onderbroken.
1. Controleer de stroomtoevoer.
2. Controleer de watertoevoer.
Bovenste korf drukt tegen de binnendeur en verhin-
dert een goede sluiting van de apparaatdeur.
▶ Controleren of de achterwand van het apparaat
wordt ingedrukt door een stopcontact of niet-gede-
monteerde slanghouder.
▶ Ruim het serviesgoed zo in dat er geen serviesde-
len over de servieskorf uitsteken en verhinderen dat
de apparaatdeur goed kan worden gesloten.
Wijzigen van de basis-
instellingen niet moge-
lijk.
Apparaat is bezig met het programma. Wijzigen van
de basisinstellingen is alleen mogelijk bij aanvang van
het programma.

nl Storingen verhelpen
48
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Apparaatdeur kan niet
worden gesloten.
Het deurslot is omgesprongen.
▶ Sluit de apparaatdeur met meer kracht.
Deur geblokkeerd door een inbouwfout.
▶ Controleren of het apparaat correct is ingebouwd.
De apparaatdeur, het deurpaneel of de aanbouwde-
len mogen bij het sluiten niet tegen de naburige
kasten en het aanrechtblad stoten.
Deksel van het vaat-
wasmiddelbakje kan
niet worden gesloten.
Vaatwasmiddelbakje of deksel zijn door aangekoekte
vaatwasmiddelresten geblokkeerd.
▶ Verwijder de vaatwasmiddelresten.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
Klappende geluiden
van de vulventielen.
Afhankelijk van de huisinstallatie. Geen apparaatfout
aanwezig. Werking van het apparaat wordt niet nega-
tief beïnvloed.
▶ Probleem kan alleen via de huisinstallatie worden
verholpen.
Kloppend of ratelend
geluid.
Sproeiarm slaat tegen het serviesgoed.
▶ Ruim het serviesgoed zo in dat de sproeiarmen niet
tegen het serviesgoed slaan.
Waterstralen maken bij geringe belading rechtstreeks
contact met de spoelmiddelhouder.
▶ Verdeel het serviesgoed gelijkmatig.
▶ Laad meer serviesgoed in het apparaat.
Lichte serviesdelen bewegen tijdens het spoelen.
▶ Ruim lichte stukken serviesgoed stabiel in.

Transporteren, opslaan en afvoeren nl
49
18.1 Afvoerpomp reinigen
Grote voedselresten of voorwerpen
kunnen de afvoerpomp blokkeren.
Zodra het afwaswater niet meer goed
wordt afgevoerd, moet u de afvoer-
pomp reinigen.
WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Scherpe en puntige voorwerpen zo-
als glasscherven kunnen de afvoer-
pomp blokkeren en tot verwondingen
leiden.
▶ Vreemde voorwerpen voorzichtig
verwijderen.
1. Haal de stekker van het apparaat
uit het stopcontact.
2. De servieskorf verwijderen.
3. Verwijder het zeefsysteem.
4. Schep het aanwezige water eruit.
Gebruik hiervoor zo nodig een
spons.
5. De schroeven aan de pompafdek-
king losdraaien (TorxT20).
6. De pompafdekking er naar boven
uit trekken.
7. Etensresten en vreemde voorwer-
pen in de binnenruimte verwijde-
ren.
8. De pompafdekking plaatsen, naar
beneden duwen en vastschroeven.
9. Het zeefsysteem monteren.
10.De servieskorf plaatsen.
Transporteren, opslaan en afvoeren
19 Transporteren, op-
slaan en afvoeren
Transporteren, opslaan en afvoeren
19.1 Apparaat demonteren
1. Haal de stekker van het apparaat
uit het stopcontact.
2. De waterkraan dichtdraaien.
3. De afvoerwateraansluiting losma-
ken.
4. De drinkwateraansluiting losma-
ken.
5. Het apparaat voorzichtig naar vo-
ren trekken en hierbij de slang
meetrekken.

nl Transporteren, opslaan en afvoeren
50
19.2 Apparaat vorstbestendig
maken
Als het apparaat in een ruimte met
vorstgevaar staat, bijv. in een vakan-
tiehuis, haal het apparaat dan volle-
dig leeg.
▶ Het apparaat leegmaken.
→"Apparaat transporteren",
Pagina50
19.3 Apparaat transporteren
Om schade aan het apparaat te voor-
komen, maakt u het apparaat voor
het transport leeg.
Opmerking:Om te voorkomen dat
resterend water in de besturing te-
rechtkomt en het apparaat bescha-
digt, het apparaat alleen rechtop ver-
voeren.
1. Serviesgoed uit het apparaat ver-
wijderen.
2. Losse onderdelen vastzetten.
3. De kraan opendraaien.
4. Het apparaat inschakelen.
→Pagina31
5. Het programma met de hoogste
temperatuur kiezen.
6. Het programma starten.
→Pagina32
7. Voor het leegmaken van het appa-
raat het programma na ca. 4minu-
ten afbreken.
→"Programma afbreken",
Pagina32
8. Het apparaat uitschakelen.
→Pagina32
9. De kraan sluiten.
10.Om het resterende water uit het
apparaat te verwijderen, de toe-
voerslang losmaken en laten leeg-
lopen.
19.4 Afvoeren van uw oude
apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer
kunnen waardevolle grondstoffen op-
nieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezond-
heid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat
opsluiten en in levensgevaar gera-
ken.
▶ Bij afgedankte apparaten de stek-
ker van het netsnoer uit het stop-
contact halen, daarna het netsnoer
doorknippen en het slot van de ap-
paraatdeur dusdanig beschadigen,
dat de apparaatdeur niet langer
sluit.
1. De stekker van het netsnoer uit het
stopcontact trekken.
2. Het netsnoer doorknippen.
3. Voer het apparaat milieuvriendelijk
af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of
deelraadskantoor kunt u informatie
verkrijgen over de actuele afvoer-
methoden.
Dit apparaat is geken-
merkt in overeenstem-
ming met de Europese
richtlijn 2012/19/EU be-
treffende afgedankte
elektrische en elektroni-
sche apparatuur (waste
electrical and electronic
equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het ka-
der aan voor de in de
EU geldige terugneming
en verwerking van oude
apparaten.

Servicedienst nl
51
Servicedienst
20 Servicedienst
Servicedienst
Originele vervangende onderdelen
die relevant zijn voor de werking in
overeenstemming met de desbetref-
fende Ecodesign-verordening kunt u
voor de duur van ten minste 10 jaar
vanaf het moment van in de handel
brengen van het apparaat binnen de
Europese Economische Ruimte bij
onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking:Het inschakelen van de
servicedienst in het kader van de fa-
brieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de ga-
rantieperiode en garantievoorwaar-
den in uw land kunt u opvragen bij
onze servicedienst, uw dealer of op
onze website.
Als u contact opneemt met de servi-
cedienst, hebt u het productnummer
(E-Nr.) en het productienummer (FD)
van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de service-
dienst vindt u in de meegeleverde
servicedienstlijst of op onze website.
20.1 Productnummer (E-nr.)
en productienummer
(FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het
productienummer (FD) vindt u op het
typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje vindt u aan de bin-
nenkant van de deur van het appa-
raat.
Om uw apparaatgegevens en de ser-
vicedienst-telefoonnummers snel te-
rug te kunnen vinden, kunt u de ge-
gevens noteren.
20.2 AQUA-STOP-garantie
1
In aanvulling op de garantieaanspra-
ken tegen de verkoper op basis van
de koopovereenkomst en op onze fa-
brieksgarantie wordt u schadeloos
gesteld indien aan onderstaande
voorwaarden wordt voldaan.
¡ Als door een fout in het AquaStop-
systeem waterschade wordt ver-
oorzaakt, dan vergoeden wij de
schade van particuliere gebruikers.
Om het waterbeveiligingssysteem
te garanderen moet het apparaat
op het elektriciteitsnet zijn aange-
sloten.
¡ De aansprakelijkheidsgarantie
geldt voor de levensduur van het
apparaat.
¡ Voorwaarde voor aanspraak op
garantie is dat het apparaat met
AquaStop vakkundig en overeen-
komstig ons installatievoorschrift is
opgesteld en aangesloten; hiertoe
behoort ook de vakkundig gemon-
teerde verlenging van de
AquaStop (origineel toebehoren).
Onze garantie heeft geen betrek-
king op defecte toevoerleidingen
of armaturen tot aan de AquaStop-
aansluiting op de kraan.
¡ Tijdens het gebruik van een appa-
raat met AquaStop hoeft u er in
principe niet bij te blijven resp. na
het gebruik om veiligheidsredenen
de kraan dicht te draaien. Alleen
bij langere afwezigheid, bijvoor-
beeld als u een paar weken op va-
kantie gaat, moet de kraan worden
dichtgedraaid.
1
Afhankelijk van de apparaatuitvoering

nl Technische gegevens
52
Technische gegevens
21 Technische gegevens
Technische gegevens
Gewicht Max.: 24kg
Spanning 220 - 240V, 50Hz of 60Hz
Aansluitwaarde 2000 - 2400W
Zekering 10 - 16A
Waterdruk ¡ min. 50kPa (0,5bar)
¡ max. 1000kPa (10bar)
Hoeveelheid binnenstromend water min. 10l/min
Watertemperatuur Koud water.
Warm water max.: 60°C
Capaciteit 6standaardcouverts
Meer informatie over uw model vindt
u op het internet onder https://
eprel.ec.europa.eu/qr/1995016
1
. Dit
webadres verwijst naar de officiële
EU-productdatabank EPREL.
1
Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte




Thank you for buying a
Bosch Home Appliance!
Register your new device on MyBosch now and profit directly from:
• Expert tips & tricks for your appliance
• Warranty extension options
• Discounts for accessories & spare-parts
• Digital manual and all appliance data at hand
• Easy access to Bosch Home Appliances Service
Free and easy registration – also on mobile phones:
www.bosch-home.com/welcome
Looking for help?
You'll find it here.
Expert advice for your Bosch home appliances, help with problems
or a repair from Bosch experts.
Find out everything about the many ways Bosch can support you:
www.bosch-home.com/service
Contact data of all countries are listed in the attached service direc-
tory.
*9001941966*
9001941966 (040527) 550 EG
nl
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY
www.bosch-home.com
A Bosch Company

